Archeologisch vooronderzoek plangebied Logistiek Centrum Eerbeek (LCE), te Eerbeek, gemeente Brummen (Alternatief 2 - Kollergang Zuid-West)
收藏资源简介:
Vestigia Archeologie & Cultuurhistorie heeft een archeologisch bureauonderzoek uitgevoerd ten behoeve van het project Logistiek Centrum Eerbeek (LCE). Het plangebied betreft het VKA alternatief 2 – Kollergang Zuid-West, aan de zuidwest-zijde van het bestaande bedrijventerrein aan de Kollergang te Eerbeek, gemeente Brummen (afbeelding 1, kaart 1). Het plangebied heeft een oppervlakte van ca. 7,5 ha. Het plangebied is momenteel deels bebouwd, deels begroeid met bomen. Voorafgaand aan de ontwikkelingen dient in kaart te worden gebracht of bij geplande ingrepen mogelijk archeologische waarden in het geding komen. Er is momenteel nog geen concreet inrichtingsplan, maar gezien de geplande ingrepen (nieuwbouw bedrijfspanden, aanleg wegen, K&L etc. kan worden verwacht dat deze ingrepen tot in de archeologisch relevante niveaus zullen reiken. Het plangebied heeft op basis van de beschikbare landschappelijke en archeologische gegevens een middelhoge archeologische verwachting voor resten uit de vroege prehistorie tot en met de Late Middeleeuwen/Nieuwe tijd. Het plangebied was niet bij uitstek geschikt voor bewoning en menselijke activiteit, maar het kan ook niet worden uitgesloten dat er binnen het plangebied sprake is van archeologische resten. Op basis van het beschikbare kaartmateriaal is er pas vanaf eind 20e eeuw sprake van bebouwing in het noord/noordoostelijke deel van het plangebied. Het overige gedeelte van het plangebied is op kaartmateriaal steeds aangeduid als heide of als bos. Advies. Vestigia adviseert om voorafgaand aan de ontwikkelingen een verkennend booronderzoek uit te voeren conform de Kwaliteitsnorm Nederlandse Archeologie (KNA, versie 4.1), protocol 4003 Inventariserend Veldonderzoek, en de gemeentelijke Handreiking voor het uitvoeren van archeologisch bureau- en booronderzoek. Dit onderzoek dient om de bodemopbouw in kaart te brengen en de mate van verstoring en de dikte van een eventueel conserverend dek daadwerkelijk in het veld vast te stellen. Geadviseerd wordt te boren in een grid van 30 x 40 m (ca. 8 boringen/ha), wat voor het plangebied neerkomt op ca. 60 boringen. Hiervoor dient eerst een Plan van Aanpak te worden opgesteld dat de goedkeuring behoeft van het bevoegd gezag, de gemeente Brummen (namens deze de Regioarcheoloog Stedendriehoek, dhr. H.G. Pape-Luijten). Het is aan het bevoegd gezag, de gemeente Brummen, om op basis van dit rapport en het daarin verwoorde advies, een besluit te nemen ten aanzien van het al dan niet voortzetten of beëindigen van het archeologisch onderzoeksproces. Ook wanneer het bevoegd gezag op basis van het vooronderzoek besluit dat vervolgonderzoek niet noodzakelijk is en het plangebied wordt vrijgegeven voor de voorgenomen ontwikkelingen, blijft de meldingsplicht archeologische toevalsvondst of waarneming van kracht (Erfgoedwet, artikel 5.10 Archeologische toevalsvondst). Aangezien het nooit volledig is uit te sluiten dat tijdens eventueel grondverzet een archeologische ‘toevalsvondst’ wordt gedaan, is het wenselijk de uitvoerder van het grondwerk te wijzen op de plicht om hiervan zo spoedig mogelijk melding te doen bij het bevoegd gezag, de gemeente Brummen, en de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed. Naschrift. De adviseur van het bevoegd gezag (dhr. H.G. Pape-Luijten, regioarcheoloog Stedendriehoek) heeft het conceptrapport getoetst. In het selectiebesluit d.d. 11 juli 2022 wordt aangegeven: “Uit het bureauonderzoek blijkt dat het plangebied een middelhoge archeologische verwachting heeft voor resten uit de Periode Laat-Paleolithicum – Nieuwe Tijd. Vestigia adviseert dan ook om in het plangebied een verkennend booronderzoek uit te voeren, teneinde de bodemopbouw en mate van intactheid daarvan vast te kunnen stellen. De gemeente Brummen onderschrijft dit advies. In het plangebied dient een verkennend booronderzoek te worden uitgevoerd met een minimum van 7 boringen per ha (conform de gemeentelijke handreiking voor BO IVO-O). Het rapport hiervan dient als indieningsvereiste voor de aanvraag van een omgevingsvergunning. Op basis van de resultaten neemt de gemeente Brummen een nieuw selectiebesluit, wat kan leiden tot vrijgave of vervolgonderzoek. Totdat het plangebied middels een selectiebesluit volledig is vrijgegeven voor wat betreft archeologie, mogen er geen bodemingrepen van welke aard dan ook plaatsvinden in het plangebied. Bij vragen en/of opmerkingen kan contact opgenomen worden met ondergetekende [de regioarcheoloog].”
