five

Breda Haagweg 220. Inventariserend veldonderzoek door middel van proefsleuven

收藏
Mendeley Data2024-01-31 更新2024-06-27 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/dans-xjv-s2b7
下载链接
链接失效反馈
官方服务:
资源简介:
In opdracht van Arcadis Regio bv werd aan de Haagweg 220 in de gemeente Breda een inventariserend veldonderzoek door middel proefsleuven uitgevoerd. De geplande nieuwbouw vormde een bedreiging voor het bodemarchief. Op basis van de achtergrondgegevens van het onderzoeksgebied werd door het Bureau Cultureel Erfgoed van de gemeente Breda een proefsleuvenonderzoek noodzakelijk geacht. Dit onderzoek werd, in samenwerking met het BCE, van 7 tot en met 9 januari 2008 uitgevoerd door BAAC bv. Hierbij werd gewerkt conform de richtlijnen van het BCE en de KNA versie 3.1.Het onderzoeksgebied is gelegen op een lage dekzandrug tussen twee beekdalen: de Bredaseweg-loop in het westen en de Aa of Weerijs in het oosten. Ten zuidwesten ervan bevindt zich een hogere dekzandrug die bekend als de Heuvel. In noordooste-lijke richting gaat de rug geleidelijk over in lage dekzanden. Vanwege de ligging binnen de bebouwde kom van Breda is het terrein in bodemkundig opzicht niet gekarteerd. Vanuit een wijdere omgeving kan de aanwezigheid van een eerdlaag geëxtrapoleerd worden.Van het plangebied zelf zijn geen vindplaatsen bekend. Op basis van grootschalig archeologisch onderzoek in Breda-West werden bewoningssporen vanaf de Bronstijd verwacht. Omdat er geen voorafgaande kartering heeft kunnen plaatsvinden werd voor het onderzoeksgebied een middelhoge archeologische verwachting geformuleerd.De doelstelling van het onderzoek werd ingekaderd in de Lokale Onderzoeksagenda Archeologie Breda, waarin het zo compleet mogelijk onderzoeken van enkele dekzandruggen in Breda-West voorop staat. De onderzoeksvragen werden hierin gerelateerd aan enkele thema’s, zoals o.a. landschap, flora en fauna, verkaveling etc.Er werden drie werkputten aangelegd met een totaal oppervlak van 900 m². Hierbij werd een dekkingspercentage van 11,25 % bereikt. De voorafgaande sloop van de bedrijfsgebouwen had een diepgaande verstorende werking gehad. Meestal reikten de verstoringen tot in de C-horizont.Slechts in het noordprofiel van werkput 1 kon een ongestoorde bodemopbouw gedocumenteerd worden. Hier bevond zich onder de recente bouwvoor een circa 60 cm dik donkerbruin humeus pakket, dat mogelijk als een oude akkerlaag gezien kan worden. De rest van het terrein vertoonde een dusdanige verstoring dat de oorspronkelijke bodemopbouw niet meer kon worden gereconstrueerd. De archeologische sporen beperkten zich tot enkele greppels. Twee daarvan konden aan elkaar gerelateerd worden vanwege hun parallelle verloop. Zij hadden een oost – west oriëntatie en een twee-fasige vulling. Het dicht raken van de oudste fase van een van deze greppels kon in het begin 18e eeuw gedateerd worden. Deze greppels konden als perceelgreppels geïdentificeerd worden, maar een relatie met de kadastrale minuut van 1832 kon niet worden vastgesteld.Vanwege de grote mate van verstoring van het terrein en de fragmentarisch aangetroffen archeologische resten konden de onderzoeksvragen slechts in globale zin beantwoord worden. Daarbij was alleen het onderzoeksthema verkaveling aan de orde, maar diepgaande conclusies hieromtrent konden niet getrokken worden. Om deze reden werd ook de vindplaats een lage waardering in de zin van KNA versie 3.1 toegekend, waarbij werd aanbevolen om van verder onderzoek af te zien. Hierbij moet worden aangetekend dat slechts het selectiebesluit van de bevoegde overheid in deze rechtskracht bezit.
创建时间:
2024-01-31
二维码
社区交流群
二维码
科研交流群
商业服务