five

Centrumplan hazerswoude-Rijndijk, gemeente Rijnwoude; archeologisch vooronderzoek: een bureau- en inventariserend veldonderzoek

收藏
DANS Data Station Archaeology2007-06-25 更新2026-04-09 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/DANS-ZFC-G2Q5
下载链接
链接失效反馈
官方服务:
资源简介:
<p>In opdracht van de gemeente Rijnwoude heeft RAAP Archeologisch Adviesbureau in april t/m juni 2007 een bureauen inventariserend veldonderzoek uitgevoerd in verband met voorgenomen herontwikkeling van het centrum van Hazerswoude Rijndijk in de gemeente Rijnwoude. Na uitvoer van het (aanvullend) bureauonderzoek is een eerste fase van het veldonderzoek uitgevoerd. Het betrof een booronderzoek in die delen van het plangebied die nu makkelijk toegankelijk waren. Dit onderzoek had als doel het in kaart brengen van de mate van verstoring van de bodem en het toetsen en aanvullen van de gespecificeerde archeologische verwachting uit het bureauonderzoek. Op basis van dit booronderzoek worden aanbevelingen gegeven voor vervolgonderzoek in het totale plangebied. Volgens de Cultuurhistorische Hoofdstructuur, regio Rijnstreek geldt voor het plangebied een hoge kans op het aantreffen van vindplaatsen daterend vanaf de Late IJzertijd/Romeinse tijd. Gezien de aanwezigheid van crevasseen oeverafzettingen in de ondergrond kunnen ook oudere resten aanwezig zijn uit het Neolithicum en/ of de Bronstijd. Speciale aandacht gaat uit naar de Romeinse limeszone en het middeleeuwse kasteelterrein Rijnenburg (CMA-code 31C-004). Verder worden op basis van de kadastrale minuut op een aantal locaties in het plangebied huisplaatsen uit de Nieuwe tijd (mogelijk Middeleeuwen) verwacht. Neolithicum t/m Nieuwe tijd Grote delen van het plangebied (ca. 11 ha) zijn nog niet onderzocht door middel van boringen. Er kan niet worden aangegeven of hier vindplaatsen aanwezig zijn uit de periode Neolithicum t/m Middeleeuwen. Wel is bekend op welke sedimenten (oever-, crevasseof komafzettingen) vindplaatsen uit een bepaalde periode worden verwacht. Aanbeveling Aanbeveling om voor de locaties waar sprake is van bebouwing en/of oppervlakteverharding de mate van intactheid van de bodem vast te stellen (bouwtekeningen en verkennend booronderzoek, § 5.2). Op basis van de resultaten kan de noodzaak voor eventueel vervolgonderzoek worden aangegeven, evenals de daarvoor meest geschikte methode. Voor de huisplaatsen geldt dat momenteel op 1 van deze locaties bodemingrepen zijn gepland. Hier wordt derhalve een veldtoets aanbevolen (uitvoer na verwijdering van asfalt). Romeinse limeszone In overeenstemming met de hoge verwachting voor de aanwezigheid van de limeszone, is tijdens het onderzoek de Romeinse limesweg aangetroffen langs de Da Costasingel (bijlage 2, vindplaats 1). De top van het niveau met grind is aangetroffen op circa 50-65 cm -Mv (circa 1,6-1,7 m -NAP). Aanbeveling Aanbeveling tot behoud in situ. Hiervoor is een maximale zone aangegeven. Deze kan eventueel nader worden begrensd door middel van proefsleuvenonderzoek. Indien planinpassing niet mogelijk is: definitief onderzoek (behoud ex situ). Aanbeveling om op minimaal 1 andere locatie te trachten de aanwezigheid van de limesweg vast te stellen (bijv. door middel van proefsleuvenonderzoek) om van oost naar west een zone te kunnen aangeven waarbinnen de Romeinse weg wordt verwacht. Langs de limesweg is sprake van een hoge verwachting voor o.a. nederzettingen, grafvelden, wachtposten uit de Romeinse tijd. In hoeverre deze vindplaatsen nog aanwezig zijn is afhankelijk van de mate van intactheid van de bodem. Kasteel Rijnenburg Op basis van het aanvullend bureauonderzoek en het eerste bureauonderzoek kan vermoedelijk worden aangenomen dat de locatie van het kasteelterrein zoals weergegeven op de kadastrale minuut de juiste is. Het is echter niet uit te sluiten dat er in de Middeleeuwen meerdere (bij)gebouwen stonden verspreid binnen de omgrachtingen. Het aantreffen van muren/kloostermoppen verspreid over het terrein van Oasen duidt hier mogelijk op. Tijdens het booronderzoek zijn resten van grachtvullingen aangetroffen. Aanbeveling Behoud in situ van het huidige monumentterrein. Eventueel de locaties van de (deels nog bestaande) grachten gebruiken als elementen in de planvorming. Indien planaanpassing niet tot de mogelijkheden behoort, kan eventueel een proefsleuvenonderzoek worden uitgevoerd om te trachten het terrein nader te begrenzen (§ 5.2). Opgemerkt wordt dat het proefsleuvenonderzoek pas uitgevoerd kan worden nadat leidingen en gebouwen e.d. zijn verwijderd. Dit dient onder archeologische begeleiding plaats te vinden. Overige vindplaatsen Voor de vindplaatsen 3 en 4 direct ten zuiden van het monumentterrein, geldt dat ze liggen op een terrein dat mogelijk geheel omgracht is geweest en via een brug in verbinding stond met het kasteelterrein. Op dit perceel kan bebouwing hebben gestaan, het kan ook een tuin zijn geweest. Hoewel niet uit is te sluiten dat de in de boringen aangetroffen niveaus recente verstoringen betreffen, wordt voor deze locaties een archeologische begeleiding van de graafwerkzaamheden aanbevolen. Er kan tevens voor worden gekozen om in een eerder stadium een proefsleuvenonderzoek uit te voeren.</p>
提供机构:
RAAP Archeologisch Adviesbureau
创建时间:
2007-06-26
二维码
社区交流群
二维码
科研交流群
商业服务