Eemdijk 1 te Baarn
收藏DANS Data Station Archaeology2012-11-20 更新2026-04-09 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/DANS-28Q-BKMT
下载链接
链接失效反馈官方服务:
资源简介:
<p>Synthegra heeft in opdracht van dhr. Hilhorst een archeologisch karterend booronderzoek uitgevoerd op een terrein aan de Eemdijk in Baarn. De aanleiding voor het onderzoek is de voorgenomen nieuwbouw van een melkveestal.</p><p>Archeologische interpretatie veldonderzoek<br>Aan het plangebied was een lage verwachting toegekend voor vuursteenvindplaatsen uit het laatpaleolithicum en het mesolithicum. Resten uit deze periode kunnen worden verwacht in de top van het dekzand. In of vlak onder de Laag van Usselo kunnen archeologische resten uit het laat-paleolithicum verwacht worden. Vuursteenvindplaatsen bestaan voornamelijk uit strooiing van fragmenten vuursteen en ondiepe grondsporen, zoals haardkuilen. Tegen de op het bureauonderzoek gebaseerde verwachting in is in alle boringen de pleistocene ondergrond aangetroffen en wel op veel geringere diepte dan verwacht. Kennelijk ligt het plangebied op een geprononceerde dekzandopduiking. De natuurlijke podzolgrond is in 3 van de 5 boringen niet aangetroffen. Alleen in boring 1 en 2, waar het dekzand het hoogst ligt is een podzol B-horizont aangetroffen. In de boringen zijn na het doorsnijden van de grondmonsters en het zeven van het opgeboorde dekzand geen archeologische indicatoren aangetroffen (zoals houtskool, vuursteensplinters, verbrand bot) die wijzen op de aanwezigheid van een vuursteenvindplaats. Gezien de tijdens het veldonderzoek gehanteerde boordichtheid van 27 boringen per hectare en het feit dat er in het zeefresidu geen archeologische indicatoren zijn aangetroffen wordt de kans dat er binnen het plangebied een vuursteenvindplaats aanwezig is klein geacht. De lage verwachting voor vuursteenvindplaatsen kan daarom worden gehandhaafd.<br>Aan het plangebied was een lage verwachting toegekend voor de periode neolithicum tot en met de vroege middeleeuwen. Nederzettingsresten uit deze periode bestaan niet alleen uit fragmenten aardewerk, maar ook uit diepere sporen zoals paalgaten en afvalkuilen en worden vaak gekenmerkt door een bewoningslaag of vegetatiehorizont. Resten uit het neolithicum kunnen worden verwacht in de top van het dekzand, resten uit de bronstijd tot en met de vroege middeleeuwen in het Hollandveen Laagpakket, onder het tijdens de late middeleeuwen afgezette kleidek. Tijdens het booronderzoek zijn geen archeologische resten of indicatoren aangetroffen, die wijzen op de aanwezigheid een vindplaats uit deze periode. Ook is er geen bewoningslaag of vegetatiehorizont aangetroffen. Daarom kan de lage verwachting om archeologische waarden uit de perioden neolithicum tot en met de vroege middeleeuwen aan te treffen voor het plangebied worden gehandhaafd.<br>Aan het plangebied was vanwege de ligging nabij het kasteel Huis ter Eem en verschillende waarnemingen van laatmiddeleeuws aardewerk bij het kanaliseren van de Eembocht ten westen van het plangebied een hoge verwachting toegekend voor de late middeleeuwen. Ook zijn er aanwijzingen aangetroffen voor bewoning vanaf de 12e eeuw op de kronkelwaard en de oevers van de Eem bij deze bocht van de Eem. De vraag is hoe ver de bewoning zich naar het oosten uitstrekte. Waarschijnlijk had de locatiekeuze te maken met de oorspronkelijk iets hogere gronden van de kronkelwaardafzettingen aan deze binnenbocht van de Eem en wellicht ook met de uitloper van een dekzandrug dieper in de ondergrond. Resten uit deze periode werden verwacht in de top van het Hollandveen Laagpakket en het daarop liggende kleipakket, dat is afgezet door de Zuiderzee. Uit het veldonderzoek is gebleken dat er een geprononceerde dekzandopduiking in de ondergrond van het plangebied aanwezig is. Binnen het plangebied zijn geen oeverafzettingen van de Eem aanwezig. De top van het bodemprofiel bestaat uit siltige, stevige klei. De dikte van het kleipakket is gering en varieert van 40 tot 60 cm. In het kleidek en in de top van het Hollandveen Laagpakket zijn geen archeologische indicatoren (zoals fragmenten aardewerk, gebruiksvoorwerpen of restanten van bouwmateriaal) of bewoningslagen aangetroffen. Hieruit wordt geconcludeerd dat de laatmiddeleeuwse bewoningszone langs de Eem zich niet tot in het plangebied uitstrekte. De hoge verwachting voor de late middeleeuwen wordt daarom bijgesteld naar laag.<br>De lage verwachting voor de nieuwe tijd kan op grond van de resultaten van het veldonderzoek worden gehandhaafd.</p><p>Aanbeveling<br>Op grond van de resultaten van het onderzoek wordt voor het plangebied geen vervolgonderzoek geadviseerd.</p>
创建时间:
2012-11-21



