five

Archeologisch bureauonderzoek van plangebied Nieuw Boekhorst te Voorhout, gemeente Teylingen

收藏
DANS Data Station Archaeology2021-08-17 更新2026-04-09 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/DANS-X7G-T894
下载链接
链接失效反馈
官方服务:
资源简介:
<p>Archol heeft in opdracht van Witteveen+Bos een archeologisch bureauonderzoek uitgevoerd voor het 40 ha grote<br>plangebied Nieuw Boekhorst te Voorhout in de gemeente Teylingen. Aanleiding voor het onderzoek is de hier geplande<br>nieuwbouw van een woonwijk. Het plangebied ligt in bestemmingsplan Buitengebied, 1e herziening, dat is vastgesteld op 19 december 2019 (onherroepelijk). Het blijkt volgens dit bestemmingsplan grotendeels samen te vallen met gronden waaraan de bestemming ’Waarde ‐Archeologie categorie 6’ is toegekend. Op deze gronden geldt voor geplande grond‐ en hei/schroefwerkzaamheden vanaf diepte groter dan 30 cm en een omvang groter dan 500 m2, dat de aanvrager van de omgevingsvergunning vóór het bouwen een archeologisch rapport moet overleggen, waarin de archeologische waarden van de gronden die blijkens de aanvraag zullen worden verstoord zijn vastgesteld. Aangezien de bodemingepen bij de realisatie van de nieuwbouwplannen deze ondergrenzen zullen overschrijden, dient een archeologisch onderzoek plaats te vinden.</p><p>Doel van het onderzoek was vast te stellen of de werkzaamheden kunnen leiden tot aantasting van eventueel aanwezige archeologische waarden. Het bureauonderzoek is erop gericht een specifiek verwachtingsmodel voor het terrein op te stellen met de bekende en verwachte archeologische waarden.</p><p>Het plangebied blijkt gelegen op een vlakte van een ingesloten strandvlakte met of zonder vervlakte duinen. Deze vlakte<br>wordt aan de zuidoostzijde en noordwestzijde begrensd door strandwallen. Waarschijnlijk heeft de strandvlakte bestaan tot in de bronstijd. Daarna stroomde de strandvlakte niet langer over, maar was deze nog wel zo nat dat de vlakte begroeid raakte met riet. Het proces van veenvorming die hierbij plaatsvond, duurde voort tot in de late ijzertijd of de Romeinse tijd. Aan het einde van de Romeinse tijd en in de vroege middeleeuwen kwamen in het mondingsgebied van de Oude Rijn wederom overstromingen voor. Daarbij is uiteindelijk ook het veengebied overstroomd. Het plangebied is dus lang een nat landschap geweest: eerst een strandvlakte, daarna een uitgestrekt moeras dat regelmatig overstroomde. Waarschijnlijk is het gebied pas sinds de laatmiddeleeuwse veenontginningen bewoonbaar geworden. Op grond van het archeologisch bureauonderzoek is het volgende te verwachten en te adviseren. Binnen het plangebied zijn twee bekende historische objecten aanwezig, te weten een kasteelterrein/boerenerf en een molen. Voor deze locaties geldt een hoge verwachting. Aangezien op de twee historische locaties met name funderingen zijn te verwachten, is regulier verkennend booronderzoek niet aan te bevelen als eerste stap van het vervolgonderzoek. Archol adviseert in dit geval dan ook om in te zetten op geofysisch bodemonderzoek, gericht op het lokaliseren van muurfunderingen en grachten (uit de verschillende fasen van) het kasteelterrein en de molen. Verder geldt voor enkele verstoorde zones een zeer lage verwachting. De verstoorde gebieden met een zeer lage verwachting kunnen zondermeer worden vrijgegeven. In de overige (ongestoorde) delen van het plangebied lijkt de bestaande middelhoge verwachting zoals aangegeven op de gemeentelijke verwachtingskaart bij te stellen tot laag: op basis van globale landschappelijke kenmerken en resultaten uit omringende en overlappende onderzoeksgebieden. Zolang er echter geen nader booronderzoek is uitgevoerd binnen het plangebied, is deze bijgestelde verwachting niet te staven en dient de middelhoge verwachting nog gehandhaafd te blijven. Het verdient dan ook aanbeveling om in navolging van de beleidskaart in deze middelhoge verwachtingszones binnen het plangebied, in geval van planvorming en voorafgaand aan vergunningverlening, vroegtijdig archeologisch inventariserend veldonderzoek uit te voeren. Doel is om voor deze omvangrijke gebieden de bodemopbouw en het landschap meer gedetailleerd in kaart te brengen, zodat het verwachtingsmodel getoetst en waar nodig bijgesteld kan worden. Ondanks dat het bureauonderzoek met alle zorgvuldigheid is opgesteld, is niet uit te sluiten dat in adviesgebieden zonder<br>vervolgonderzoek, toch archeologische resten aanwezig kunnen zijn. Zo is eerder immers al gewezen op mogelijke<br>toevalsvondsten in gebieden met natte landschapen uit de prehistorie en Romeinse tijd.</p>
提供机构:
Archol bv
创建时间:
2021-02-02
二维码
社区交流群
二维码
科研交流群
商业服务