Uitbreiding pompstation Benterdijk/Achterbente Pompstation Dalen, gemeente Coevorden. Een Inventariserend Veldonderzoek door middel van proefsleuven
收藏DataCite Commons2026-01-23 更新2026-04-25 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/AR/GOXTCP
下载链接
链接失效反馈官方服务:
资源简介:
<p>Op 18 en 25 april 2025 heeft Vestigia Archeologie & Cultuurhistorie het veldwerk van een Inventariserend Veldonderzoek door middel van proefsleuven uitgevoerd in Dalen. Het plangebied bevindt zich ten zuidwesten van de bebouwde kom van Dalen. In het plangebied zijn zes proefsleuven aangelegd. De proefsleuf op het terrein waarop het pompfiltergebouw staat, ten zuiden van de Achterbente, kon niet aangelegd worden vanwege de schaarse ruimte en aanwezige kabels en leidingen. In totaal is 326 m2 in het plangebied open gelegd. Gedurende het veldwerk zijn 70 spoornummers uitgedeeld, met name aan bodemlagen, paalsporen, kuilen en delen van greppels. In de proefsleuven zijn geen concentraties paalkuilen aangetroffen van gebouwstructuren. In proefsleuf 1, 3 en 5 zijn delen van greppels en grote kuilen met een humeuze vulling aan het licht gekomen die in de Nieuwe Tijd dateren en die in samenhang gezien moeten worden met het agrarisch cultuurlandschap. De greppels kunnen in een aantal gevallen worden herleid tot de kadasterkaart van 1832. De vlakken van proefsleuf 2, 4 en 6 waren vrijwel leeg op enkele kleine kuilen na. De aard van en datering van deze sporen is niet duidelijk; mogelijk is een aantal toch natuurlijk van aard. Het vondstmateriaal dat tijdens het onderzoek is verzameld is bestaat vooral uit vuursteen dat met name gevonden is in de bouwvoor. Tevens zijn verschillende voorwerpen van metaal gevonden, waaronder een zilveren munt uit 1850. Bouwmateriaal is aanwezig in de vorm van enkele stukken baksteen. De categorie aardewerk bestaat uit scherven die verdeeld zijn over drie bakselcategorieën; het aardewerk dateert globaal vanaf de 17e eeuw tot in de 19e eeuw. Het standaard bodemprofiel binnen het plangebied wordt gekenmerkt door een bouwvoor met daaronder een 8 tot 16 cm dik restant van het plaggendek, gevolgd door een B-horizont, een B/C horizont en C- horizont. Bij werkput 3 en 4, in de noordelijke punt van het plangebied, is echter sprake van een A/C profiel; een bouwvoor/plaggendek dat direct op de C-horizont ligt. De top van de C—horizont ligt tussen 10.50 +NAP en 11.00 m +NAP. Advies Het onderzoek heeft twee archeologische vindplaatsen opgeleverd; enerzijds een vuursteenverspreiding uit het Laat paleolithicum en anderzijds sporen en vondsten van agrarisch landgebruik uit de Laat Nieuwe Tijd. Beide vindplaatsen zijn als niet-behoudenswaardig gewaardeerd. Onze conclusie op basis van het uitgevoerde onderzoek is dat bij de ontwikkelingen in het plangebied geen aanvullende maatregelen dienen te worden getroffen in het kader van de gemeentelijke archeologische monumentenzorg. Het schaarse vondstmateriaal en de aard van de vindplaats maken het aannemelijk dat binnen het plangebied geen archeologische sporen en vondsten van andersoortige vindplaatsen aanwezig zijn. Vestigia adviseert derhalve het plangebied vrij te geven voor nieuwbouw. Het bevoegd gezag, de gemeente Coevorden, dient op basis van de uitkomsten van dit rapport en het bovenstaand advies van Vestigia een selectiebesluit te nemen. Aangezien het nooit volledig is uit te sluiten dat tijdens eventueel grondverzet een archeologische 'toevalsvondst' wordt gedaan, is het wenselijk – ook als geen aanvullende onderzoeken of maatregelen worden gevraagd door de gemeente in het kader van de archeologische monumentenzorg - de uitvoerder van het grondwerk te wijzen op de wettelijke plicht (Erfgoedwet, artikel 5.10 Archeologische toevalsvondst) om zo spoedig mogelijk melding te doen in het geval toch archeologische vondsten worden aangetroffen. Dit dient te gebeuren bij het bevoegd gezag, zijnde de gemeente Coevorden of de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed.</p>
提供机构:
DANS Data Station Archaeology
创建时间:
2026-01-23



