five

Archeologisch bureau- en booronderzoek aan Hoofdweg 91 te Schildwolde, gemeente Slochteren (GR)

收藏
Mendeley Data2024-01-31 更新2024-06-27 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/dans-xy3-mprn
下载链接
链接失效反馈
官方服务:
资源简介:
De aanleiding tot het hier beschreven archeologisch bureau- en inventariserend veldonderzoek (IVO) zijn de plannen voor de uitbreiding van de C1000-supermarkt aan Hoofdstraat 91 te Schildwolde. Omdat deze plannen met bodemverstorende ingrepen gepaard gaan, is er een archeologisch vooronderzoek noodzakelijk. Dit onderzoek wordt uitgevoerd conform de Wet op de Archeologische Monumentenzorg. De heer K.J. Spithoff heeft MUG Ingenieursbureau, afdeling Archeologie, opdracht gegeven de onderzoeken uit te voeren. De onderzoeken bestaan uit een bureau- en een booronderzoek.Het onderzoeksgebied bestaat deels uit het achtererf van woningen en deels uit de daaraan grenzende akkers of weilanden. Uit het bureauonderzoek blijkt dat het onderzoeksgebied op een glaciale rug ligt waarop dekzand is afgezet. Ten zuiden van deze rug heeft veengroei plaatsgevonden. Ten tijde van de veengroei zal de rug nog lange tijd bewoonbaar zijn geweest en daarom moet er rekening gehouden worden met de aanwezigheid van mogelijke vuursteenvindplaatsen. In de middeleeuwen wordt de veenontginning ter hand genomen en wordt het dorp Schildwolde gesticht. Het gebied was in de periode tussen de bronstijd en de middeleeuwen door de aanwezigheid van het veen mogelijk niet aantrekkelijk als woongebied. Binnen het onderzoeksgebied kunnen archeologische resten uit zowel de steentijd als uit de periode middeleeuwen en de nieuwe tijd voorkomen. Er moet rekening gehouden worden met bodemverstoringen als gevolg van activiteiten die op en rond het erf plaatsvinden. Bij een intacte bodem moet rekening gehouden worden de aanwezigheid van in situ archeologische resten.Uit het booronderzoek blijkt echter dat de bodemopbouw binnen een groot deel van het onderzoeksgebied niet meer intact is. In het noord(west)elijke deel van het onderzoeksgebied is het terrein circa 1,2 m opgehoogd. De voorgenomen bodemingrepen op dit deel blijven beperkt tot de opgebrachte bodemlaag. In het zuid(oost)elijke deel van het onderzoeksgebied zal het terrein opgehoogd worden om aan te sluiten bij de bestaande parkeerplaats. Hier zullen geen bodemverstorende ingrepen plaatsvinden. Op grond van de resultaten van het booronderzoek wordt de opdrachtgever aanbevolen om op het onderzoeksgebied geen verder archeologisch onderzoek uit te voeren. De trefkans op intacte archeologische resten is zeer gering.Het bovenstaande betreft een aanbeveling. Het selectiebesluit is voorbehouden aan de bevoegde overheid, in deze de gemeente Slochteren. Te allen tijde dient bij het afgeven van een omgevingsvergunning de wettelijke meldingsplicht (ex artikel 53 Monumentenwet 1988) kenbaar te worden gemaakt om het documenteren van toevalsvondsten te garanderen: “Degene die anders dan bij het doen van opgravingen een zaak vindt waarvan hij weet dan wel redelijkerwijs moet vermoeden dat het een monument is (in roerende of onroerende zin), meldt die zaak zo spoedig mogelijk bij onze minister”. Deze aangifte dient te gebeuren bij de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, in casu de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (vondstmelding via Archis). Tevens is het raadzaam de verantwoordelijk ambtenaar van de gemeente hiervan in kennis te stellen. In de praktijk geschiedt de melding bij de gemeentelijk of provinciaal archeoloog.
创建时间:
2024-01-31
二维码
社区交流群
二维码
科研交流群
商业服务