Zoekgebied De Leemslagen te Almelo, gemeente Almelo.
收藏DataCite Commons2026-04-28 更新2026-05-03 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/AR/7CVWGD
下载链接
链接失效反馈官方服务:
资源简介:
<p>In opdracht van WSP heeft RAAP in december 2025 een archeologisch vooronderzoek in de vorm van
een bureauonderzoek uitgevoerd voor het zoekgebied De Leemslagen te Almelo in de gemeente
Almelo. Binnen het zoekgebied van circa 53 ha is een hoogspanningslocatie met een oppervlak van
circa 18 ha gepland. De exacte locatie binnen het zoekgebied moet nog worden vastgesteld.
<p>Het zoekgebied ligt in een laaggelegen gebied tussen de stuwwalen van Delden en Wierden. In het
natuurlijke dekzandreliëf komen kleine hoogteverschillen voor: de beekoverstromingsvlaktes en de
dekzandkopjes verschillen vaak niet meer dan een halve meter. Hoewel langs waterlopen in de wijdere
omgeving hogere dekzandruggen voorkomen die waarschijnlijk aantrekkelijk waren voor bewoning, is
het mogelijk dat de dekzandkopjes binnen het zoekgebied door jager-verzamelaars uit de periode van
het laat-paleolithicum tot en met het neolithicum als locatie voor kleine kampementen zijn gebruikt.
Behalve een mogelijk plaggendek aan de zuidwestrand van het zoekgebied zijn voor de dekzandkopjes
binnen het zoekgebied geen aanwijzingen voor afdekkende pakketten. Het is dan ook waarschijnlijk dat
op de meeste dekzandkopjes eventuele vindplaatsen van jager-verzamelaars, die zich met name
kenmerken door een oppervlakkige vondstspreiding van bewerkt vuursteen en afval, als gevolg van de
ontginning en het landgebruik vanaf de late middeleeuwen zijn verstoord. Boringen in het zoekgebied
wijzen echter uit dat het om een beperkte verstoring gaat. Hierdoor kunnen ingegraven sporen in de
vorm van haardkuilen wel bewaard zijn gebleven.
<p>Het zoekgebied zal in de loop van het Holoceen veranderd zijn in het moerassig gebied met
bescheiden dekzandkopjes zoals dat bekend is uit historische bronnen. Enkele vondsten uit de tweede
helft van het neolithicum wijzen er op dat de directe omgeving van het zoekgebied in die periode nog
door mensen werd bezocht. Hoewel de vondsten in kwestie vermoedelijk depotvondsten zijn, is het
goed mogelijk dat er in de late prehistorie nog mensen woonden op de dekzandkopjes in het
zoekgebied. Vergelijkbare dekzandkopjes in de wijdere omgeving van het zoekgebied blijken namelijk
in ieder geval tot in de ijzertijd bewoond. In latere periodes zal het zoekgebied te kleinschalig en vooral
te nat zijn geweest voor landbouw. Pas in de late middeleeuwen ontstonden aan de randen van het
zoekgebied twee kampontginningen. Het grootste deel van het plangebied werd echter pas in de late
nieuwe tijd ontwaterd en ontgonnen. De twee historische erven in het zoekgebied dateren van na 1850.
Eén van de erven is nog steeds in gebruik, het andere erf is rond 2006 gesloopt. Op de locaties van
deze erven kunnen nog resten van bebouwing en bijbehorende resten uit de late nieuw tijd aanwezig
zijn.
<p>Op basis van de resultaten van het onderzoek blijkt dat in het zoekgebied (mogelijk) archeologische
resten bedreigd worden door de voorgenomen bodemingrepen. Op dit moment is echter nog niet exact
bekend waar in het zoekgebied de ingrepen plaats zullen vinden. Gezien de aard van de plannen is het
niet mogelijk om deze zodanig aan te passen dat verstoring wordt voorkomen. Wel kan bij het kiezen
van een locatie voor de ingrepen rekening worden gehouden met (mogelijke) archeologische resten.
Aangezien de locaties waar de kans op intacte archeologische resten het grootste is ter plekke van het
veronderstelde plaggendek en de historische erven, wordt geadviseerd deze delen van het zoekgebied
te ontzien. Het oostelijke deel van het zoekgebied zou met het oog op de archeologie dan ook een
geschiktere locatie voor de hoogspanningslocatie zijn.
<p>Ook in het oostelijke deel van het zoekgebied kunnen echter archeologische resten worden verwacht,
specifiek op de dekzandkopjes. De ligging van deze kopjes is reeds goed in beeld gebracht. Uit het
bureauonderzoek blijkt daarnaast dat de bodem niet diep verstoord is. Verder verkennend onderzoek
door middel van boringen heeft in dit geval een beperkte meerwaarde. Omdat verwachtte vindplaatsen
in dit gebied naar verwachting geen duidelijk herkenbare vondstlaag en een geringe vondstdichtheid
hebben, is het evenmin zinvol om karterend booronderzoek te verrichten om inzicht te krijgen in de
aanwezigheid van archeologische resten. Bovendien biedt dit soort onderzoek te weinig inzicht in de
precieze aard van een vindplaats en is het niet mogelijk om vast te stellen of er gegraven grondsporen
aanwezig zijn. Om eventuele vindplaatsen te begrenzen en te waarderen wordt daarom geadviseerd
om vervolgonderzoek middels een karterend en waarderend proefsleuvenonderzoek in zones met een
(middel)hoge verwachting op archeologische resten (zie figuur 22) in het nog vast te stellen plangebied
uit te laten voeren. Dit proefsleuvenonderzoek moet uitwijzen of er zich inderdaad archeologische
resten in het plangebied bevinden, of deze resten behoudenswaardig zijn en of ze door de geplande
ingrepen kunnen worden aangetast. Voor een goede waardering is in dit geval een relatief kleine
sleufdichtheid rond de 4% voldoende. Voor de binnen het nog vast te stellen plangebied gelegen zones
met een lage verwachting op archeologische resten wordt geadviseerd deze vrij te geven.
Voor een karterend en waarderend proefsleuvenonderzoek is een door de bevoegde overheid
goedgekeurd PvE noodzakelijk.
提供机构:
DANS Data Station Archaeology
创建时间:
2026-04-20



