Bureauonderzoek en Verkennend Booronderzoek Archeologie Plangebied Barlhammerweg 3 te Laag Keppel Gemeente Bronckhorst
收藏Mendeley Data2024-01-31 更新2024-06-27 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/dans-28z-kd78
下载链接
链接失效反馈官方服务:
资源简介:
Hamaland Advies heeft, in overleg met Pit Bouwadvies in opdracht van de heer G.H. Herberts een archeologisch onderzoek uitgevoerd ten behoeve van de uitbreiding van het bestaande bedrijf aan de Barlhammerweg 3 te Laag Keppel. Er wordt een ligboxenstal van 1.157 m² gerealiseerd, die zuidelijk aan de bestaande ligboxenstal wordt gebouwd. De verstoringsdiepte van de stal is ca. 2,15 m-mv.Het plangebied heeft op de archeologische beleidsadvieskaart van gemeente Bronckhorst, een hoge en middelhoge archeologische waarde (AWV-categorie 6 en 7). Daarbij is de hoogste waarde leidend voor het beleid (AWV-6). Archeologisch onderzoek is volgens het Afwegingskader van de Regio Achterhoek derhalve verplicht bij bodemingrepen groter dan 250 m² en dieper dan 30 cm-mv.Aangezien het plangebied de vrijstellingsgrens overschrijdt bestaat het onderhavige onderzoek uit een KNA conform bureauonderzoek en een inventariserend booronderzoek (verkennende fase) uitgevoerd door Hamaland Advies. Het bevoegd gezag, Gemeente Bronckhorst en de toetser namens de gemeente, de Omgevingsdienst Achterhoek, zullen de resultaten van het onderzoek toetsen.Conclusie Het bureauonderzoek toont aan dat er een hoge kans is op archeologische waarden in het plangebied vanaf het Paleolithicum tot en met de Nieuwe Tijd. Er is een gerede kans op een bodemverstoring tot onder het archeologisch waardevol niveau door de bewerking van de grond tot een diepte van meer dan 0,50 m-mv. Het dekzand ligt in de omgeving op een diepte van 135 cm-mv. Ook kan een subrecente antropogene ophooglaag van maximaal 70 cm aanwezig zijn die mogelijk verstoringen tot in de archeologische waaardevolle lagen heeft beschermd.Uit het booronderzoek blijkt dat de basis van het bodemprofiel uit rivierafzettingen bestaat van matig grof siltig kalkloos zand (220 mu). Deze afzettingen maken deel uit van een rivierterrasrestrug van de IJssel. De terrasrestrug is voor de bedijking in de Late Middeleeuwen geleidelijk overstroomd door de IJssel. Als gevolg hiervan wordt de top van dit zandpakket naar boven toe steeds kleiiger. Deze zandige overgangslaag van circa 15 cm dikte wordt afgedekt door een dik pakket jonge rivierklei. De basis van dit pakket is natuurlijk. De top is echter omgewerkt voor landbouwdoeleinden. Het aangetroffen bodemtype is een poldervaaggrond. De totale dikte van de holocene deklaag varieert van 175 cm bij boring 5 tot 205 bij boring 1 en 2. In boring 5 bevindt zich onder de subrecente akkerlaag een oudere cultuurlaag waarin puinspikkels en fosfaat (dierlijke mest) is aangetroffen. Deze laag is als een restant van een terpzool geïnterpreteerd. De feitelijke woonterp of woonheuvel heeft echter ten noorden van het plangebied gelegen, ter plaatse van de bestaande onderkelderde ligboxenstal.Selectieadvies Vanwege de natuurlijke bodemopbouw en het ontbreken van archeologische cultuurlagen en archeologische indicatoren adviseren wij om het plangebied ter plaatse van boring 1 t/m 4 vrij te geven voor ontwikkeling. Tevens adviseren wij om de hoge archeologisch verwachting op de beleidskaart voor dit deel van het plangebied bij te stellen naar laag.Ter plaatse van boring 5 is in de diepere ondergrond het restant van een oude terpzool aangetroffen. Omdat deze laag niet ten zuiden van boring 5 is aangetroffen, strekt deze laag zich vermoedelijk in noordelijke richting uit. Hier is echter de bestaande onderkelderde ligboxenstal gebouwd, waardoor