five

IJmuiden, Noordzeekanaal, Lichtervoorziening Energiehaven (gemeente Velsen)

收藏
DANS Data Station Archaeology2021-01-26 更新2026-04-09 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/DANS-Z2C-JASD
下载链接
链接失效反馈
官方服务:
资源简介:
<p>ADC ArcheoProjecten in december 2020 een inventariserend veldonderzoek opwater uitgevoerd op een locatie in het Noordzeekanaal bij IJmuiden, gemeente Velsen. De aanleiding voor het onderzoek is het voorgenomen baggeren van het plangebied tot een diepte van tenminste 20 m –NAP. In eerder uitgevoerd bureauonderzoek werd het advies gegeven om ter plaatse van zones waar bodemingrepen tot minimaal 18,9 m –NAP zijn gepland, nader onderzoek te verrichten door middel van booronderzoek met als centrale vraagstelling uitspraak te doen over de aard van de top van het pleistocene dekzand. Dit advies werd overgenomen door de commissie MER. Op basis van het uitgevoerde booronderzoek komt het volgende naar voren: Het voorkomen van intacte bodems in het Laagpakket van Wierden (dekzand) is beperkt tot boringen 5 en 6. Hierbij moet worden opgemerkt dat het bodemtype kenmerken heeft van een vlakvaaggrond (Ah- op C-horizont) en dat dit doorgaans wijst op een relatief lage toenmalige ligging. In relatief hoog gelegen dekzandoppervlakken is door een lagere grondwaterspiegel meer sprake van neerwaartse verplaatsing van humus- en ijzerdeeltjes in de bodem en wordt in de regel vaker een podzolprofiel aangetroffen. In boring 5 is sprake van lichte oppervlakkige erosie van het dekzandoppervlak (getuige de grijze zandlaagjes). Ook in boring 1 heeft erosie opgetreden; hier wordt de C-horizont direct bedekt door de Basisveen Laag. Tenslotte is ook in boring 4 sprake van erosie, maar deze is van veel later datum, namelijk na de aanleg van het Noordzeekanaal, dus op zijn vroegst 19e eeuw. Algemeen wordt aangenomen dat de topografische gradiënt voor de prehistorische mens een belangrijke factor vormde voor de locatiekeuze voor diverse activiteiten. Daardoor hebben zones met een relatief sterke topografische gradiënt een hogere trefkans op het aantreffen van vindplaatsen; ze zijn immers vaker bezocht en gebruikt en er zijn dus meer resten achtergelaten. In het onderzochte plangebied zijn echter geen aanwijzingen voor een uitgesproken reliëf (dekzandruggen, terrasranden); en voor zover er sprake is van een intacte bodem in het dekzand, bestaat dit uit A-C-profielen, die op zichzelf wijzen op een vorming in een relatief laag gelegen gebied. Dit alles maakt dat er geen zones kunnen worden aangewezen waar een verhoogde trefkans is op de aanwezigheid van prehistorische resten. Een vlak gebied, waarvan in het plangebied sprake was, werd weliswaar ook gebruikt door de mens, maar in veel mindere mate waardoor er een veel lagere dichtheid aan sporen, vondsten en dus vindplaatsen is.</p>
提供机构:
ADC ArcheoProjecten
创建时间:
2021-01-05
二维码
社区交流群
二维码
科研交流群
商业服务