Transect-rapport 1377: Archeologische Begeleiding conform Protocol Opgraven. Nieuwerkerk aan den Ijssel, 's-Gravenweg 4, Gemeente Zuidplas (ZH)
收藏DANS Data Station Archaeology2018-02-05 更新2026-04-09 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/DANS-ZQ6-CUXG
下载链接
链接失效反馈官方服务:
资源简介:
<p>In mei/juni 2017 is een archeologische begeleiding uitgevoerd in een plangebied aan de ’s-Gravenweg 4 in Nieuwerkerk aan den IJssel (gemeente Zuidplas). Resultaten De archeologische begeleiding heeft zes archeologische sporen en 96 vondsten opgeleverd. De sporen bevinden zich in of aan de basis van spoor 1000, dat geïnterpreteerd is als recent ophoogpakket. De sporen omvatten een uitbraaksleuf met insteek, twee muurrestanten van een gebouw uit de jaren ’60, vier houten paaltjes en een kuil die een cranium van een paard en twee keramiekscherven bevat. Eén van de houten paaltjes is gevonden bij spoor 2 en 4 (muurrestanten) en behoort hier ook toe. De andere drie paaltjes vormen een (kleine) palenrij en zijn gefundeerd in de top van de veenlaag (spoor 3000). De drie paaltjes zijn afkomstig van spoor 1000, dat in dit gedeelte van de werkput direct bovenop het natuurlijke veen ligt (spoor 3000).<br>De 96 vondsten kunnen onderverdeeld worden in 74 scherven keramiek, twaalf fragmenten bouwmateriaal (tegel- en baksteenfragmenten en drie complete bakstenen), vijf fragmenten pijpaarde, twee fragmenten botmateriaal, een houten paaltje (afkomstig van spoor 6), een kooltje en een plastic dopje. De vondsten zijn voornamelijk gedaan in spoor 999 en 1000 tijdens de aanleg en hebben daarmee geen duidelijke archeologische context. Het keramiek dateert in de 15e t/m de 20e eeuw en bestaat uit fragmenten van uiteenlopende voorwerpen, zoals grapen en borden, en zijn gemaakt van roodbakkend aardewerk, witbakkend aardewerk, majolica, steengoed en porselein. Het vondstmateriaal is afkomstig van dorps-/stadsafval uit recente ophoogpakketten en zegt dus niet veel over het gebruik van het plangebied in het verleden, behalve dat het opgehoogd is geweest.<br>Globaal gezien is de bodemopbouw van boven naar beneden als volgt: onder een verstoord pakket van ca. 10 cm (spoor 999) is een recent ophoogpakket aanwezig (spoor 1000) dat varieert in diepte van 40 tot 130 cm -Mv. Daaronder liggen venige en zandige kleilagen, die in het zuidoostelijk deel van het plangebied o.a. betonresten en bouwmateriaal- en houtskoolspikkels bevatten (spoor 1100, 1200 en 1300; ca. 110 cm dik) en in het noordwestelijk deel van het plangebied bouwmateriaal- en houtskoolspikkels bevatten (spoor 1400, 2100, 2200 en 2300; ca. 70 cm dik). Onder de kleilagen bevindt zich spoor 2000 (veraarde veenlaag) die in feite de top van de veenlaag daaronder vormt, namelijk spoor 3000. Spoor 3000 vormt de onderste laag in de profielen en is geïnterpreteerd als Hollandveen, dat is gevormd vanaf het Midden-Neolithicum tot 2500 jaar geleden.<br>De bodemopbouw komt in grote lijnen overeen met die uit het vooronderzoek. De archeologische begeleiding heeft daarnaast extra informatie opgeleverd over de opbouw van de kleilagen tussen spoor 1000 en het natuurlijke veen. In het booronderzoek zijn de kleilagen als één kleilaag met fijne puintjes en houtskoolfragmenten beschreven.<br>Een woonterp die vanuit het vooronderzoek verwacht kon worden, is op basis van de profielen niet aangetroffen. Indien aanwezig in de ondergrond, ligt de woonterp waarschijnlijk dichter naar de ’s-Gravenweg toe (ten zuiden van het plangebied). In eerste instantie leek het erop dat spoor 2300, 2200 en 2100 een woonterp zouden kunnen betreffen. In een profiel in de zuidwesthoek van het terrein was spoor 2200 ook waar te nemen, maar hier lag deze laag op een laag waaruit o.a. plastic en betonresten kwamen en dus recent is. Spoor 2200 kan dus geen onderdeel uitmaken van een (laatmiddeleeuwse) woonterp, net als spoor 2300 dat op spoor 2200 ligt.<br>Op basis van historisch kaartmateriaal kan gezegd worden dat het plangebied minimaal in gebruik is genomen vanaf de 19e eeuw voor bewoning. Bekend is dat de omgeving van het plangebied is ontgonnen vanaf de Late-Middeleeuwen. De ’s-Gravenweg is een ontginningslint, van waaruit het veen ontgonnen werd. In het plangebied zijn dan ook nog dikke pakketten veen aanwezig. Na de vorming van het veen is de grond opgehoogd om het laaggelegen gebied bewoonbaar te maken. De grond binnen het plangebied is in de Nieuwe tijd en daarna opgehoogd. In de afgelopen decennia zijn er een zwembad en één of meerdere gebouwtjes aangelegd in het plangebied. Door de sloop van het zwembad en het gebouwtje / de gebouwtjes is de ondergrond (groten-)deels verstoord geraakt, waardoor mogelijk aanwezige archeologische waarden zijn verdwenen.</p>
提供机构:
Transect
创建时间:
2018-02-06



