Midlum, Fonteinstraat, Gemeente Harlingen (Fr.). Een Archeologisch Bureauonderzoek & Inventariserend Veldonderzoek (IVO-O) Verkennende Fase.
收藏DANS Data Station Archaeology2019-03-25 更新2026-04-09 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/DANS-XF4-QEAM
下载链接
链接失效反馈官方服务:
资源简介:
<p>In verband met de geplande vervanging van veertien woningen voor tien nieuwbouwwoningen is een archeologisch onderzoek uitgevoerd aan de Fonteinstraat te Midlum, gemeente Harlingen, provincie Fryslân. Voor realisatie van de plannen is graafwerk nodig zoals voor de aanleg van funderingen. Het doel van het onderzoek is om vast te stellen wat de kans is op de aanwezigheid van archeologische waarden.<br> Het onderzoek bestaat uit een bureauonderzoek (protocol 4002) en een veldonderzoek, verkennende fase (IVO-O; protocol 4003). Bij het bureauonderzoek zijn bronnen geraadpleegd op het gebied van fysische geografie, archeologie en historische geografie. Tijdens het veldonderzoek zijn tien boringen geplaatst om de opbouw en gaafheid van de bodem te bepalen. <br> Omstreeks 500 vC lag ter plaatse van het tegenwoordige Midlum nog een getijdengebied. Rond 100 nC had zich een kwelderwal gevormd. Het meest westelijke deel van het plangebied maakt deel uit van de dorpsterp van Midlum. Op deze terp zijn in het verleden vondsten gedaan die dateren uit de Romeinse tijd. Op de kadastrale kaart van 1811-1832 was het plangebied grotendeels in gebruik als tuin. <br> Het terrein heeft een cultuurpakket dat in het westen het dikst is met ongeveer twee meter. Bij drie boringen in het westen is een laag kleiig veen / humeuze klei aangeboord die is gevormd in een voormalige sloot of iets dergelijks. Hierover ligt een pakket opgebrachte grond waarmee de sloot (of iets dergelijks) is gedempt en waarmee de terp is uitgebreid. De top van de opgebrachte grond is homogeen, onder meer door gebruik als tuin. In deze laag zijn drie scherven aardewerk opgeboord waarvan één waarschijnlijk uit de laat-Romeinse tijd dateert, één uit de middeleeuwen en één te klein is voor een betrouwbare datering. In het oosten van het plangebied gaat de homogene top van de terpgrond over in een bouwvoor die daar direct op natuurlijke klei ligt. De dikte van de subrecent geroerde laag varieert in het plangebied tussen 10 en 100 centimeter. </p><p>selectie-advies door senior KNA-prospector drs. J.M.G. Bongers<br>Het meest oostelijke deel van het plangebied, waar de twee oostelijke woningen gepland zijn, adviseren wij op archeologische gronden vrij te geven voor de geplande ontwikkeling. Voor het westen en midden van het terrein, waar de overige acht woningen gepland zijn (zie Figuren 2 en 11), adviseren wij om geen bodemingrepen te ondernemen die dieper reiken dan een halve meter. Als graafwerk nodig is dat iets dieper reikt dan een halve meter dan vormt enige ophoging vooraf mogelijk een oplossing. Als veel diepere ingrepen nodig zijn, dan adviseren wij deze vooraf te laten gaan door gravend archeologisch onderzoek. Een dergelijke onderzoek dient te worden uitgevoerd door een daartoe gecertificeerd bureau volgens een vooraf door de gemeente Harlingen goed gekeurd Programma van Eisen (PvE). <br> Tenslotte wijzen wij erop dat voor al het graafwerk geldt dat als archeologische grondsporen worden aangetroffen en/of vondsten worden gedaan, dat daarvan direct melding dient te worden gemaakt conform de Erfgoedwet 2015, artikel 5.10. Wij adviseren dit te doen bij de gemeente Harlingen. </p><p>Dit rapport is getoetst door mevr. S. de Bruijn, archeologisch adviseur van de gemeente Harlingen, en naar aanleiding daarvan is de definitieve versie opgesteld.</p>
提供机构:
De Steekproef
创建时间:
2019-03-19



