five

Aanvullend archeologisch vooronderzoek in het kader van nieuwbouw op de hoek van de Kalverstraat en Tilburgseweg te Goirle, gemeente Goirle

收藏
Mendeley Data2024-04-11 更新2024-06-27 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/dans-xj2-kwbu
下载链接
链接失效反馈
官方服务:
资源简介:
Vestigia Archeologie & Cultuurhistorie heeft een aanvullend archeologisch vooronderzoek uitgevoerd voor een plangebied op de hoek van de Kalverstraat/Tilburgseweg te Goirle, gemeente Goirle (afbeelding 1, kaart 1). Het aanvullende onderzoek bestond uit een inventariserend veldonderzoek door middel van verkennende boringen. Het plangebied heeft een oppervlakte van ca. 2319 m2, en bestaat uit een braakliggende zone, momenteel ingericht als parkje.Binnen het plangebied wordt nieuwbouw gerealiseerd (afbeelding 2). Aan de Tilburgseweg zal het nieuwe gebouw een commerciële bestemming krijgen. Naast een deels commerciële invulling zullen binnen het gebouw aan de Kalverstraat ook appartementen worden gerealiseerd. Achter de twee gebouwen wordt een parkeerterrein aangelegd. In afbeelding 2 is een schetsontwerp van de geplande bebouwing opgenomen. Voor de gebouwen wordt een fundering van ca. 30 cm voorzien. De plannen worden nog nader uitgewerkt.Voorafgaand aan de ingrepen dient in het kader van het bestemmingsplan in kaart worden gebracht of er eventuele archeologische waarden in het geding zijn. Gezien de aard van de ingrepen (nieuwbouw) zullen deze naar verwachting mogelijk tot in het archeologisch relevante niveau reiken.In het kader van dit project is in 2021 reeds een archeologisch bureauonderzoek uitgevoerd. Aan de hand van de beschikbare landschappelijke en archeologische gegevens gold voor het gehele plangebied een middelhoge tot hoge archeologische verwachting. Deze verwachting werd met name versterkt door de mogelijke aanwezigheid binnen het plangebied van een esdek, waaronder eventuele archeologische resten goed geconserveerd zouden kunnen zijn. Derhalve is op basis van het bureauonderzoek geadviseerd om een vervolgonderzoek door middel van verkennende boringen uit te voeren om het verwachtingsmodel te toetsen en de aanwezigheid en dikte van een mogelijk esdek in kaart te brengen.Het veldonderzoek is vervolgens uitgevoerd op 25 januari 2022. De natuurlijke ondergrond binnen het plangebied bestaat uit dekzand; matig tot zeer fijn zwak siltig zand. Het dekzand bevindt zich op ca. 15,9 m +NAP, of dieper op de locaties die verder verstoord zijn. Er zijn geen aanwijzingen voor bodemvorming of podzolering aangetroffen in het dekzand. Boven het dekzand is sprake van een verstoord pakket, veelal met baksteen en betonpuin, afkomstig van de voorgaande bebouwing en sloop binnen het plangebied.Op basis van het bureauonderzoek werd rekening gehouden met de mogelijke aanwezigheid van een esdek binnen het plangebied. Aan de oostzijde is in één boring (boring 7) sprake van een humeuze laag die mogelijk als de onderkant van een esdek kan worden gekwalificeerd. Het betreft zoals gezegd een enkele boring, en ook de interpretatie als esdek is onzeker. Met de ligging op het voormalige achtererf kunnen we ook te maken hebben met het restant van een tuin- of moesbed. In deze boring was een scherpe overgang tussen de humeuze laag en het dekzand, op 15,6 m +NAP.In de boringen aan de straatzijde waar de voormalige bebouwing heeft gestaan, ging de door de bouw en sloop verstoorde puinhoudende laag op ca. 15,6 tot 15,9 m +NAP over in het dekzand (boring 1 t/m 4). Voor zover er sprake was van bodemvorming, is deze opgenomen in de verstoorde bovenlaag. In de boring met het mogelijke esdek of tuin- of moesbed lag deze overgang eveneens op ca. 15,6 m +NAP, waarbij er eveneens geen aanwijzingen waren voor bodemvorming. Omdat in de andere boringen de overgang van de verstoorde bovenlaag naar het dekzand dieper lag dan 15,6 m +NAP, kan er van worden uitgegaan dat de top van het dekzand daar ook is verdwenen. Dat betekent dat de kans op de aanwezigheid binnen het plangebied van een intacte archeologische vindplaats als laag moet worden ingeschat.AdviesGezien de aangetroffen bodemopbouw en de afwezigheid van primaire of secundaire archeologische indicatoren moet de kans dat bij de geplande ingrepen een intacte archeologische vindplaats wordt geschaad als laag worden ingeschat. De locatie waar de nieuwbouw zal plaatsvinden is reeds door de voorgaande bouw en sloop diepgaand tot in de top van het dekzand verstoord. In de rest van het plangebied zullen alleen ondiepe ingrepen plaatsvinden voor de aanleg van verharding voor parkeerplaatsen, maar hier is de bodem in ieder geval tot 130-140 cm -mv verstoord zodat deze ingrepen in het verstoorde pakket zullen plaatsvinden. Vestigia Archeologie & Cultuurhistorie adviseert daarom ook geen verdere stappen in het kader van de cyclus Archeologische Monumentenzorg (AMZ).Het bevoegd gezag, de gemeente Goirle, dient eerst over het advies in dit rapport een besluit te nemen. Wanneer het bevoegd gezag besluit dat vervolgonderzoek niet noodzakelijk is en het plangebied wordt vrijgegeven voor de voorgenomen ontwikkelingen, blijft de meldingsplicht archeologische toevalsvondst of waarneming van kracht (Erfgoedwet, artikel 5.10 Archeologische toevalsvondst). Aangezien het nooit volledig is uit te sluiten dat tijdens eventueel grondverzet een archeologische ‘toevalsvondst’ wordt gedaan, is het wenselijk de uitvoerder van het grondwerk te wijzen op de plicht om hiervan zo spoedig mogelijk melding te doen bij het bevoegd gezag, de gemeente Goirle, en de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed.NaschriftHet bevoegd gezag, dhr. J. Ludwig van de gemeente Goirle heeft per e-mail d.d. 21 februari 2022 het conceptrapport akkoord bevonden, dit op basis van een beoordeling en advies d.d. 18 februari 2022 van mevr. K. Kersten van het Monumentenhuis Brabant. Dit advies luidde: “Met het door het onderzoeksbureau gegeven selectieadvies, geen vervolgonderzoek te doen uitvoeren en het plangebied vrij te geven, kan worden ingestemd. Monumentenhuis Brabant adviseert dat de (bouw)vergunning wordt verleend door de Gemeente Goirle onder voorwaarde, dat bij eventuele toevalsvondsten hiervan melding wordt gedaan conform art. 5.10 van de Erfgoedwet, die vanaf 1 juli 2016 van kracht is. Dit kan telefonisch bij het Meldpunt Provinciaal Depot Bodemvondsten Noord-Brabant (tel. 06-18303225). Voorliggend archeologisch concept-rapport kan door het onderzoeksbureau definitief worden gemaakt.”
创建时间:
2024-04-07
二维码
社区交流群
二维码
科研交流群
商业服务