Goes, Marconistraat 3. Gemeente Goes. Archeologisch Bureauonderzoek en Inventariserend Veldonderzoek door middel van verkennende boringen.
收藏DANS Data Station Archaeology2014-10-28 更新2026-04-09 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/DANS-ZJ2-7R74
下载链接
链接失效反馈官方服务:
资源简介:
<p>Archeologisch bureauonderzoek en inventariserend veldonderzoek door middel van verkennende boringen t.b.v. sloop en nieuwbouw van bedrijfspand(en) aan de Marconistraat 3 te Goes, gemeente Goes.</p><p>Samengevat kan gesteld worden dat de bodem binnen het plangebied een sterk verstoord profiel vertoont. Door veenontginning in de Late Middeleeuwen en plaatselijke verstoring door de aanleg van olietanks in recente tijd, is het oorspronkelijk bodemprofiel tot op een van minimaal 2,15 meter beneden maaiveld verstoord. De verwachtingswaarden zoals toegekend op basis van het bureauonderzoek kunnen zodoende gehandhaafd blijven. De boorgegevens bevestigen het beeld dat naar voren kwam bij eerder archeologisch onderzoek op de terreinen direct ten westen en directe ten oosten van het plangebied. Ook hier werd grootschalige moernering van het veenlandschap aangetoond. De verwachting voor het niveau pleistoceen dekzand (Laagpakket van Wierden) kon vanwege grote diepteligging niet getoetst worden. Gezien de intactheid van het Laagpakket van Wormer kan de verwachting voor het Laat‐Neolithicum middelhoog blijven. Voor het Hollandveen is de verwachting laag, gezien de afgraving van het veen in de Late Middeleeuwen. Het is mogelijk dat zeer plaatselijk nog intact Hollandveen aanwezig is, daar waar een dam tussen de moerneringsputten is blijven staan. Zodoende vervalt de verwachting voor de Bronstijd tot en met de Romeinse Tijd niet geheel maar blijft deze gehandhaafd op laag. Voor de periode Vroege tot en met de Late Middeleeuwen blijft de verwachting eveneens laag, gezien de verstoring van het Laagpakket van Walcheren bij het afgraven van het onderliggende veen. Voor de Nieuwe Tijd kan de verwachting op het aantreffen van vindplaatsen eveneens laag blijven. Er zijn bij het booronderzoek, overeenkomstig de uitkomsten van het bureauonderzoek, geen aanwijzingen gevonden voor de aanwezigheid van archeologische vindplaatsen uit deze periode binnen het plangebied.</p><p>Ten tijde van voorliggend onderzoek waren de exacte bouwplannen en verstoringsdieptes voor het plangebied nog niet bekend. Op basis van de resultaten van het onderzoek wordt het uitvoeren van vervolgonderzoek niet noodzakelijk geacht.</p>
提供机构:
ArteFact! Advies en Onderzoek in Erfgoed
创建时间:
2014-01-02



