Hilversum, Merem-terrein, Gemeente Hilversum (NH.). Archeologische Begeleiding onder Protocol Proefsleuven
收藏DANS Data Station Archaeology2016-10-25 更新2026-04-09 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/DANS-ZRM-HDJT
下载链接
链接失效反馈官方服务:
资源简介:
<p>De Steekproef heeft een archeologische begeleiding conform protocol proefsleuven uitgevoerd op het Merem-terrein, te Hilversum, gemeente Hilversum, provincie Noord-Holland. De aanleiding voor het onderzoek is de voorgenomen herontwikkeling van het gebied. Op het terrein is een behandelingscentrum voor astmapatiënten gevestigd (het Merem Behandelcentrum Heideheuvel). Het Merem-terrein wordt in verschillende bouwfasen ontwikkeld. In eerste instantie waren het Merem Behandelcentrum en de gemeente Hilversum overeengekomen om de archeologische begeleiding van de kabels- en leidingensleuven te laten gelden als proefsleuvenonderzoek. Na afloop van de aanleg en documentatie van put 1 (onderdeel van de kabels- en leidingensleuf) is met het Merem Behandelcentrum en de gemeente Hilversum afgesproken om binnen de begrenzing van de door RAAP voor vervolgonderzoek aangemerkte delen in het onderzoeksgebied, meerdere sleuven aan te leggen en hierbij zo veel mogelijk het tracé van de kabels- en leidingensleuf te volgen. Op deze wijze is de archeologische begeleiding onder protocol proefsleuven, omgevormd tot een proefsleuvenonderzoek (IVO-P). In totaal is 5,4 procent van het gebied onderzocht. Uit het onderzoek blijkt dat in het onderzoeksgebied een opgebracht pakket humeus zand aanwezig is. De oorspronkelijke bodem onder dit pakket bestond uit een podzolbodem. Deze is lokaal door vergravingen en verploegingen geheel verdwenen. Op een aantal plekken zijn restanten van een podzolbodem waargenomen. Deze waren of afgetopt, of vergraven. In het onderzoeksgebied zijn drie sporen gevonden, die op basis van aardewerk gedateerd kunnen worden tussen 1850 en 1950. De sporen houden verband met het landgoed dat in het onderzoeksgebied aanwezig is geweest. Het betreffen ronde kuilen met een doorsnede van circa twee meter. Mogelijk zijn de kuilen gegraven om bomen te planten, of om boomstronken te verwijderen. Omdat het sporen betreft van een zeer geringe ouderdom, die in verband kunnen worden gebracht met landschaps-/tuinonderhoud, kan geconcludeerd worden dat er geen sprake is van een vindplaats. Overige sporen van menselijke activiteiten of bewoning zijn niet aangetroffen. Vanwege de geringe ouderdom van het vondstmateriaal, wordt voorgesteld de vondsten te deselecteren voor deponering in het provinciaal archeologisch depot. Uit het waarderend proefsleuvenonderzoek is gebleken dat binnen het onderzoeksgebied geen sprake is van een archeologische vindplaats. Het onderzoeksgebied kan dan ook vrij worden gegeven. Verder archeologisch onderzoek is niet noodzakelijk.</p>
提供机构:
De Steekproef
创建时间:
2016-08-25



