Archeologisch bureau- en booronderzoek Landgoed Langkathoeve te Zeijen, gemeente Assen (DR)
收藏DANS Data Station Archaeology2012-09-09 更新2026-04-09 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/DANS-Z6V-H6RK
下载链接
链接失效反馈官方服务:
资源简介:
<p>Aanleiding tot het hier beschreven archeologisch inventariserend veldonderzoek (IVO) zijn de plannen van SBNL voor de herinrichting van Landgoed Langkathoeve te Zeijen, gemeente Assen. Omdat deze plannen met bodemverstorende ingrepen gepaard gaan, is een archeologisch vooronderzoek conform de Wet op de archeologische monumentenzorg noodzakelijk. De heer Boschinga heeft namens SBNL <br>MUG Ingenieursbureau, afdeling Archeologie, opdracht gegeven het onderzoek uit te voeren. </p><p>Uit het bureauonderzoek blijkt dat het onderzoeksgebied grotendeels bestaat uit veldpozolgronden en voor een klein deel uit loopodzolgronden. In het centrale deel van het plangebied heeft een beek gelopen. Hier komen moerige eerdgronden en beekeerdgronden voor. Geomorfologisch gezien bestaat het deel van het terrein waar podzolgronden voorkomen uit grondmorene welvingen en dekzandruggen. De oude beekloop bestaat uit beekeerdgronden met veen. Deze beekloop is ook terug te zien op de hoogtekaart. Het terrein is tussen 1898 en 1930 ontgonnen en er lopen enkele wegen door het onderzoeksgebied. De laagte van de voormalige beek is terug te zien. Hierna zijn enkele verkavelingssloten verdwenen en is de grote noordzuidgerichte sloot aangelegd. Op de IKAW heeft het onderzoeksgebied grotendeels een middelhoge tot hoge trefkans toegekend gekregen, met uitzondering van het centrale deel met de oude beekloop, dat een lage trefkans toegekend heeft gekregen.</p><p>De bodemkaart en geomorfologische kaart geven aan dat de ondergrond altijd aantrekkelijk is geweest voor bewoning. De podzolbodem die zich in het dekzand heeft ontwikkeld, wijst erop dat de bodem lange tijd met rust is gelaten en dat het een relatief hoog en droog gelegen locatie betreft, in de nabijheid van water (de oude beekloop). De overgangsgebieden van hoge naar lagere gronden waren door hun rijke biotoop, met name in de steentijd, aantrekkelijke vestigingsplaatsen voor de mens.</p><p>Uit het verkennend booronderzoek blijkt dat de bodem in het grootste deel van het onderzoeksgebied bestaat uit een bouwvoor/verstoorde laag op dekzand met hieronder soms keizand en/of keileem. In de top van het dekzand is slechts in enkele boringen een deels intacte podzolbodem (B-horizont) aangetroffen. Alleen tussen de boringen 2 en 39 is dit in aansluitende boringen aangetroffen. Hieromheen is karterend geboord. In de meeste karterende boringen was de bodem verstoord. Alleen in megaboring 2, 4 en 5 is een B-horizont aangetroffen. Het gaat dus om een zeer beperkt deel van het onderzoeksgebied waarin een B-horizont voorkomt. In het centrale deel van het plangebied komen in een aantal boringen geulafzettingen voor. Deze bestaan uit een afwisseling van zand en leem. In geen van de boringen zijn archeologische indicatoren aangetroffen.</p><p>Omdat de bodem in het plangebied grotendeels verstoord is en er binnen de zone met een intacte bodem reeds karterend is geboord en geen archeologische indicatoren zijn aangetroffen, wordt aanbevolen de locatie vrij te geven. Ook voor het deel van het plangebied waar geulafzettingen zijn aangetroffen wordt aanbevolen het gebied vrij te geven. Er zijn geen gebieden met hoge verwachtingen binnen het beekdal aangetroffen en geen aanwijzingen voor omliggende nederzettingen. Wanneer bij de uitvoering onverhoopt grondsporen en/of vondsten worden aangetroffen, dient hiervan direct melding te worden gemaakt bij de provinciaal archeoloog.</p>
提供机构:
MUG Ingenieursbureau b.v.
创建时间:
2012-09-10



