Hellendoorn Hellendoorn Eelerberg Booronderzoek
收藏DANS Data Station Archaeology2025-06-22 更新2026-04-09 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/DANS-Z9P-75JT
下载链接
链接失效反馈官方服务:
资源简介:
<p>In opdracht van de Dienst Landelijk Gebied regio Oost te Zwolle heeft ADC ArcheoProjecten een bureauonderzoek en een inventariserend veldonderzoek uitgevoerd voor het plangebied Eelerberg in Hellendoorn (gemeente Hellendoorn). In het plangebied zal natuurontwikkeling plaats vinden. Het onderzoek is uitgevoerd in het kader van de ecologische hoofdstructuur (EHS) en was noodzakelijk om te bepalen of bij de voorgenomen activiteiten de kans bestaat dat archeologische resten in de ondergrond worden aangetast.</p><p>In het hele plangebied kunnen direct aan of onder het maaiveld archeologische resten worden verwacht uit alle archeologische perioden. Gezien de aanwezigheid van grafheuvels in de omgeving moet in het bijzonder rekening worden gehouden met resten uit het Neolithicum, IJzertijd en Bronstijd. Op basis van oude kaarten, waarop het gebied als woeste gronden is weergegeven, wordt de kans op resten uit de Late Middeleeuwen en de Nieuwe tijd klein geacht.<br>Op basis van de Bodemkaart van Nederland1 bevindt het plangebied zich in een zone met veldpodzolgronden. Het vondstniveau wordt verwacht in de eerste ca. 30 cm beneden het maaiveld.</p><p>Archeologische sporen (uitgezonderd diepe paalsporen, waterputten etc.) worden binnen ca. 50 cm beneden het maaiveld verwacht.2 De verwachte archeologische resten bestaan hoofdzakelijk uit aardewerk- of vuursteenstrooiïngen. Organische resten (zoals bot, hout, leder en textiel) zullen door de relatief droge en zure bodemomstandigheden slecht zijn geconserveerd.3 Als gevolg van de ondiepe ligging van de archeologische resten bestaat de kans deze geheel of gedeeltelijk zijn verploegd.<br>De beperkte beschikbare gegevens laten niet toe, het complextype en de omvang van de verwachte resten nader te specificeren. Teneinde deze verwachting te toetsen werd in het plangebied een verkennend booronderzoek (specificatie VS03) uitgevoerd.</p><p>Uit het booronderzoek is gebleken dat de ondergrond van het plangebied bestaat uit dekzand (Laagpakket van Wierden, Boxtel Formatie), vermoedelijk zogenoemd 'jong dekzand'.</p><p>Conform het bureauonderzoek bestaat de bodem in het plangebied uit veldpodzolgronden. In zes boringen is een humusinspoelingshorizont (Bh-horizont) aangetroffen. In de andere boringen zijn geen resten van een podzolbodem aangetroffen waargenomen. Vermoedelijk zijn deze door grondbewerking opgenomen in de 20 tot 50 cm dikke humushoudende bovengrond (Aap-horizont). In enkele boringen is ook de top van het dekzand (C-horizont) hierin opgenomen.</p><p>Met uitzondering van de noordrand van het plangebied waar een verstoord bodemprofiel is vastgesteld, kunnen onder de humushoudende bovengrond in de top van het dekzand eventuele archeologische sporen en/of vondsten nog gedeeltelijk bewaard zijn gebleven. De aanwezigheid van de mens in het gebied blijkt in elk geval uit de aanwezigheid van grafheuvels uit het Neolithicum, Brons- en IJzertijd, die zich ten westen van het plangebied bevinden.<br>Bij het graven van de poelen en het verwijderen van de humushoudende bovengrond zullen eventuele archeologische sporen en/of vondsten beschadigd dan wel vernietigd worden. De omvang van de bodemverstoring zal evenwel relatief beperkt zijn.</p><p>Het is niet volledig uit te sluiten dat binnen het onderzochte gebied archeologische resten voorkomen.</p><p>Om de op het bureauonderzoek gebaseerde gespecificeerde verwachting voldoende te kunnen aanvullen en toetsen, adviseert ADC ArcheoProjecten om in het plangebied tijdens de aanleg van de poelen in een archeologische begeleiding te voorzien. De archeologische begeleiding dient hetzelfde doel als een inventariserend veldonderzoek door middel van het aanleggen van proefsleuven (IVO-P). Dit betekent dat indien bij de civiele werkzaamheden toch vondsten of archeologische sporen worden aangetroffen, deze worden geregistreerd en, in zover de werkzaamheden dat toelaten, worden gedocumenteerd.</p><p>De exacte invulling van de werkzaamheden dient te worden vastgelegd in een door de bevoegde overheid goed te keuren Programma van Eisen (PvE).</p><p>Het verdient verder de aanbeveling om de uitvoerder van het grondwerk te wijzen op de plicht archeologische vondsten te melden bij de bevoegde overheid, zoals aangegeven in artikel 53 van de Monumentenwet.</p><p>Het is niet uit te sluiten dat buiten het voor vervolgonderzoek geselecteerde gebied toch nog archeologische resten voorkomen. Daarom merken wij op dat het aanbeveling verdient om de uitvoerder van het grondwerk te wijzen op de plicht archeologische vondsten te melden bij de bevoegde overheid, zoals aangegeven in artikel 53 van de Monumentenwet.</p>
创建时间:
2009-11-02



