five

Een archeologisch inventariserend veldonderzoek (IVO) door middel van grondboringen in het trace van het waterbeheersingsplan Nieuwlande, plandeel Braambergersloot-De Belt Slagharen, gemeenten De Wolden en Hoogeveen (Dr.)

收藏
DANS Data Station Archaeology2006-06-25 更新2026-04-09 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/DANS-XPC-R2RC
下载链接
链接失效反馈
官方服务:
资源简介:
<p>Aanleiding tot het uitvoeren van een archeologisch inventariserend veldonderzoek (IVO) is het resultaat van een archeologisch bureau-onderzoek (Mulder 2006) in het kader van het waterbeheersingsplan Nieuwlande, plandeel Braambergersloot-De Belt Slagharen, van het waterschap Velt en Vecht. De conclusies van het bureau-onderzoek geven aan dat er in een deelvan het traject waar bodemverstoringen zullen plaatsvinden er mogelijk archeologische waarden aanwezig zijn. In de aanbeveling worden verschillende deeltrajecten aangewezen voor verder onderzoek. In een overleg tussen de opdrachtgever, Royal Haskoning, Steenwijk, met Drents Plateau1 is vastgesteld dat op een deel van het onderzoeksgebied er geen, of slechts minimale bodemverstorende ingrepen zullen plaatsvinden. Daarom is besloten om alleen die (deel)trajecten waar werkelijk uit te voeren werken zullen plaatsvinden, door middel van een archeologisch booronderzoek te onderzoeken. De planuitvoerder Royal Haskoning Infrastructuur en Transport heeft het inventariserend veldonderzoek uitbesteed aan Archaeological Research & Consultancy (ARC bv). Het veldwerk vond plaats op 29 mei tot 1 juni 2006 en is uitgevoerd door dr. H. Buitenhuis en drs. ing. G.J. de Roller.</p><p>Doel van het onderzoek was het vaststellen van de gaafheid van de bodem, in het bijzonder van de zandbodem, om de potentiële lokatie van archeologische (vuursteen) vindplaatsen vast te stellen. In paragraaf 2.1 is per traject besproken bij welke boorpunten min of meer intacte podzolbodems zijn aangetroffen. In afb. 8 is aangegeven bij welke boorpunten en in welke trajecten er potentieel archeologische (vuursteen)vindplaatsen zouden kunnen worden aangetroffen. In het hierbeschreven onderzoek waren de afstanden tussen de boorpunten van dien aard (50 tot 100 meter) dat het aantreffen van een vindplaats een zeer groot toeval zou zijn geweest. Verdichting van het boorgrid tot 10 of 20 meter tussen de boorpunten in de aangegeven trajectdelen en bemonstering van de bodem zou verder uitsluitsel kunnen geven omtrent de potentiële aanwezigheid van archeologische vindplaatsen.</p>
创建时间:
2006-06-26
二维码
社区交流群
二维码
科研交流群
商业服务