Leidschendam, De Wickelaan, Gemeente Leidschendam-Voorburg (ZH.). Een Archeologisch Bureauonderzoek en Inventariserend Veldonderzoek (IVO-O)
收藏DANS Data Station Archaeology2016-12-30 更新2026-04-09 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/DANS-ZJR-EU7Z
下载链接
链接失效反馈官方服务:
资源简介:
<p>Door De Steekproef bv is een archeologisch bureauonderzoek uitgevoerd voor zes kleine terreinen aan de De Wickelaan te Leidschendam. De aanleiding tot het onderzoek is de geplande aanleg van zeven insteekhaventjes. Hiertoe zullen ook delen van damwanden worden verplaatst. De hiervoor benodigde bodemingrepen kunnen eventueel aanwezige archeologische waarden aantasten. Het doel van het onderzoek is om vast te stellen in hoeverre de bodem intact is en of er archeologisch kansrijke niveaus aanwezig kunnen zijn. Het onderzoek bestaat uit een bureauonderzoek. Tijdens dit bureauonderzoek is een archeologisch verwachtingsmodel van het gebied gemaakt en is een Plan van Aanpak voor veldonderzoek opgesteld. Plangebied De Wickelaan ligt aan de rand van een strandvlakte die gevormd is tijdens het neolithicum. Ten westen hiervan lag een strandwal die door de hoge ligging in het landschap een meer voor bewoning geschikte vestigingsplek lijkt te zijn geweest voor mensen tijdens de prehistorie dan het op een riviervlakte gelegen plangebied. Uit eerder verricht booronderzoek is gebleken dat in het plangebied pas vanaf een diepte van vier meter beneden het maaiveld en beneden NAP de top van strandzand verwacht hoeft te worden. Indien in de top hiervan toch archeologische resten aanwezig zijn, zullen deze buiten de maximale ontgravingsdiepte van twee meter liggen die benodigd is voor de geplande insteekhaventjes. Na het neolithicum ontstond er een veenmoeras. Mogelijkheden voor bewoning zullen toen verder westelijk op de wal gelegen hebben ter plaatse van de (oude) duinen. Over het veen slibde omstreeks de ijzertijd klei op. Mogelijk liepen er toen getijgeulen door tot in het plangebied, waar ze voor erosie van strandzand en archeologische resten kunnen hebben gezorgd. Nederzettingsresten uit de Romeinse tijd zijn in de omgeving van het plangebied aangetroffen in de top van het laagpakket van Walcheren. Dergelijke nederzettingsresten komen in het onderzoeksgebied voor in de bovenste meter van het laagpakket van Walcheren en zullen uit vondstlagen bestaan en/of uit opgevulde spoorvullingen onder de bouwvoor. Ook kunnen ze samenhangen met, of gekenmerkt worden door, donkere lagen in de bovenste klei-afzettingen (vegetatie-horizonten of vuile lagen). Resten uit de Romeinse tijd en de middeleeuwen kunnen bestaan uit een cultuurlaag met scherven aardewerk, bot, verbrande klei, houtskool en dergelijke. Dergelijke resten kunnen, voor zover deze uit de Romeinse tijd dateren, samenhangen met het op korte afstand ten westen van het plangebied gelegen kanaal van Corbulo. Door de ondiepere ligging van resten uit de Romeinse tijd en de middeleeuwen zullen deze makkelijker zijn aangetast door moderne ingrepen. Om na te gaan of in het plangebied behoudenswaardige archeologische resten bewaard gebleven kunnen zijn, is na de bureaustudie een verkennend booronderzoek uitgevoerd conform het Plan van Aanpak, dat vooraf is afgestemd met de gemeente Leidschendam-Voorburg. Daarbij zijn op elk van de zes deelterreinen twee boringen uitgevoerd. Uit het booronderzoek blijkt dat in het plangebied vanaf een diepte van ongeveer 3,1 meter -NAP, doorworteld zand aanwezig is. In de top van dit zand zijn geen houtskoolspikkels aangetroffen die op bewoning in de steentijd zouden kunnen wijzen. Hier bovenop ligt een veenpakket met daarop tussen 1,8 en 2,5 meter -NAP een pakket slappe klei dat wordt onderbroken door veenlaagjes. Deze klei is dermate slap dat dit nooit geschikt kan zijn geweest voor bewoning. Hierin zijn dan ook geen archeologische indicatoren aangetroffen. Bovendien ligt de top hiervan op alle boorpunten ruimschoots beneden de voorgenomen ingreepdiepte. Gezien de diepe verstoring van de bodem, de ongeschiktheid van de top van de natuurlijke afzettingen voor bewoning en het ontbreken van archeologische indicatoren, geven de resultaten van het uitgevoerde onderzoek geen aanleiding tot het adviseren van beschermende en/of beperkende maatregelen of archeologisch vervolgonderzoek. Evenmin zijn in het plangebied archeologische resten gevonden waarmee bij de verdere planvorming rekening zou moeten worden gehouden.</p>
提供机构:
De Steekproef
创建时间:
2016-12-01



