five

Bedrijventerrein De Berk II, Gemeente Echt-Susteren. Archeologisch vooronderzoek: een bureauonderzoek en inventariserend veldonderzoek

收藏
DANS Data Station Archaeology2007-04-03 更新2026-04-09 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/DANS-XUC-77MT
下载链接
链接失效反馈
官方服务:
资源简介:
<p>In opdracht van Bureau van Ekert B.V. heeft RAAP Archeologisch Adviesbureau in april 2007 een bureau- en inventariserend veldonderzoek uitgevoerd in verband met de inrichting van een bedrijventerrein in St. Joost (gemeente Echt-Susteren). Doel van het onderzoek was eventueel aanwezige archeologische resten op te sporen en, voor zover mogelijk, een eerste indruk te geven van de kwaliteit (gaafheid en conservering), aard, datering, omvang en diepteligging ervan. Het plangebied behoort tot het laat-glaciale terrassenlandschap van de Maas. Het gebied is vermoedelijk relatief laat ontgonnen, aangezien het gebied op historische kaarten nog staat aangeduid als Kleinheide. Het onderscheid tussen de ooivaag- gronden en de moderpodzolen (die zich hier volgens de bodemkaart ontwikkeld zouden hebben) is tijdens het veldonderzoek niet vastgesteld. Bijna alle bodems worden gekenmerkt door matig tot sterk lemig zand waarin zich een dikke verbrui- ningshorizont heeft ontwikkeld. Over het algemeen gaat de verbruiningshorizont tussen circa 80 en 100 cm -Mv over in zwak lemig, matig fijn tot matig grof zand (C-horizont). Tijdens het inventariserend veldonderzoek zijn 5 vindplaatsen aangetroffen. Het gaat voornamelijk om losse vuurstenen artefacten die niet nader te dateren zijn dan in de Steentijd. Alleen vindplaats 1 wordt gekenmerkt door een dunne spreiding van meerdere vuurstenen artefacten uit de Steentijd. De vindplaats ligt op een ‘kop’ waar bovendien 3 fragmenten laat-middeleeuws aardewerk zijn gevonden. Mogelijk is deze kop in de Late Middeleeuwen ooit ontgonnen tot akker, maar nadien weer tot de woeste gronden gaan behoren. De vuurstenen artefacten kunnen zowel behoren tot rondtrekkende jager-verzamelaars uit het de periode Laat Paleolithicum t/m Mesolithicum, als tot meer sedentaire landbouwers uit de periode Neolithicum t/m Bronstijd. Bij vindplaatsen van jager-verzamelaars vormen de vuurstenen artefacten de voornaamste informatiebron. Aangezien deze artefacten grotendeels in de bouwvoor zijn opgenomen en verplaatst zijn, wordt verwacht dat slechts in beperkte mate informatie over de interne structuur van de vindplaatsen verkregen wordt. Archeologisch waardevolle informatie betreffende vindplaatsen van land- bouwers wordt voornamelijk verkregen door grondsporen. Als gevolg van de bodem- kundige processen (verbruining, bioturbatie) vervaagt het kleurcontrast van de grondsporen en verdwijnt na verloop van tijd geheel. Kortom: hoe ouder de grond- sporen, hoe moeilijker leesbaar. Doordat de vuurstenen artefacten (eventueel) betrekking hebben op oudere vindplaatsen van landbouwers (periode Neolithicum t/m Bronstijd), wordt verwacht dat de grondsporen niet meer leesbaar zijn. Op basis van de verwachte geringe gaafheid van de vindplaatsen van zowel jager- verzamelaars als van landbouwers, wordt geen vervolgonderzoek aanbevolen.</p>
提供机构:
RAAP Archeologisch Adviesbureau
创建时间:
2007-04-04
二维码
社区交流群
二维码
科研交流群
商业服务