Een archeologische opgraving in het plangebied Schagen - Lagedijk, gemeente Schagen
收藏DANS Data Station Archaeology2011-09-30 更新2026-04-09 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/DANS-XH3-AWTT
下载链接
链接失效反馈官方服务:
资源简介:
<p>Van maandag 2 februari 2009 tot en met woensdag 18 februari 2009 voerde ACVU-HBS in opdracht van de gemeente Schagen een definitief archeologisch onderzoek (DAO) uit in het plangebied Schagen – Bedrijventerrein Lagedijk. Namens de gemeente Schagen heeft C. Soonius (RAAP Archeologisch Adviesbureau) supervisie gehouden over dit veldwerk tot en met het evaluatieverslag. Het plangebied ligt tussen Schagen en Schagerbrug, ten westen van het industrieterrein Lagedijk en langs het fietspad van de Zijperweg. Dit onderzoek wijst uit dat het monument 14D-025 een boeiende vindplaats herbergt, waarvan we iets meer te weten zijn gekomen. De vindplaats ligt er relatief ongeschonden bij, er zijn nauwelijks verstoringen als gevolg van post-depositionele processen. Therkorn wijst op de onduidelijkheid omtrent de omvang van de oxidatie van de veenlaag, waarin de sporen en vondsten uit de Romeinse tijd zijn ingebed, alsmede op het effect dat dit heeft op de conservering van sporen uit de Vroege Middeleeuwen en Romeinse tijd. In dit onderzoek concluderen we dat er waarschijnlijk geen veenvorming heeft plaatsgevonden na de Romeinse tijd en dat als gevolg van de vroegmiddeleeuwse landbouw nauwelijks veen is geoxideerd. Op de onderzoekslocatie is over het veen een laagje klei afgezet waarin een bodem is ontstaan, en de ontginning van deze bodem heeft waarschijnlijk geleid tot klink en zetting. Als gevolg van deze zetting en klink is de oorspronkelijke diepte van sporen aanmerkelijk gereduceerd. De meeste waarnemingen dienden te worden verricht in een laagje van niet veel dikker dan 10 cm. Over de aard van de vindplaats zijn we eerlijk gezegd niet veel wijzer geworden. Wat we wel hebben kunnen constateren is dat de bewoningsgeschiedenis complex is, aangezien de oudste sporen uit de Romeinse tijd zijn ingegraven in de top van het kleidek dat ten tijde van de Duinkerke I transgressiefase is gesedimenteerd. Vervolgens is het gebied verdronken en heeft veenvorming plaatsgevonden. Pas nadat het gebied verlandde en betreden werd, vonden er, nog steeds in de Romeinse periode, weer activiteiten plaats. Als het ooit eens mogelijk is om dit monument op te graven uit pure archeologische interesse om meer te weten te komen over de bewoning in de Romeinse tijd in deze omgeving, dan dient het onderzoek te starten met micromorfologisch onderzoek van de top van Duinkerke I kleidek (spoor 5) tot in de basis van het Duinkerke III-b kleidek (Spoor 3). Daarbij dient vooral specifieke aandacht te bestaan voor de genese, datering en vervorming van de humeuze klei- tot veen laag (spoor 4). Gezien de geringde dikte van het niveau met archeologische sporen en vondsten, zou een gravend onderzoek vanaf de basis van het Duinkerke III-kleidek met de hand moeten worden verricht en niet met een graafmachine. Dergelijk onderzoek zal slechts met behulp van bronbemaling kunnen worden uitgevoerd. Het zal enige tijd duren eer aan de uitvoeringswensen voor goed archeologisch onderzoek op deze locatie kan worden voldaan. Tot die tijd dient het monument zorgvuldig te worden beheerd. Dat is op zich zelf niet veel werk. Wat vooral van belang is, dat sprake is van een hoge grondwaterstand, het liefst boven – 1.0 m NAP, waardoor de archeologische cultuurlaag onder het permanente grondwaterniveau ligt. Dit zal bijdragen een de goede conservering van sporen en vondsten.</p>
提供机构:
Biax; VUhbs archeologie
创建时间:
2011-10-01



