Lindenlaan 315 t/m 323 (oneven), Amstelveen (gemeente Amstelveen)
收藏DANS Data Station Archaeology2017-11-21 更新2026-04-09 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/DANS-X4N-JT2N
下载链接
链接失效反馈官方服务:
资源简介:
<p>ADC ArcheoProjecten heeft in september en oktober 2017 een bureauonderzoek uitgevoerd naar de archeologische waarde van de locatie Lindenlaan 315 t/m 323 (oneven) in Amstelveen, gemeente Amstelveen. De aanleiding van het onderzoek is de herziening van het bestemmingsplan ten behoeve van woningbouw op de locatie. Op basis van het bureauonderzoek is een gespecificeerde verwachting opgesteld. Hieruit volgt dat in de diepe ondergrond van het plangebied, op circa 5,9 m –mv (circa 10 m –NAP), zich een laatglaciaal dekzandlandschap bevindt. Mogelijk waren delen van dit landschap, daar waar veel reliëf en zoet water aanwezig was, bewoonbaar voor jager-verzamelaars gedurende het Laat- Paleolithicum en het Mesolithicum. Over dit landschap is binnen de gemeente Amstelveen tot op heden weinig bekend. Eventuele resten in de top van het dekzand (Laagpakket van Wierden binnen de Formatie van Boxtel) kunnen echter vanwege de ligging op grote diepte goed bewaard zijn gebleven. Een eventueel aanwezige vindplaats zal zich waarschijnlijk manifesteren als een diffuse strooiing van vuursteen en houtskool. Vanwege de geringe grootte, vondstdichtheid en diepteligging zijn dergelijk vindplaatsen moeilijk op te sporen. Het dekzandlandschap wordt afgedekt door wad-/kwelderafzettingen (Laagpakket van Wormer binnen de Formatie van Naaldwijk). Binnen het getijdenlandschap kunnen de oevers van actieve kreken alsook de fossiele kreekruggen gedurende het (Laat-)Neolithicum goede bewoningsmogelijkheden hebben geboden. Uit profielen van boringen die in het kader van een milieuhygiënisch bodemonderzoek in het plangebied zijn verricht, blijkt dat de natuurlijke ondergrond uit sterk siltige klei bestaat. Op basis van het ontbreken van zandige afzettingen moet worden aangenomen dat er geen sprake is van kreekruggen. De verwachting voor resten uit het Neolithicum wordt daarom als zeer laag ingeschat. In de periode Bronstijd t/m de Vroege Middeleeuwen bevond zich ter plaatse van het onderzoeksgebied een uitgestrekt veenmoeras. Vanaf de 11e eeuw werden de veengebieden in het Amstelland ontgonnen en in gebruik genomen voor de landbouw. Vanaf de 15e eeuw tot 1639 werd in het onderzoeksgebied op grote schaal turf gestoken en ontstond een uitgestrekte waterplas tussen de Bovenkerkerweg in het westen en de Amsteldijk in het oosten. In 1764 werd toestemming verleend om de waterplas verder uit te venen en droog te leggen. In 1769 ontstond de huidige Bovenkerkerpolder en werd het gebied opnieuw voor de landbouw in gebruik genomen. De bewoning bleef grotendeels geconcentreerd aan de randen van de polder, langs de Bovenkerker Polderdijk. Vanaf de jaren 50 van de vorige eeuw vond grootschalige woonbouw plaats en ging het plangebied deel uitmaken van de woonwijk Keizer Karelpark. Op grond van de geschetste ontwikkelingen zijn in het plangebied geen archeologische resten uit de periode Bronstijd t/m Nieuwe tijd aan te treffen.</p>
提供机构:
ADC ArcheoProjecten
创建时间:
2017-11-02



