Pijnacker-Nootdorp, Een archeologische verwachtings- en beleidsadvieskaart
收藏DataCite Commons2025-01-20 更新2025-04-09 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/AR/NCQV1R
下载链接
链接失效反馈官方服务:
资源简介:
In opdracht van de gemeente Pijnacker-Nootdorp heeft Erfgoed Delft e.o./Archeologie een archeologische verwachtings- en beleidsadvieskaart opgesteld voor deze gemeente. Het kaartmateriaal dient gebruikt te worden tijdens besluitvorming in het kader van de ruimtelijke ordening. Zo kunnen voorgenomen plannen, in een vroeg stadium, worden beoordeeld op hun gevolgen voor het bodemarchief en kan hier op een passende manier mee worden omgegaan. Het opstellen van een verwachting voor het voorkomen van nog onbekende archeologische resten is mogelijk omdat we aannemen dat dergelijke resten niet willekeurig in een gebied zijn verspreid, maar gerelateerd zijn aan de landschappelijke kenmerken van een regio. Een analyse van de geologische ontwikkeling van het onderzoeksgebied levert informatie over de bewoningsmogelijkheden door de tijd heen. Door deze gegevens te combineren met de bekende archeologische en historisch-geografische informatie, kan worden gecontroleerd of er daadwerkelijk aanwijzingen zijn dat men deze bewoningsmogelijkheden heeft benut en zo ja, tijdens welke periode(n). Voor het selecteren van een woonlocatie waren de bewoners van het onderzoeksgebied tot en met de Vroege Middeleeuwen sterk afhankelijk van de lokale landschappelijke omstandigheden. In het algemeen waren deze zeer nat, waardoor men aangewezen was op de hoger gelegen, droge plekken. Vanaf de Late Middeleeuwen werd er toenemend ingegrepen op het natuurlijke landschap, waardoor de bewoningsmogelijkheden kunstmatig werden uitgebreid. In de ondergrond van Pijnacker-Nootdorp bevinden zich verschillende geologische afzettingen waarop archeologische resten kunnen worden verwacht. Binnen de eerste meters van de bodemopbouw liggen de kleiafzettingen van de Gantel Laag en het Laagpakket van Wormer, het Hollandveen Laagpakket en mogelijk enkele fossiele zeeduinen van de Laag van Ypenburg. Dieper in de ondergrond worden resten van de zand- en grindafzettingen van de Formatie van Echteld aangetroffen en is er kans op het voorkomen van fossiele rivierduinen van de Formatie van Kreftenheye. Uit het onderzoeksgebied zijn 34 archeologische vindplaatsen bekend die bruikbaar zijn voor het opstellen van een archeologische verwachting over het voorkomen van nog onbekende archeologische resten. Hieronder bevindt zich één nederzetting uit de Romeinse tijd. De overige vindplaatsen dateren uit de Late Middeleeuwen en/of Nieuwe tijd. Uit deze informatie blijkt dat de bewoning in het onderzoeksgebied schaars was tot en met de Vroege Middeleeuwen. Vanaf de Late Middeleeuwen nam de bewoningsintensiteit aanzienlijk toe. Uit zowel de verspreiding van de bekende archeologische vindplaatsen als uit historisch kaartmateriaal blijkt dat bewoning vanaf toen (voornamelijk) plaatsvond in duidelijke concentraties: er ontstonden dorpskernen en bewoningslinten, die verschillende geologische eenheden doorkruisen. Op de archeologische verwachtingskaart is een hoge verwachting voor het aantreffen van archeologische waarden toegekend aan de dorpskernen en bewoningslinten die vanaf de Late Middeleeuwen zijn ontstaan. Een middelhoge verwachting is toegekend aan de geologische afzettingen die, in een bepaalde periode, relatief hoog lagen ten opzichte van de omgeving: de Formatie van Echteld, de geulsedimenten van de Gantel Laag en het Laagpakket van Wormer en de mogelijk voorkomende Laag van Ypenburg en Formatie van Kreftenheye. Aan het Hollandveen Laagpakket en die delen van het Laagpakket van Wormer Samenvatting die zijn bedekt met jongere sedimenten is een middelhoge/lage archeologische verwachting toegekend. Het is zeer waarschijnlijk dat