Voormalige Van Gerwen-terrein in Veldhoven. Een Bureauonderzoek en Inventariserend Veldonderzoek in de vorm van een verkennend booronderzoek.
收藏DANS Data Station Archaeology2015-04-29 更新2026-04-09 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/DANS-XU6-FBZP
下载链接
链接失效反馈官方服务:
资源简介:
<p>In opdracht van Rothuizen Architecten Stedenbouwkundigen heeft ADC ArcheoProjecten in juli 2014 een bureauonderzoek uitgevoerd op de locatie van het voormalige Van Gerwen-terrein in Veldhoven. In oktober 2014 is een Inventariserend veldonderzoek uitgevoerd na toetsing van de resultaten van het bureauonderzoek door de gemeente Veldhoven. In het plangebied zal de huidige bebouwing worden gesloopt en vervolgens worden heringericht, waarbij 32 woningen gebouwd zullen worden.Op basis van het bureauonderzoek werd in de ondergrond van het plangebied een hoger gelegen dekzandrug verwacht. Op en in het dekzand heeft zich vermoedelijk een enkeerdgrond gevormd. Eventuele archeologische resten uit de periode tot de Middeleeuwen zullen voorkomen onder het plaggendek en in de top van de oorspronkelijke C-horizont. Een eventuele vondstenlaag zal zijn opgenomen onderin het plaggendek hier wordt ook wel van ‘cultuurlaag’ gesproken: een doorwerkte oude bodem tussen de ophooglaag en de ongeroerde ondergrond met kleine fragmenten aardewerk, natuursteen, vuursteen en houtskool. Organische resten en bot zullen door de relatief droge en zure bodemomstandigheden slecht zijn geconserveerd.Afhankelijk van de ouderdom van het plaggendek, zullen eventuele archeologische resten uit de periode vanaf de Middeleeuwen en Nieuwe tijd in het plaggendek of aan het maaiveld voorkomen. Hierbij kan worden gedacht aan funderingsresten van een boerderij of van bijgebouwen en waterputten. De kans op waardevolle archeologische resten uit deze perioden wordt echter klein geacht. Op basis van historisch kaartmateriaal wordt namelijk duidelijk dat het gebied tot de 20e eeuw onbebouwd en in gebruik als bouwland is geweest.Teneinde deze verwachting te toetsen en aan te vullen werd in het plangebied een verkennend booronderzoek uitgevoerd. Tevens zijn twee profielputjes gegraven. In het plangebied bestaat de onderste aangeboorde laag uit onverstoord dekzand (C-horizont; Formatie van Boxtel, Laagpakket van Wierden). De top van het zand wordt op variabele diepten (ten opzichte van maaiveld) aangetroffen; minimaal op 25 cm -mv in boring 4, maximaal op 190 cm -mv in boring 2 en gemiddeld op 80 cm -mv. Op het dekzand is in het merendeel van de boringen een scherpe overgang zichtbaar naar meerdere lagen humeuze, opgebrachte en/of omgewerkte grond. De dikte van het humeuze dek is echter variabel; het ontbreekt bijvoorbeeld in boring 4 en is 190 cm dik in boring 2. Over het algemeen is het dek 70 cm dik. In de boringen 1, 2, 7, 9 wordt tot in de basis van het humeuze dek recent materiaal zoals glas, plastic en sintels aangetroffen.Het voorkomen van recent materiaal in combinatie met de sterk wisselende dikte van het pakket en de scherpe overgang naar het onderliggende dekzand duidt op een sterke verstoring van de bodem. Van een natuurlijk bodemprofiel is hier geen sprake. Vermoedelijk is de bodemverstoring het resultaat van grondwerkzaamheden ten behoeve van de aanleg van de bedrijfspanden.In het oostelijke deel van het plangebied (ter hoogte van de boringen 3, 5, 6 en 10) is het oorspronkelijke bodemprofiel van een enkeergrond nog gedeeltelijk aanwezig. Hier is van vanaf de C-horizont van het dekzand een geleidelijke overgang zichtbaar naar een 60 cm dikke opgebrachte laag grond, die van grijsbruin naar bruingrijs kleurt. Deze grond wordt geïnterpreteerd als plaggendek. Tussen de C-horizont enhet plaggendek is mogelijk een overgangslaag aanwezig.Op basis van het veldonderzoek is gebleken dat in het centrale tot oostelijke deel van plangebied nog steeds archeologische resten aanwezig kunnen zijn. ADC ArcheoProjecten adviseert om in het oostelijke deel van plangebied een inventariserend veldonderzoek uit te voeren door middel van het aanleggen van proefsleuven (IVO-P). Het doel van dit onderzoek is het onderzoeken van aan- of afwezigheid van archeologische resten als ook de gaafheid, omvang, datering en conservering ervan.In eerste instantie geldt het advies alleen voor het oostelijke deel (ter hoogte van boringen 3, 5, 6 en 10) een sleuf aan te leggen. Indien uit dit onderzoek blijkt dat er behoudenswaardige resten aanwezig zijn, kan het onderzoek worden uitgebreid naar aangrenzende delen van het plangebied. De exacte invulling van de werkzaamheden dient te worden vastgelegd in een door de bevoegde overheid goed te keuren Programma van Eisen (PvE).Wij wijzen u erop dat de bevoegde overheid op basis van dit rapport een selectiebesluit neemt. De mogelijkheid bestaat dat dit selectiebesluit afwijkt van het door ons opgestelde advies.</p>
提供机构:
ADC ArcheoProjecten
创建时间:
2015-04-30



