five

Archeologisch vooronderzoek plangebied Logistiek Centrum Eerbeek (LCE), te Eerbeek, gemeente Brummen (Alternatief 2 - Kollergang Zuid-West)

收藏
Mendeley Data2024-01-31 更新2024-06-27 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/AR/QHY650
下载链接
链接失效反馈
官方服务:
资源简介:
Vestigia Archeologie & Cultuurhistorie heeft een archeologisch bureauonderzoek uitgevoerd ten behoeve van het project Logistiek Centrum Eerbeek (LCE). Het plangebied betreft het VKA alternatief 2 – Kollergang Zuid-West, aan de zuidwest-zijde van het bestaande bedrijventerrein aan de Kollergang te Eerbeek, gemeente Brummen (afbeelding 1, kaart 1). Het plangebied heeft een oppervlakte van ca. 7,5 ha. Het plangebied is momenteel deels bebouwd, deels begroeid met bomen. Voorafgaand aan de ontwikkelingen dient in kaart te worden gebracht of bij geplande ingrepen mogelijk archeologische waarden in het geding komen. Er is momenteel nog geen concreet inrichtingsplan, maar gezien de geplande ingrepen (nieuwbouw bedrijfspanden, aanleg wegen, K&L etc. kan worden verwacht dat deze ingrepen tot in de archeologisch relevante niveaus zullen reiken. Het plangebied heeft op basis van de beschikbare landschappelijke en archeologische gegevens een middelhoge archeologische verwachting voor resten uit de vroege prehistorie tot en met de Late Middeleeuwen/Nieuwe tijd. Het plangebied was niet bij uitstek geschikt voor bewoning en menselijke activiteit, maar het kan ook niet worden uitgesloten dat er binnen het plangebied sprake is van archeologische resten. Op basis van het beschikbare kaartmateriaal is er pas vanaf eind 20e eeuw sprake van bebouwing in het noord/noordoostelijke deel van het plangebied. Het overige gedeelte van het plangebied is op kaartmateriaal steeds aangeduid als heide of als bos. Advies. Vestigia adviseert om voorafgaand aan de ontwikkelingen een verkennend booronderzoek uit te voeren conform de Kwaliteitsnorm Nederlandse Archeologie (KNA, versie 4.1), protocol 4003 Inventariserend Veldonderzoek, en de gemeentelijke Handreiking voor het uitvoeren van archeologisch bureau- en booronderzoek. Dit onderzoek dient om de bodemopbouw in kaart te brengen en de mate van verstoring en de dikte van een eventueel conserverend dek daadwerkelijk in het veld vast te stellen. Geadviseerd wordt te boren in een grid van 30 x 40 m (ca. 8 boringen/ha), wat voor het plangebied neerkomt op ca. 60 boringen. Hiervoor dient eerst een Plan van Aanpak te worden opgesteld dat de goedkeuring behoeft van het bevoegd gezag, de gemeente Brummen (namens deze de Regioarcheoloog Stedendriehoek, dhr. H.G. Pape-Luijten). Het is aan het bevoegd gezag, de gemeente Brummen, om op basis van dit rapport en het daarin verwoorde advies, een besluit te nemen ten aanzien van het al dan niet voortzetten of beëindigen van het archeologisch onderzoeksproces. Ook wanneer het bevoegd gezag op basis van het vooronderzoek besluit dat vervolgonderzoek niet noodzakelijk is en het plangebied wordt vrijgegeven voor de voorgenomen ontwikkelingen, blijft de meldingsplicht archeologische toevalsvondst of waarneming van kracht (Erfgoedwet, artikel 5.10 Archeologische toevalsvondst). Aangezien het nooit volledig is uit te sluiten dat tijdens eventueel grondverzet een archeologische ‘toevalsvondst’ wordt gedaan, is het wenselijk de uitvoerder van het grondwerk te wijzen op de plicht om hiervan zo spoedig mogelijk melding te doen bij het bevoegd gezag, de gemeente Brummen, en de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed. Naschrift. De adviseur van het bevoegd gezag (dhr. H.G. Pape-Luijten, regioarcheoloog Stedendriehoek) heeft het conceptrapport getoetst. In het selectiebesluit d.d. 11 juli 2022 wordt aangegeven: “Uit het bureauonderzoek blijkt dat het plangebied een middelhoge archeologische verwachting heeft voor resten uit de Periode Laat-Paleolithicum – Nieuwe Tijd. Vestigia adviseert dan ook om in het plangebied een verkennend booronderzoek uit te voeren, teneinde de bodemopbouw en mate van intactheid daarvan vast te kunnen stellen. De gemeente Brummen onderschrijft dit advies. In het plangebied dient een verkennend booronderzoek te worden uitgevoerd met een minimum van 7 boringen per ha (conform de gemeentelijke handreiking voor BO IVO-O). Het rapport hiervan dient als indieningsvereiste voor de aanvraag van een omgevingsvergunning. Op basis van de resultaten neemt de gemeente Brummen een nieuw selectiebesluit, wat kan leiden tot vrijgave of vervolgonderzoek. Totdat het plangebied middels een selectiebesluit volledig is vrijgegeven voor wat betreft archeologie, mogen er geen bodemingrepen van welke aard dan ook plaatsvinden in het plangebied. Bij vragen en/of opmerkingen kan contact opgenomen worden met ondergetekende [de regioarcheoloog].”
创建时间:
2024-01-31
二维码
社区交流群
二维码
科研交流群
商业服务