zich hier archeologische resten bevinden maar, zonder aanvullend veldonderzoek, kan niet worden vastgesteld waar de relatief hooggelegen afzettingen liggen. Hierdoor kan dit gebied niet worden gesplitst in zones met een middelhoge en een lage archeologische verwachting. Tenslotte is een lage archeologische verwachting toegekend aan de dekafzettingen van de Gantel Laag en geldt er geen archeologische verwachting voor de dekafzettingen van het Laagpakket van Wormer. De beschreven verwachtingszones zijn op de archeologische beleidsadvieskaart vertaald naar concrete beleidslijnen. Hiervoor is gebruik gemaakt van een vrijstellingsregime, waarbij ruimtelijke ingrepen tot een bepaalde omvang en diepte worden ontheven van archeologisch onderzoek. In de zones met een hoge archeologische verwachting bevinden eventueel aanwezige archeologische resten zich direct onder de bouwvoor. De maximale diepte van bodemingrepen die worden vrijgesteld van archeologisch onderzoek is hier dan ook vastgesteld op 0,30 meter -maaiveld. Omdat binnen de oude dorpskernen eventueel aanwezige archeologische waarden dichter geconcentreerd zullen voorkomen dan binnen de lintbebouwingen is de maximaal toegestane verstoringsoppervlakte voor de dorpskernen vastgesteld op 50 meter2 en voor de lintbebouwingen op 100 meter2 . In de zones met een middelhoge archeologische verwachting worden eventueel aanwezige archeologische resten ook direct onder de bouwvoor verwacht. De maximale verstoringsdiepte voor vrijgestelde bodemingrepen is hier eveneens 0,30 meter -maaiveld. Omdat de concentratie van archeologische resten hier minder dicht zal zijn dan in de hoge verwachtingszone is de maximaal toegestane verstoringsoppervlakte hier vergroot tot 200 meter2 . De middelhoge verwachting die is toegekend aan de mogelijk voorkomende Formatie van Kreftenheye is op de beleidsadvieskaart vertaald naar een aandachtszone waarbinnen aanvullend (veld)onderzoek moet worden uitgevoerd bij geplande bodemingrepen dieper dan 3 meter -maaiveld en groter dan 200 meter2 . Zonder aanvullend veldonderzoek is het onmogelijk om uitspraken te doen over de ligging van de middelhoge en lage verwachtingszones binnen het gebied dat op de verwachtingskaart is aangegeven als middelhoge/lage verwachtingszone. Daarom wordt dit hele gebied op de beleidsadvieskaart beschouwd als een middelhoge verwachtingszone. De maximaal toegestane verstoringsoppervlakte voor vrijgestelde bodemingrepen is dan ook hier 200 meter2 . Omdat de eventueel aanwezige archeologische waarden in deze zone zijn bedekt door een dik kleipakket, kan in deze zone wel vrijstelling worden verleend voor bodemingrepen tot 1 meter -maaiveld. Voor de bekende archeologische vindplaatsen in het onderzoeksgebied is behoud van de bestaande situatie gewenst. Wanneer dit niet mogelijk is dient aanvullend (veld)onderzoek te worden gedaan naar de aard van de vindplaats. Op basis daarvan kunnen vervolgstappen worden bepaald. Wanneer bodemingrepen worden gepland op de AMK-terreinen in Pijnacker-Nootdorp, vallen deze altijd onder de onderzoeksplicht in het kader van de AMZ. Uit recent archeologisch onderzoek is gebleken dat de bouw van kassen tot weinig verstoring van het bodemarchief leidt. De daadwerkelijk te verwachten verstoring hangt echter nauw samen met de exacte plannen. Er wordt daarom aangeraden om de ruimtelijke ontwerpen voor kasbouw, in een vroeg stadium, voor te leggen voor archeologisch bureauonderzoek. De plannen kunnen dan getoetst worden op de gevolgen die ze zullen hebben voor eventueel aanwezige archeologische resten. Dit kan leiden tot het vrijgeven van (een deel van) het plangebied, maar ook tot het opstellen van een alternatief inrichtingsvoorstel waarbij de noodzaak voor archeologisch (veld)onderzoek wordt beperkt
提供机构:
DANS Data Station Archaeology
创建时间:
2025-01-09



