Haarlem Hannie Schaftstraat 38-166 Booronderzoek
收藏DANS Data Station Archaeology2025-06-22 更新2026-04-09 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/DANS-ZVU-JX3B
下载链接
链接失效反馈官方服务:
资源简介:
<p>In opdracht van Ymere te Amsterdam heeft ADC ArcheoProjecten een bureauonderzoek en een inventariserend veldonderzoek uitgevoerd voor het plangebied Hannie Schaftstraat 38-166 in Haarlem. In het plangebied zal de bestaande bebouwing worden gesloopt en zal vervangende nieuwbouw van woningen plaats vinden. Op de archeologische beleidsadvieskaart van de gemeente Haarlem (ABH) ligt het plangebied in een zone met een lage archeologische verwachting (categorie 4). Dit betekent dat bij bodemverstorende activiteiten van meer dan 2500 m2 en dieper dan 30 cm -mv een archeologisch rapport overlegd dient te worden. Het onderzoek is uitgevoerd in het kader van een aanvraag van twee bouwvergunningen en was noodzakelijk om te bepalen of bij de voorgenomen activiteiten de kans bestaat dat archeologische resten in de ondergrond worden aangetast.</p><p>Op basis van het bureauonderzoek is de volgende gespecificeerde verwachting opgesteld. In het hele plangebied worden archeologische waarden verwacht vanaf het Late Neolithicum. Archeologische waarden tot de IJzertijd zullen zich in de top van de strandwal en eventueel in de randzone van de aangrenzende strandvlakte bevinden. De strandwal van Heemstede - Spaarnwoude vormt ter plaatse van het onderzoeksgebied geen aaneengesloten geheel, maar bestaat uit verschillende delen. Vanwege het ontbreken van voldoende gegevens wordt echter de geologische kaart in dit deel van Haarlem minder betrouwbaar geacht. Daarom is het niet bekend of er in de ondergrond van het plangebied daadwerkelijk een strandwal aanwezig is en zo ja wat de diepteligging daarvan is.</p><p>In de periode IJzertijd - Vroege Middeleeuwen vernatte het gebied en trad veengroei op, waarbij zowel de strandvlaktes en als ook de strandwal van Heemstede - Spaarnwoude overgroeid raakte met veen. Uit onderzoek in de Veerpolder, waarbij restanten van een 12de eeuwse huisplaats zijn blootgelegd, is gebleken dat ook op het veen bewoning plaats vond. Over de omvang en periode van deze bewoning is tot op heden echter weinig bekend. Aangenomen wordt dat de huisplaatsen in de loop van de Late Middeleeuwen werden verlaten als gevolg van overstromingen vanuit het Spaarne en de Liede en afgedekt werden met klei. Aan het eind van de Late Middeleeuwen en in de Nieuwe tijd werd het gebied vanaf de oevers van het Spaarne en de Liede ontgonnen. In de top van het veen en/of kleidek (IJ-afzettingen) kunnen archeologische waarden verwacht worden die samenhangen met de ontginning van het gebied, zoals ontginningssloten en -greppels. Op oude kaarten zijn geen aanwijzingen voor de aanwezigheid van bewoning te vinden. Bewoningsresten worden daarom niet verwacht.<br>In de jaren '50 werd de huidige woonwijk ('Slachthuisbuurt') aangelegd. Het is aannemelijk dat bij het opbrengen van een ophogingpakket de bodem is verstoord. De top van de strandafzettingen zal, behalve ter plaatse van heipalen, echter grotendeels intact zijn.</p><p>Teneinde deze verwachting te toetsen werd in het plangebied verkennend booronderzoek uitgevoerd. Uit het booronderzoek blijkt dat het plangebied is gelegen in een strandvlakte. De diepere ondergrond, beneden 235 tot 355 -mv (respectievelijk 2,04 tot 3,06 m - NAP) wordt gevormd door een veenpakket. Het bovenste deel van het veen is veraard en kan worden beschouwd als een potentieel vondst- en/of sporenniveau. Het bevat baksteen- en puinresten, die echter gerelateerd zijn aan bemesting met stadsafval. De kans op de aanwezigheid van een huisplaats wordt zeer klein geacht. Indien aanwezig zal deze door agrarische activiteiten in de Late Middeleeuwen en Nieuwe tijd zijn verstoord. Het veen wordt afgedekt door een 170 tot 300 cm dik zandpakket, gerelateerd aan de aanleg van de woonwijk in de jaren '50. De bovengrond wordt gevormd door een 25 tot 80 cm dik pakket matig humeus zand. Eventuele archeologische waarden zullen slechts beperkt verstoord worden bij het aanbrengen van heipalen. Het merendeel van de voorgenomen ingrepen zal binnen het 20ste eeuwse ophogingspakket plaats vinden.</p><p>ADC ArcheoProjecten adviseert om het terrein vrij te geven voor de voorgenomen ontwikkeling. Het is echter niet volledig uit te sluiten dat binnen het onderzochte gebied toch nog archeologische resten voorkomen. Het verdient daarom aanbeveling om de uitvoerder van het grondwerk te wijzen op de plicht archeologische vondsten te melden bij het bevoegde overheid, zoals aangegeven in artikel 53 van de Monumentenwet.</p>
创建时间:
2010-12-08



