Transect-rapport 2158: Archeologisch bureauonderzoek en inventariserend veldonderzoek, verkennende fase. Swifterbant, Rivierduinweg 8, Gemeente Dronten (FL).
收藏DANS Data Station Archaeology2019-06-05 更新2026-04-09 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/DANS-X3D-GUH8
下载链接
链接失效反馈官方服务:
资源简介:
<p>In april 2019 is een archeologisch vooronderzoek uitgevoerd in een plangebied aan de Rivierduinweg 8 in Swifterbant (gemeente Dronten). De aanleiding van het onderzoek is het voornemen om een bestemmingsplanwijziging door te voeren en een nieuwe bewaarloods voor agrarische producten en een nieuwe werktuigberging te realiseren in het plangebied. Bij de voorgenomen werkzaamheden van de nieuwbouw zal grondverzet plaatsvinden, waardoor de oorspronkelijke bodem en daarmee eventueel aanwezige archeologische resten in het gebied kunnen worden verstoord.</p><p>Volgens het bestemmingsplan Buitengebied Dronten (2016) geldt de dubbelbestemming Waarde – Archeologie 2 in het plangebied. Onderhavig onderzoek is gericht op het vaststellen van de noodzaak tot het handhaven, wijzigen of schrappen van deze dubbelbestemming in het nieuwe bestemmingsplan. Binnen de bestaande dubbelbestemming geldt dat voor bouwwerken die groter zijn dan 100 m2 en dieper dan 40 cm -Mv een archeologisch onderzoek noodzakelijk is. Het plangebied heeft een oppervlakte van circa 8.500 m², waarvan in de nabije toekomst circa 4.000 m² bebouwd zal worden. Aangezien de voorgenomen bouwplannen deze planregels overschreden, is in het kader van de aanvraag van een omgevingsvergunning vooralsnog een archeologisch vooronderzoek nodig.</p><p>Het doel van het archeologisch bureauonderzoek is het specificeren van de archeologische verwachting aan de hand van beschikbare informatie over de archeologie, cultuurhistorie, geomorfologie, bodemkunde en grondgebruik binnen en rondom het plangebied. Om de gespecificeerde archeologische verwachting te toetsen, en waar mogelijk bij te stellen, is een inventariserend veldonderzoek, verkennende fase uitgevoerd in het plangebied.</p><p>Conclusie<br>Op basis van het gecombineerde bureau- en veldonderzoek is vast te stellen dat het plangebied een lage verwachting kent op het aantreffen van intacte archeologische waarden uit de periode Mesolithicum tot en met de Nieuwe tijd. Hoewel vooraf werd verwacht rivierduinen of oeverwallen aan te treffen in het plangebied binnen 2,0 m -Mv, zijn deze tijdens het veldonderzoek niet aangetroffen. In de ondergrond is sprake van een vroegholocene beekgeul, die overveend is geraakt vanaf het Laat-Neolithicum. De top van het veen is vervolgens geërodeerd door Zuiderzee-afzettingen, waarvan aan de oostzijde van het plangebied eveneens een geul aangetroffen is. Dergelijke afzettingen zijn gedurende het Meso- en Neolithicum niet geschikt geweest voor bewoning. Daarom is de hoge verwachting op het aantreffen van nederzettingsresten uit deze periode naar een lage verwachting bij te stellen. Theoretisch kunnen nog sporen van landgebruik en terreininrichting samenhangend met natte contexten worden aangetroffen (visfuiken, aanlegsteigers etc.), maar deze zijn met regulier prospectief onderzoek niet op te sporen. Daarnaast betekent de aanwezigheid van een Zuiderzeegeul dat theoretisch nog sprake is van een verwachting op het aantreffen van scheepswrakken. Het overgrote deel van deze scheepswrakken is echter reeds in kaart gebracht. Het is onwaarschijnlijk dat deze zich nog in het plangebied bevinden.</p>
提供机构:
Transect
创建时间:
2019-06-06



