遇见数据集

Eindrapportage proefsleuvenonderzoek en opgraving riooltrace (4063.002) Koningsweg 27 te Garderen

收藏
DANS Data Station Archaeology2020-01-09 更新2026-04-09 收录
官方服务:

资源简介:

<p>Resultaten en conclusie proefsleuvenonderzoek en archeologische begeleiding aanleg riooltracé<br>Het onderzoek laat zien dat recente bodemverstorende ingrepen zich alleen beperkt hebben tot de huidige bouwvoor en kan dan ook gesproken worden van een nagenoeg geheel intacte bodemopbouw. Het bodemprofiel bestaat vanaf het maaiveld uit een plaggendek van circa 30 tot 40 cm dik (matig dik). Hieronder komt een donkerbruin gekleurde laag voor die qua dikte varieert tussen mini-maal 10 en maximaal 35 cm. Tijdens de vlakaanleg zijn hierin fragmenten laatprehistorisch aardewerk en in de top een enkel fragment Merovingisch aardewerk aangetroffen. Het betreft waarschijnlijk een oudere akkerlaag, waarbij laatprehistorische beakkering vooral (wellicht intensiever/voor een langere tijdsperiode) in het zuidoostelijke deel van het plangebied heeft plaatsgevonden. Hieronder bevindt zich een overgangs-BC-horizont, die in het gehele plangebied vrijwel dezelfde dikte van circa 20 tot 25 cm heeft. Vervolgens bevindt zich daaronder de C-horizont. Dit natuurlijk bodemprofiel heeft zich kunnen vormen in sneeuwsmeltwaterafzettingen en betreft een holtpodzolbodem (bruine bosgrond). </p><p>Het onderzoek heeft daarnaast geresulteerd in het aantreffen van paal- en kuilsporen in het gehele plangebied (alle aangelegde werkputten), duidend op restanten van één of meerdere huisplaatsen of wellicht een deel van een nederzettingsstructuur. Er is aantasting geweest van archeologische sporen door laatprehistorische dan wel navolgende agrarische bewerking. Ook de archeologische begeleiding van de aanleg van het riooltracé (één bakbreedte lange sleuf) heeft alleen paalsporen opgeleverd. Er kunnen daarmee geen uitspraken worden gedaan over welk type gebouwstructuur/structuren het gaat (bijvoorbeeld een woonstalboerderij of een bijgebouw). Wanneer wordt gekeken naar de datering van het aardewerk valt op dat in het noordoostelijk deel van het onderzoeksgebied (werkput 5, 6 en 7) met name Bronstijd aardewerk is aangetroffen, terwijl in het zuidwestelijke deel (werkput 1, 2, 3 en 8) vooral het jonger gedateerde aardewerk uit de IJzertijd tot Romeinse tijd aanwezig is. Het merendeel van de fragmenten zijn aangetroffen in sporen bij de aanleg van het vlak en bij het couperen van enkele sporen en zijn dus direct aan de bewoningsfase te koppelen. Bijzonder is een vermoedelijk bouwoffer, bestaande uit een begraven deel van een pot gevonden direct naast een paalkuil. Dergelijke vondsten worden niet vaak gedaan en geeft meer inzicht in het gebruik van de bebouwing ter plaatse. Aan de hand van het vondstmateriaal lijken er twee bewoningsfasen/-perioden te bestaan; Midden-/Late-Bronstijd en IJzertijd/Romeinse tijd, waarbij Late-IJzertijd meest waarschijnlijk is. </p><p>Advies<br>De hoge waardering van de vindplaats leidt tot een selectieadvies: behoudenswaardig. Indien er niet gekozen wordt voor planaanpassing dan wordt geadviseerd een definitieve opgraving te laten uitvoeren, om daarmee de eventueel nog aanwezige archeologica ex situ veilig te stellen. Wanneer planaanpassing wel mogelijk is zal worden gekeken voor welke terreindelen een beperkte opgraving noodzakelijk is of dat een opgraving niet meer nodig is (wanneer de gewenste inrichting niet wordt uitgevoerd). Er is alleen sprake van duurzaam behoud indien toekomstige bodemingrepen beperkt blijven tot maximaal 30 cm -mv, zijnde de huidige bewerkte bouwvoor (conform het geldende beleid van de gemeente Barneveld). Door de initiatiefnemer is besloten de wadi niet aan te leggen, waar-mee de behoudenswaardige vindplaats in situ zal worden behouden. Behoud in situ is tevens het beleidsuitgangspunt van de gemeente Barneveld.</p>

提供机构:
Econsultancy
创建时间:
2020-01-03
二维码
社区交流群
二维码
科研交流群
商业服务