Plangebied Harinxmaland Sneek, gemeente Sneek. Archeologisch vooronderzoek: een waarderend onderzoek op terrein Harinxma (monumentnr. 10152)
收藏DANS Data Station Archaeology2007-06-03 更新2026-04-09 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/DANS-XFF-HMQQ
下载链接
链接失效反馈官方服务:
资源简介:
<p>Tijdens het archeologische onderzoek is gebleken dat in het onderzoeksgebied een archeologische vindplaats voorkomt. Het betreft waarschijnlijk een omgracht, deels afgegraven stateterrein uit de 16e en 17e eeuw. Hierin heeft wellicht ook een voorloper gelegen, namelijk een stins uit de 12e, 13e of vroege 14e eeuw, maar harde bewijzen hiervoor zijn niet aangetroffen. De vindplaats omvat zowel het AMK-terrein (monumentnr. 10152), vindplaats 45 als ook een ca. 10 brede strook ten zuidoosten van de zuidoostelijke begrenzing van het AMK-terrein (zie de gele stippellijn op figuur 1). De sloten die de vindplaats aan de zuidwestelijke, noordwestelijke en noordoostelijke zijde begrenzen, zijn waarschijnlijk onderdeel geweest van de oorspronkelijke omgrachting van het stins-/stateterrein. Ter hoogte van de zuidoostelijke begrenzing van de vindplaats ligt mogelijkerwijs een gedempte sloot/gracht. Op basis van deze voorgestelde begrenzing heeft de vindplaats een omvang van ca. 1,55 ha (155 x 101 m). In de boringen 15, 32, 705, 706 en 721 zijn aanwijzingen aangetroffen voor een dikke archeologische laag of ingravingen. Opvallend is dat juist deze boringen in elkaars verlengde liggen en een L-vorm maken. Mogelijkerwijs betreft het een binnengracht die aansloot op de knik in het slotenpatroon nabij boring 25 (in de lijn van de boringen 15 en 32) en dan wellicht een stenen huis in de noordwesthoek van het terrein heeft omgeven. Het is ook mogelijk dat ter hoogte van de genoemde boringen bebouwing is geweest. Er zijn echter hier, en ook elders op de vindplaats, geen puinconcentraties aangetroffen, die kunnen wijzen op een locatie met voormalige bakstenen bebouwing. De eerdere gedachte (Aalbersberg, 2006a en 2006b) dat ter hoogte van vindplaats 45 de voorhof heeft bevonden, moet waarschijnlijk verlaten worden. Een voorhof is eerder in het zuidoostelijke deel van de vindplaats te verwachten. Van de vindplaats rest nog een 0,05 tot 0,94 m dik deel van de archeologische laag. Deze bestaat uit klei met een enkele spikkel houtskool, fragmentjes verbrande klei/leem en baksteenpuin, en incidenteel (kogelpot)scherven. Van de archeologische laag is waarschijnlijk minstens 0,7 m afgegraven in de 19e en vroege 20e eeuw. Zowel in de zuidoosthoek van het AMK-terrein als ten noorden van het AMK-terrein bevindt het maaiveld zich 0,45 – 0,7 m hoger dan in de overige delen van de vindplaats. Hier ontbreekt de archeologische laag en ligtdirect onder de bouwvoor een natuurlijke kleilaag. Waarschijnlijk is hier minder of geen grond afgegraven. Buiten de afgravingen zijn op de vindplaats geen verstoringen aangetroffen. De vindplaats is dus redelijk bewaard gebleven. Dieper ingegraven grondsporen (zoals funderingsresten of uitbraaksleuven, kelders, waterputten, binnengrachten en dergelijke) kunnen nog aanwezig zijn. De conserveringsomstandigheden zijn voor alle vondstcategorieën gunstig. De vindplaats als geheel heeft een redelijk tot hoge kwaliteit en wordt behoudenswaardig geacht. Aanbevolen wordt de vindplaats door middel van planinpassing te vrijwaren van bodemingrepen. De archeologische laag bevindt zich direct onder de bouwvoor en is derhalve zeer kwetsbaar voor bodemingrepen, ook indien deze (slechts) oppervlakkig plaatsvinden. Aanbevolen wordt de vindplaats te beschermen door deze conform de geel gestippelde contour van figuur 1 op te nemen in het bestemmingsplan en op de plankaarten te vermelden als ‘archeologisch waardevol terrein’. De vermelding dient gekoppeld te zijn aan een aanlegvergunningstelsel. De bestemming dient in overeenstemming te worden gebracht met de behoudsdoeleinden. Indien meer duidelijkheid over de omvang en inrichting (locatie eventuele binnengracht en eventuele uitbraaksleuven die wijzen op de locatie van een bakstenen gebouw) van de vindplaats gewenst is, wordt aanbevolen om een archeologisch vervolgonderzoek in de vorm van geofysisch onderzoek uit te laten voeren, eventueel in combinatie met een proefsleuvenonderzoek.</p>
提供机构:
RAAP Archeologisch Adviesbureau
创建时间:
2007-06-04



