Archeologisch booronderzoek Winschoterweg 11 te Groningen (GR)
收藏DANS Data Station Archaeology2014-06-24 更新2026-04-09 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/DANS-ZRD-T5NZ
下载链接
链接失效反馈官方服务:
资源简介:
<p>De aanleiding tot het hier beschreven archeologisch inventariserend veldonderzoek zijn de bouwplannen voor de uitbreiding van agrarisch bedrijf De Wildt aan Winschoterweg 11 te Groningen. Omdat deze plannen met bodemverstorende ingrepen gepaard gaan, is er een archeologisch vooronderzoek noodzakelijk. Dit onderzoek wordt uitgevoerd conform de Wet op de archeologische monumentenzorg. <br>Rho Adviseurs voor leefruimte heeft MUG Ingenieursbureau, afdeling archeologie, opdracht gegeven het archeologische inventariserende booronderzoek uit te voeren.</p><p>Dit onderzoek heeft plaatsgevonden op 17 maart 2014 en is uitgevoerd door de heer A.R. Wieringa conform de eisen van de Kwaliteitsnorm Nederlandse Archeologie (KNA), versie 3.3.</p><p>Uit de boringen blijkt dat de bouwvoor bestaat uit zwak tot matig siltige grijsbruine klei. Deze bouwvoor gaat scherp over in een zwak tot matig siltige en matig tot sterk roestige klei met een dikte tussen de 5 en 30 cm. Deze klei gaat over in een donker- tot zwartgekleurd zwak siltig kleilaagje van enkele centimeters dik. Het betreft hier een vegetatieniveau. In boring 1 is dit vegetatieniveau het meest uitgesproken aanwezig. In de overige boringen is deze laag minder ontwikkeld en lijkt dit niveau wat gelaagder van aard. In de boringen 2 t/m 6 is er onder deze laag sprake van geulvullingen. De geulvullingen tekenen zich af als een zeer gelaagd pakket met daarin zeer dunne tot enkele centimeters dikke bandjes van slappe klei, silt en humus. Deze lagen reiken tot minimaal 3 m onder het maaiveld.</p><p>Het booronderzoek aan Winschoterweg 11 heeft aangetoond dat er binnen het gebied sprake is van een intacte natuurlijke bodemopbouw met daarin een stroommeander en bijbehorende oeverwal van de Hunze. In deze bodem heeft zich een natuurlijke vegetatielaag gevormd die in de eerste eeuwen voor en rond de jaartelling geschikt was voor bewoning. De aanwezigheid van het vegetatieniveau is een indirecte archeologische indicator. Een vegetatieniveau ontstaat onder droge omstandigheden binnen het landschap. Dergelijke locaties waren in de regel geschikt voor bewoning. In het hier aangeboorde vegetatieniveau werden in de boringen echter geen directe archeologische indicatoren gevonden, zoals: aardewerk, houtskool, botfragmenten of sporen van landbewerking. </p><p>Omdat directe archeologische indicatoren ontbreken, adviseren wij voor deze locatie geen verder archeologisch onderzoek te verrichten en de locatie vrij te geven voor de geplande uitbreiding van het boerenbedrijf. Dit advies geldt alleen voor de graafwerkzaamheden noodzakelijk voor de uitvoer van het huidige uitbreidingsplan en binnen het nu onderzochte terrein. Indien er andere bodemverstorende activiteiten gaan plaatsvinden, dienen deze opnieuw te worden voorgelegd aan de afdeling archeologie van de gemeente Groningen.</p><p>De bovengenoemde aanbeveling is getoetst en wordt onderschreven door de bevoegde overheid, gemeente Groningen, vertegenwoordigd door mevrouw F. Veenman.</p><p>Bij het afgeven van een omgevingsvergunning dient te allen tijde de wettelijke meldingsplicht (ex artikel 53 Monumentenwet 1988) kenbaar te worden gemaakt om het documenteren van toevalsvondsten te garanderen: “Degene die anders dan bij het doen van opgravingen een zaak vindt waarvan hij weet dan wel redelijkerwijs moet vermoeden dat het een monument is (in roerende of onroerende zin), meldt die zaak zo spoedig mogelijk bij onze minister”. Deze aangifte dient te gebeuren bij de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed in Amersfoort. Tevens is het raadzaam de stadsarcheoloog van gemeente Groningen (de heer G. Kortekaas en mevrouw F. Veenman) hiervan in kennis te stellen.</p>
提供机构:
MUG Ingenieursbureau BV
创建时间:
2014-06-25



