Dierlijke resten uit een inheemse nederzetting en vicus in Utrecht-Leidsche Rijn 46
收藏DANS Data Station Archaeology2007-07-30 更新2026-04-09 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/DANS-ZMY-KZRE
下载链接
链接失效反馈官方服务:
资源简介:
<p>Conclusie<br>Uit een concentratie bewoningssporen langs een geul in Leidsche Rijn werden 5707 fragmenten dierlijk bot onderzocht. Hiervan waren 1163 fragmenten op soort determineerbaar Daarnaast zijn ook nog eens 845 fragmenten uit de nabijgelegen vicus geanalyseerd, waarvan 194 fragmenten op soort determineerbaar waren.</p><p>Vanwege de onzekerheid over de herkomst van het materiaal uit laag 1000 is het moeilijk om de resultaten van de nederzetting in Leidsche Rijn 46 met die van andere nederzettingen te vergelijken. Het is echter heel goed mogelijk dat de verschillende soortverdelingen binnen de verschillende contexten (laag 1000 en overige sporen) een concentratie van bepaalde activiteiten in verschillende zones laat zien (slacht schaap, slacht rund). Wanneer het totaalcomplex voor de geul een representatief beeld geeft, wordt de nederzetting in Leidsche Rijn net als vele andere in de regio gekenmerkt door een nadruk op schapen in de eerste eeuw na Chr. Zowel schapen als runderen werden voor melk en vlees geëxploiteerd. Varken en in mindere mate paard leverden ook vlees. Paard zal in eerste instantie voor andere doeleinden zijn gebruikt.</p><p>In de vicus werd vlees vooral geleverd door rund, en in veel mindere mate door schaap en varken. Melk was hier van minder belang. Waarschijnlijk werd paardenvlees ook geconsumeerd. Na de Flavische periode is het nederzettingsterrein niet meer bewoond; waarschijnlijk werd het door de bewoners van de vicus gebruikt. De twee complexen vertonen dus een zekere samenhang.</p>
提供机构:
ACVU-HBS
创建时间:
2007-07-01