Vestigia Archeologie & Cultuurhistorie 受委托为埃尔贝克物流中心(Logistiek Centrum Eerbeek,简称LCE)项目开展了考古室内研究。本次规划区域为VKA备选方案2——科勒冈西南片区(Kollergang Zuid-West),位于埃尔贝克市科勒冈路现有产业园区的西南侧,隶属于布鲁门(Brummen)市辖区(图1、图1)。规划区域总面积约7.5公顷,现状部分区域已建成,部分区域为林木覆盖。在开展开发建设前,需明确规划施工是否会对考古遗存造成影响。目前尚无具体的建设方案,但结合拟建工程内容(新建产业用房、道路及管线工程等),可预判施工将涉及考古相关地层。 基于现有景观与考古资料,规划区域对于早史前时代至中世纪晚期/近现代的遗存具有中高等考古潜力。该区域并非理想的人类聚居与活动场所,但也不能完全排除存在考古遗存的可能性。根据现有地图资料,规划区域的北部/东北部片区自20世纪末才开始有建筑开发,其余区域在历史地图中均标注为荒原或林地。 ## 咨询意见 Vestigia建议,在开发施工前,应依据《荷兰考古质量标准》(Kwaliteitsnorm Nederlandse Archeologie,简称KNA,版本4.1)中的第4003号规程《场地考古调查规程》,以及布鲁门市发布的《考古室内与钻探调查实施指南》开展勘探钻探工作。该调查旨在厘清地层结构,实地探明地层扰动程度及可能存在的保护性堆积层厚度。建议采用30×40米的网格布设钻孔(约8个钻孔/公顷),对应本规划区域需布设约60个钻孔。开展此项工作前需先编制《实施计划书》,并报请主管部门——布鲁门市(具体对接单位为圣德德里霍克区域考古学家H.G.帕普-吕伊滕先生)审批。 是否继续或终止考古调查流程的决策,由主管部门布鲁门市依据本报告及其中的咨询意见作出。即便主管部门经前期调查认为无需开展后续考古工作,并同意规划区域进入开发流程,考古遗存意外发现的报告义务依然有效(《遗产法》第5.10条 考古意外发现)。由于无法完全排除在土方作业中发现考古“意外遗存”的可能,应提醒土方施工单位务必及时向主管部门布鲁门市及荷兰文化遗产局(Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed)报告相关发现。 ## 附言 主管部门的咨询顾问(圣德德里霍克区域考古学家H.G.帕普-吕伊滕先生)已对本概念报告进行审核。2022年7月11日发布的遴选决定中提及:“本次室内研究表明,规划区域对于旧石器时代晚期至近现代的遗存具有中高等考古潜力。因此Vestigia建议在规划区域开展勘探钻探工作,以明确地层结构与遗存保存状况。布鲁门市支持此项建议。规划区域的勘探钻探工作需满足每公顷至少7个钻孔的要求(依据布鲁门市《BO IVO-O实施指南》)。该调查报告将作为申请环境许可的必备提交材料。布鲁门市将依据调查结果作出新的遴选决定,结果可能为同意开发或要求开展后续考古工作。在规划区域通过遴选决定获得考古合规性完全放行前,任何形式的土方作业均不得在该区域开展。如有疑问或意见,请与下述签署人(区域考古学家)联系。”



