Bureauonderzoek en Inventariserend veldonderzoek - verkennende fase Burgemeester Dittersstraat te Beneden-Leeuwen, gemeente West Maas en Waal (GD) Bureauonderzoek en Inventariserend veldonderzoek - verkennende fase Burgemeester Dittersstraat te Beneden-Leeuwen, gemeente West Maas en Waal (GD)
收藏DANS Data Station Archaeology2023-02-19 更新2026-04-09 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/DANS-ZMG-TBYJ
下载链接
链接失效反馈官方服务:
资源简介:
<p>Laagland Archeologie heeft in februari 2021 een Bureauonderzoek en Inventariserend veldonderzoek - verkennende fase uitgevoerd aan de Burgemeester Dittersstraat te Beneden-Leeuwen. Het onderzoek vond plaats in verband met de ruimtelijke procedure rondom de bouw van zes meergeneratiewoningen.<br>Het bureauonderzoek had tot doel een archeologisch verwachtingsmodel op te stellen. Centraal staat daarbij de vraag of en zo ja welke archeologische resten (complextype, datering, diepteligging en gaafheid) in het plangebied kunnen worden verwacht. Hiertoe zijn landschappelijke, archeologische en historische bronnen geraadpleegd.<br>Het plangebied ligt landschappelijk gezien op een doorbraakwaaier bestaande uit overslaggronden die een oeverwal afdekken. Direct ten zuiden van het plangebied liggen komafzettingen op oeverafzettingen. Deze dekken mogelijk beddingafzettingen van de Leeuwen stroomgordel af. In de rapportage van het direct ten zuiden van het plangebied gelegen onderzoeksgebied gaat het bij deze beddingafzettingen om de Formatie van Kreftenheye. Het niveau van de beddingafzettingen komt meer overeen met dat waarop de Leeuwen stroomgordel (tussen 2 en 3 m -mv) verwacht kan worden, terwijl de diepte van de Formatie van Kreftenheye tussen 4 en 5 m -mv te verwachten is volgens de Zandbanenkaart. Vanwege de karakteristieke vorm van het erf op de Kadastrale Minuutkaart en de hogere ligging op de AHN-kaart gaat het mogelijk om een opgehoogde huisterp. Verhoogde huisplaatsen zijn aangelegd na de bedijking in de 13e/14e eeuw. Ergens in 2016 of vrij snel erna is het woonhuis uit 1927 dat naast de huidige bebouwing binnen het plangebied aanwezig was gesloopt. Mogelijk heeft daarbij enige verstoring plaatsgevonden. Op basis van het bureauonderzoek geldt een hoge verwachting voor archeologische resten vanaf de IJzertijd tot en met de Nieuwe tijd. Archeologische resten uit de IJzertijd tot Nieuwe tijd kunnen verwacht worden nabij het maaiveld, in of onder ophogingen en tot maximaal 3 m -mv in de afgedekte oeverafzettingen. Resten uit vroegere perioden worden op een diepte van meer dan 3 m -mv verwacht.<br>Het uitgevoerde verkennende booronderzoek heeft tot doel het verwachtingsmodel te toetsen en zonodig aan te vullen. Hiertoe zijn verspreid over het toegankelijke deel van het plangebied verkennende boringen gezet. In dit stadium is verkennend booronderzoek de meest efficiënte onderzoekswijze om de archeologische potentie van het plangebied in kaart te brengen.<br>Op basis van het uitgevoerde booronderzoek is de kans groot dat het plangebied archeologische sporen bevat binnen de voorgenomen verstoringsdiepte, afgezien waar het uit 1927 gesloopte woonhuis gestaan heeft. Bij de verwijdering van de funderingen is een verstoring ontstaan die tenminste 170 cm diep is. Binnen het plangebied zijn oude woongronden aangetroffen, die deels een aanzienlijke ophoging representeren. In deze oude woongronden en in direct eronder liggende oeverafzettingen zijn vrijwel overal archeologische indicatoren aangetroffen (houtskool, fosfaatvlekken en baksteen).<br>Om die reden wordt nader archeologisch onderzoek geadviseerd conform protocol 4003 IVO (landbodems).<br>Gelet op de te verwachten prospectiekenmerken en prospecteerbaarheid van een eventuele vindplaats wordt geadviseerd dit vervolgonderzoek uit te voeren in de vorm Samenvatting van een proefsleuvenonderzoek conform de KNA Leidraad Inventariserend Veldonderzoek Deel: Proefsleuvenonderzoek (IVO-P).1 De implementatie van dit advies is in handen van de gemeente West Maas en Waal, hierin vertegenwoordigd door de archeologisch adviseur van de gemeente, de heer René Isarin, Crevasse Advies.<br>Mochten tijdens de werkzaamheden onverhoopt toch archeologische resten worden aangetroffen, of resten waarvan redelijkerwijze kan worden vermoed dat het om archeologische resten gaat, dan geldt op grond van de Erfgoedwet (art. 5.10) een meldingsplicht. Dit kan bij de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE, www.cultureelerfgoed).</p>
提供机构:
Laagland Archeologie VOF
创建时间:
2023-01-01



