Krotten (1706-1920) in een tuin tegen een oude gracht. Archeologisch onderzoek Notaristuin-Bossesteeg te Winterswijk Krotten (1706-1920) in een tuin tegen een oude gracht. Archeologisch onderzoek Notaristuin-Bossesteeg te Winterswijk
收藏DANS Data Station Archaeology2018-12-31 更新2026-04-09 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/DANS-XS5-AVBU
下载链接
链接失效反馈官方服务:
资源简介:
<p><p>In opdracht van Saanen Architecten heeft RAAP in mei 2018 een archeologische opgraving uitgevoerd in verband met de realisatie van een winkelruimte met bovenliggende woonruimtes in de dorpskern van Winterswijk. Het primaire doel van deze opgraving was het veilig stellen van de wetenschappelijke informatie van deze vindplaats die tijdens archeologisch vooronderzoek is aangetroffen (behoud ex situ). Bij het onderzoek zijn aan de straatzijde van de Bossesteeg fundamenten van woonhuizen blootgelegd en is op het achterterrein aan de huidige Notaristuin een gracht aangetroffen.<br><h4><b>Bewoning Bossesteeg</b></h4> <p>De fundamenten hebben toebehoord aan kleine krotwoningen die in de vroege achttiende eeuw zijn ondergebracht in een grote schuur aan de Bossesteeg. De bebouwing aan de Bossesteeg bestaat uit een rechthoek van ongeveer 25 bij 12,5 meter, waarvan ongeveer 12 bij 12 m is blootgelegd. Binnen de rechthoek is een binnenindeling van dwarsmuren, kelders en stiepen zichtbaar. Uit historische gegevens blijkt dat sprake is van “een schuur met vijf disti ncte woningen daarin”. Historicus Te Voortwis beschrijft de in de schuur ondergebrachte kleine wooneenheden als krotwoningen, huisvesting voor paupers. Dit wordt bevestigd door het vondstmateriaal dat vooral uit de negentiende eeuw stamt met een doorlooptijd tot het begin van de twintigste eeuw.<br><p>Slechts enkele vondsten gedaan bij de opgravingen zijn dateerbaar in de zestiende en zeventiende eeuw. Zeer waarschijnlijk is er wel bewoning of gebruik van het perceel geweest in die periode, bestaande uit houten gebouwen. Daarvan zijn echter nauwelijks sporen teruggevonden. Wel werden grote kuilen of vergravingen aangetroffen met daarin grote hoeveelheden verbrande leem en keramisch bouwmateriaal. Dit gegeven is mogelijk te koppelen aan de grote stadsbrand van 1552 die vooral woedde aan deze zijde van het dorp.<br><p>Achter de opgegraven huizen bevond zich een grote tuin of erf die in 1832 nog niet of nauwelijks verkaveld was. De bij de opgraving geregistreerde greppels en kuilen zijn dan ook zeker van na die tijd.<br>Opvallend was dat deze grondsporen exact stopten bij de aangetroffen gracht.<br><h4><b>Gracht</b></h4> <p>Bij eerder archeologisch onderzoek is ook een gracht ten oosten van de Wooldstraat gedocumenteerd.<br>Omdat deze gracht een breedte van wel 20 meter heeft gehad en een min of meer vergelijkbare datering (dendrochronologische analyse van hout) in 1185 heeft opgeleverd, lijkt sprake van één grachtstelsel. Uit historisch onderzoek is gebleken dat sprake is van een Borghgraven (rondom de kerk) en Stadtgraven (Wooldstraat en Weurden vernoemd naar voorstad en duidelijk gescheiden van de kern rondom de kerk). Voor beide geldt een lange gebruiksduur daar beide grachtelementen in de vroege zestiende eeuw nog zijn opgeschoond of herstelt als verdedigingslinie.<br><p>Tot dusver is aangenomen dat beiden met elkaar in verbinding hebben gestaan. Gaan we echter uit van afzonderlijke grachten en gebruikmakend van historisch en historisch-geografische gegevens, kan een nieuw scenario geschetst worden. De gracht ten zuiden van de Bossesteeg vormt een ovaal met de noordelijke hoek van de Wooldstraat en de Bossesteeg als middellijn. Met het enige tijnsplichtige perceel van de heren van Bredevoort aan de Misterstraat, ter hoogte van de Bossesteeg, zou dit het voormalige domein van Starkenrode kunnen zijn.<br><p>De oostelijk van de Jacobskerk gelegen percelen, ten noorden van de Ratumsestraat vormt het kerkelijke domein van het St. Mauritiusstift uit Münster. Aanwijzingen voor een omgrachting zijn er niet.<br>Hoewel Te Voortwis vele bronnen met betrekking tot graven of grachten benoemd, kunnen dat ook kleinere greppels, of erfscheidingen zijn geweest. De gracht ten oosten van de Wooldstraat met de bocht naar het beekdal, precies ten zuiden het kerkelijke domein, en geheel doorlopend tot aan de Weurden in het zuiden kan gezien worden als infrastructurele ingreep: bevaarbare beek, molenloop of –kolk of simpelweg regulering van de waterhuishouding.<br><p>Uiteraard is ook deze zienswijze gebaseerd op aannames en blijft het zinvol alert te reageren op bodemingrepen in het centrum van Winterswijk. Dit geldt niet alleen voor het rijke vol-middeleeuwse, religieuze verleden of het illustere Starkerode, zeker ook voor de vroegmiddeleeuwse oorsprong van Winterswijk in de achtste of negende eeuw en de pre-Christelijke Germaanse nederzetting, zoals die blijken uit slechts een enkele (her-)bestudering van de vondsten uit de gearchiveerde Goorhuis - collectie.</p>
提供机构:
RAAP Archeologisch Adviesbureau
创建时间:
2019-01-01



