five

Transect-rapport 2764: Een inventariserend veldonderzoek d.m.v. proefsleuven, karterende en waarderende fase. Ewijk, Klaphekstraat (ong.), Gemeente Beuningen (GD).

收藏
DANS Data Station Archaeology2020-07-19 更新2026-04-09 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/DANS-234-8YG7
下载链接
链接失效反馈
官方服务:
资源简介:
<p>In april 2020 is een archeologisch proefsleuvenonderzoek uitgevoerd aan de Klaphekstraat te Ewijk, (gemeente Beuningen). De aanleiding voor het onderzoek is de realisatie van twee woningen. Het plangebied heeft een oppervlakte van ca. 2.925 m². </p><p>Op de archeologische verwachtingskaart van de gemeente Beuningen heeft het plangebied een hoge archeologische verwachting en ligt het gedeeltelijk op een oude woongrond. Hierbij zijn bodemingrepen archeologisch onderzoeksplichtig wanneer ze groter zijn dan 100 m2 en dieper dan 30 cm -Mv. In het kader van de beoogde bestemmingsplanwijziging is een archeologische waardestelling noodzakelijk.</p><p>In maart 2019 is een archeologisch vooronderzoek uitgevoerd binnen het plangebied (Melman 2020). Op basis van het vooronderzoek is de volgende verwachting vastgesteld: een hoge verwachting op archeologische resten uit de periode Neolithicum – Nieuwe tijd, aangezien er sprake is van een oude woongrond in het plangebied en er oever- en beddingafzettingen van de Winssen stroomrug zijn aangetroffen. De bevoegde overheid heeft vervolgens besloten dat een archeologisch proefsleuvenonderzoek (KNA 4.1, protocol 4003 Inventariserend veldonderzoek) uitgevoerd dient te worden.</p><p>Resultaten<br>In het plangebied zijn onder de bouwvoor oeverafzettingen aangetroffen van de Winssen stroomgordel. In het noordwesten zijn twee fases van oeverafzettingen aangetroffen met in de top van de oudste fase (een deel van) een cultuurlaag. Deze laag kon met behulp van aardewerkfragmenten in de Late-Bronstijd/IJzertijd geplaatst worden. In de rest van het plangebied is alleen de jongste fase oeverafzettingen (op het beddingzand) aanwezig, die vanwege het gecombineerd voorkomen van vondsten met een afwisselende datering tot in de Nieuwe tijd doorwerkt en/of verploegd is. Van een heuse woongrond lijkt op basis van het onderzoek praktisch geen sprake.</p><p>In de top van de diepste oeverafzettingen zijn twee sporen uit de prehistorie (Late-Bronstijd/IJzertijd) aangetroffen. Het betreft een greppel en een kuil. Vondstmateriaal dat in de kuil is aangetroffen betreft dierlijk bot (fragmenten tand) en handgevormd gereduceerd aardewerk uit de Late-Bronstijd/IJzertijd. Dit gebruiksaardewerk kon – vanwege het ontbreken van specifieke kenmerken – niet nauwkeuriger gedateerd worden. Het betreffen resten die mogelijk kunnen worden toegeschreven aan het complextype ‘sporen van nederzetting’, maar met een kanttekening, want het betreffen solitair gelegen sporen. Mogelijk gaat het om de uitlopers van nabijgelegen vindplaatsen. Duidelijke sporen van een (intacte) nederzetting of woongrond zijn immers niet aanwezig gebleken.</p><p>Ten slotte is een solitaire kuil uit de Nieuwe tijd aangetroffen in de top van de geroerde oeverafzettingen.</p>
提供机构:
Transect
创建时间:
2020-07-07
二维码
社区交流群
二维码
科研交流群
商业服务