Opgraving en Opgraving, variant archeologische begeleiding Kudelstaartseweg 60, Aalsmeer Gemeente Aalsmeer
收藏DANS Data Station Archaeology2023-01-27 更新2026-04-09 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/AR/B9JRHI
下载链接
链接失效反馈官方服务:
资源简介:
Archeologisch onderzoeksbureau IDDS Archeologie heeft van 8 tot en met 26 juli 2019 een opgraving en een opgraving variant archeologische begeleiding uitgevoerd aan de Kudelstaartseweg 60 in Aalsmeer, gemeente Aalsmeer. De doelstelling van een opgraving en een opgraving, variant archeologische begeleiding, is het documenteren van gegevens en het veiligstellen van materiaal van vindplaatsen om daarmee informatie te behouden die van belang is voor de kennisvorming over het verleden. Het plangebied ligt in een gebied dat in de Middeleeuwen is ontgonnen. Op het oudste beschikbare kaartmateriaal uit het begin van de 17e eeuw is het plangebied vermoedelijk al bebouwd, net als de percelen ten zuiden van het plangebied. De bebouwing is georiënteerd op de dijk die ter plaatse van de huidige Kudelstaartseweg ligt. Voor het bouwrijp maken van de kavels was het niet alleen nodig om het venige gebied te ontwateren en in te polderen, maar ook enige ophoging was noodzakelijk. Dit is nog terug te vinden in de vorm van stadsafval dat vermoedelijk uit een van de omliggende steden is geïmporteerd. Van de bebouwing vóór de 17e eeuw zijn nauwelijks resten bewaard gebleven. Het meest opvallende spoor uit deze periode is een ronde greppel, waarvan echter de functie niet kon worden achterhaald. Op basis van vondstmateriaal dateert dit spoor uit circa 1300. Het is mogelijk dat vanaf dit moment het plangebied al bebouwd was, al zijn verder geen sporen aangetroffen die dit kunnen bevestigen.
Het plangebied was tot de 20e eeuw ingedeeld in twee kavels, een noordelijke en zuidelijk kavel. Het plangebied bleef continu bebouwd in de loop van de 17e en 18e eeuw. Daarbij was het noodzakelijk dat goed waterbeheer plaatsvond, omdat in de tussentijd het gebied ten westen van het plangebied geleidelijk verdrinkt en de huidige situatie ontstaat. Voor een lichtere, en mogelijk ook goedkopere, funderingswijze is gebruik gemaakt van turfblokken. Tot deze periode wordt ook een (onder)vloer gerekend die gemaakt is van houten planken die gefundeerd waren met houten paaltjes, alsook een witte zandlaag in het veen dat ook als een mogelijk vloerniveau is geïnterpreteerd. De ontwikkeling van de bebouwing in deze periode is op basis van de archeologische resten niet goed te volgen. Dit is vermoedelijk toe te schrijven aan de diverse bouwfasen die in de 19e en 20e eeuw volgden en waarbij de oudere resten (groten)deels zijn verwijderd. De oudste duidelijke plattegrond in het plangebied lag op het noordelijke perceel en dateert uit de 17e en/of 18e eeuw. Het betreft een fundering van turfblokken waarover plaatselijk nog bakstenen lagen aanwezig zijn. Bij deze bebouwing horen een waterkelder en een (bedstee)kelder. Het eerste duidelijke beeld van de bebouwing in het plangebied is gebaseerd op het kadastraal minuutplan uit 1811-32. Ondanks dat de contouren van deze bebouwing nauwelijks meer aanwezig waren, werden wel de kelders van deze bouwfase, zowel in het noordelijke als zuidelijke kavel, aangetroffen. Opvallend is dat tot en met deze periode geen duidelijke resten bewaard zijn gebleven van waar men met het afval heen ging. Er zijn geen beerputten aangetroffen en de in onbruik geraakte putten en kelders zijn volgestort met (bouw)puin. De houten gootjes en putten kunnen nog getuigen van het verwerken van afval- of regenwater. In het begin van de 20e eeuw wordt de bebouwing volledig gesloopt en worden de twee kavels samen gevoegd, waarna vervolgens één groot pand wordt opgericht in het midden van het perceel. In- en rondom deze bebouwing wordt herhaaldelijk verbouwd. Deze bouwfase is nog vrijwel volledig aanwezig in de ondergrond en de archeologische informatie wordt uitgebreid ondersteund door bouwhistorische documentatie.
提供机构:
IDDS Archeologie BV
创建时间:
2018-05-18



