Transect-rapport 491: Archeologisch bureauonderzoek en inventariserend veldonderzoek, verkennende fase. Zeewolde - Ooievaarstocht (Versnelling aanleg duurzame oevers Flevoland), Gemeente Zeewolde (FL)
收藏DANS Data Station Archaeology2014-11-10 更新2026-04-09 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/DANS-ZVC-8R99
下载链接
链接失效反馈官方服务:
资源简介:
<p>Samenvatting</p><p>In 2015 worden een aantal watergangen voorzien van een duurzame oever. Eén van deze tochten is de Ooievaarstocht in de gemeente Zeewolde. In dit kader vinden ontgrondingen plaats, ten einde de oevertaluds af te vlakken. Hierbij wordt tot een diepte van circa 2,0 m (tot onder de waterlijn) een laag van maximaal circa 1,0 m dikte van de taluds afgegraven. Als gevolg hiervan kunnen eventueel in de ondergrond aanwezige archeologische waarden worden verstoord. Dit is echter afhankelijk van de bewoonbaarheid van het gebied in het verleden en van de diepteligging van eventueel aanwezige archeologische waarden.</p><p>Ten einde het risico op het verstoren van archeologische waarden te bepalen, is een archeologisch bureauonderzoek en inventariserend veldonderzoek, verkennende en karterende fase uitgevoerd.</p><p>Uit het vooronderzoek kunnen de volgende conclusies worden getrokken:<br>1. Vanuit het archeologiebeleid van de gemeente Zeewolde is alleen ter hoogte van het Wilgenreservaat en het Knarbos West sprake van een archeologische onderzoeksplicht.<br>2. Deze zone heeft een hoge archeologische verwachting op vindplaatsen uit de periode van het Mesolithicum (8800 – 4900 voor Chr.) tot en met het Neolithicum (5300 – 2000 voor Chr.).<br>3. Uit het bureauonderzoek blijkt dat langs de Lage- en Hoge Knartocht in 1997 al een archeologisch karterend booronderzoek heeft plaatsgevonden (Thanos 1997). Deze tochten liggen grotendeels parallel aan de Ooievaarstocht, die op nog geen 100 m zuidwestelijk van deze tochten ligt. Alleen het deel van de Ooievaarstocht, dat ter hoogte van de Vogelweg afbuigt, ligt op grotere afstand van de Lage- en Hoge Knartocht (zie bijlage 5). Daarom is ervoor gekozen om alleen dit deel alsnog door middel van een inventariserend veldonderzoek (booronderzoek) te onderzoeken.<br>4. In het deel van de Ooievaarstocht dat parallel aan de Vogelweg loopt, zijn in het kader van het verkennend booronderzoek 21 boringen gezet (zie bijlage 5). De boringen zijn in een raai, om de 50 m gezet. Uit de verkennende boringen blijkt dat de top van het dekzand grotendeels intact is, dan wel deels intact is. Alleen in boringen 1, 3, 6 en 17 is het dekzand volledig tot in de C-horizont afgetopt.<br>5. De top van het dekzand ligt op een diepte van 90 tot 205 cm –Mv, dus binnen de maximale ontgravingsdiepte van de duurzame oever. Daarom zijn in aanvulling op de verkennende boringen, karterende boringen gezet (om de 25 m ter hoogte van en rond boringen met – deels – intacte podzolen).<br>6. De karterende boringen hebben geen archeologische indicatoren opgeleverd.</p><p>Advies</p><p>Vanwege de hoge mate van bodemintactheid en de meerdere vindplaatsen in de omgeving van het plangebied, blijft er een verwachting bestaan op steentijdvindplaatsen, ook al heeft het booronderzoek geen concrete archeologische indicatoren opgeleverd. Daarbij heeft het boren in een raai het risico dat vindplaatsen over het hoofd kunnen worden gezien.</p><p>Op basis van de resultaten van bureauonderzoek en inventariserend veldonderzoek, wordt dan ook een archeologische begeleiding geadviseerd voor het deel waar de Ooievaarstocht de Vogelweg volgt.</p>
提供机构:
Transect
创建时间:
2014-11-11



