Een aanvullende archeologische inventarisatie van een deel van het Eemstroomgebied, zuidelijk Flevoland
收藏DANS Data Station Archaeology1999-12-30 更新2026-04-09 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/DANS-ZXU-ES7W
下载链接
链接失效反馈官方服务:
资源简介:
<p>In opdracht van Rijkswaterstaat, Directie IJsselmeergebied (RDIJ)1 is in het Eemstroomgebied van Flevoland een Aanvullende Archeologische Inventarisatie (AAI) uitgevoerd (afb. 1). Het doel van dit onderzoek was inzicht te verkrijgen in de aard en de omvang van de archeologische waarden in dit gebied. Daartoe verrichtte de Rijksdienst voor het Oudheidkundig Bodemonderzoek (ROB) op een aantal kavels een archeologisch booronderzoek.<br>Op basis van de verkregen gegevens zouden er aanbevelingen moeten worden gedaan voor toekomstig grondbeheer en grondverbeteringswerkzaamheden.<br>De kartering en de uitwerking werden uitgevoerd in de perioden november 1994 - januari 1995 en augustus 1995 - januari 1996.</p><p>Concluderend kan gesteld worden dat dit onderzoek heeft aangetoond dat alle gekarteerde pleistocene zandopduikingen archeologische resten bevatten. Op het onderzochte rivierduin op kavel Kz45/46 zijn resten van menselijke bewoning aangetroffen. Met het oog op de toekomstige uitgifte van kavels is het dan ook aan te bevelen om de kavels uit te geven met een weidebouwbestemming teneinde de aanwezige archeologische resten te beschermen. Daarnaast zijn er ook op de dekzandruggen sporen van menselijke activiteiten aangetoond. Het lijkt daarbij te gaan om vondstcomplexen die zich over grote gebieden uitstrekken en waarin met de gebruikte methode - die primair gericht was op het opsporen van bewoningslagen - niet of nauwelijks horizontale begrenzingen zijn aan te geven. Er wordt dan ook aanbevolen om op deze locaties geen werkzaamheden uit te voeren die dieper reiken dan de huidige bouwvoor (ca. 30 cm), hierbij inbegrepen ploegen, scheuren, frezen, egaliseren of het leggen van drainagepijpen. Om de in hoofdstuk 2 geschetste problemen van de pachters op te lossen is het vanuit archeologisch oogpunt wenselijk om te kiezen voor het opbrengen van gerijpte klei om een holoceen pakket van 70 cm te creëren, in combinatie met het kunstmatig hoog houden van de grondwaterspiegel. Op deze wijze kan de verdrogingsproblematiek worden opgelost, terwijl de aanwezige archeologische waarden tegelijkertijd beter worden beschermd en behouden. Hierbij dient te worden aangetekend dat dit eveneens geldt voor de gebieden die in meer of mindere mate door erosie zijn aangetast. Het betreft hierbij voornamelijk de hoger gelegen delen van rivierduinen en dekzandruggen waar logischerwijze de meest intensieve bewoningsactiviteiten verwacht mogen worden, en waar de aanwezigheid van grondsporen zeer waarschijnlijk is. Bij grondsporen moet gedacht worden aan door mensen veroorzaakte verstoringen van de natuurlijke ondergrond, zoals paalgaten en brandkuilen. Deze sporen kunnen tot wel een meter diep in de ondergrond reiken. De kans dat ze bij booronderzoek worden herkend is echter vrijwel nihil. Omdat deze sporen zo diep reiken kan ook een geërodeerde zone nog archeologisch waardevol zijn. Dit is echter alleen vast te stellen als er proefputten worden gegraven. Dit is in het kader van deze kartering echter niet gebeurd, aangezien de benodigde toestemming van de pachters ontbrak. Anderzijds zou het graven van proefputten waarschijnlijk hebben geleid tot onnodige - en dus ongewenste - beschadigingen van de aanwezige archeologica. Op basis van de uitgevoerde kartering worden de volgende adviezen over het toekomstige grondbeheer gegeven. Het is wenselijk dat de bestemming van kavels die thans een akkerbouwbestemming hebben, bij een eventuele wisseling van pachters wordt omgezet in een weidebouwbestemming. Verder wijzen de resultaten van deze kartering erop dat het raadzaam is dat er een weidebouwbestemming wordt gegeven aan de in de toekomst uit te geven kavels elders in Zuidelijk Flevoland waar pleistocene opduikingen binnen twee meter onder maaiveld aanwezig zijn. Dit om mogelijk aanwezige archeologische resten met een minimum aan inspanning en ongemak voor de pachter zo effectief mogelijk te beschermen.</p>
创建时间:
1999-01-01