de vermoedelijke woonterp met bijbehorende spoor- en vondstcomplexen tijdens de bouw van de stal verloren zijn gegaan. Op grond van dit feit vinden wij een proefsleuvenonderzoek ter plaatse van boring 5 een te zwaar middel in verhouding tot de beperkte kenniswinst die dit oplevert. De feitelijke sporen en vondsten behorend bij de vermoedelijke woonterp liggen immers buiten het plangebied in een reeds verstoord deel van het bestaande erf. Daarom adviseren wij om tijdens de ontgraving van de kelder van de nieuwe ligboxenstal ter hoogte van boring 5 (grenzend aan de achtergevel van de bestaande stal) mee te laten kijken door amateurarcheologen van de AWN, afdeling 17 (archeologische werkgroep van de historische vereniging Salehem).Wel bestaat het risico, dat tijdens de ontgraving door de vrijwilligers toch nog spoorcomplexen aangetroffen worden die KNA conform gedocumenteerd moeten worden. Deze dienen tijdens de ontgraving gemeld te worden bij het bevoegd gezag (gemeente Bronckhorst en de regioarcheologen van de ODA, dhr. drs. D. Kastelein en mw. ing. A. Lugtigheid), waarna deze alsnog opgegraven dienen te worden.Selectiebesluit Het conceptrapport en het selectieadvies zijn op 7 juli 2016 door de archeologisch adviseur van de ODA (mw. A. Lugtigheid-Hendriks) en de senior archeoloog van de ODA (drs. D. Kastelein) beoordeeld. Behoudens enkele opmerkingen die in deze definitieve rapportage zijn verwerkt, is een afwijkend selectiebesluit afgegeven. Dit selectiebesluit is leidend en luidt als volgt: “Bij het uitgevoerde booronderzoek zijn archeologische indicatoren aangetroffen. Het betreft een oude cultuurlaag met puinspikkels en fosfaat, bij boring 5 in het noord-oosten van het plangebied. Bij de boringen 1 tot en met 4 zijn geen archeologische indicatoren aangetroffen. In dit gedeelte van het plangebied is volgens de archeologen van de ODA geen vervolgonderzoek nodig.In de directe omgeving van boring 5 is wel vervolgonderzoek noodzakelijk. Mw. LugtigheidHendriks kan niet instemmen met het advies om amateurarcheologen mee te laten kijken bij de graafwerkzaamheden, omdat het plangebied nog niet geheel vrijgegeven kan worden voor archeologie. Er is immers een reële kans dat een archeologische vindplaats aanwezig is. Een mogelijkheid om verder archeologisch onderzoek te voorkomen is om de stal een stuk naar het zuidwesten op te schuiven of om in de directe omgeving van boring 5 niet dieper te graven 1 m – mv. De hiervoor gewijzigde tekeningen zullen ook aan de archeologen van de ODA ter beoordeling overlegd moeten worden.Wanneer gewijzigde plannen niet mogelijk zijn, zal een archeologische begeleiding (conform protocol proefsleuven) uitgevoerd moeten worden. Hierbij zal met name aandacht besteed moeten worden aan het verkrijgen van profielinformatie. Voorafgaand aan het proefsleuvenonderzoek zal een Programma van Eisen voor het proefsleuvenonderzoek opgesteld moeten worden en goedgekeurd moeten worden door een senior-archeoloog (via de ODA)”. Voorbehoud Het uitgevoerde onderzoek is op zorgvuldige wijze verricht volgens de algemeen gebruikelijke inzichten en methoden. Het archeologisch onderzoek is erop gericht om de kans op het aantreffen dan wel vernietigen van archeologische waarden bij bouwwerkzaamheden in het plangebied te verkleinen.Verder dient te allen tijde bij het afgeven van een omgevingsvergunning de wettelijke meldingsplicht (ex artikel 53 Monumentenwet 1988) kenbaar te worden gemaakt, om het documenteren van toevalsvondsten te garanderen: ‘Degene die anders dan bij het doen van opgravingen een zaak vindt waarvan hij weet dan wel redelijkerwijs moet vermoeden dat het een monument is (in roerende of onroerende zin), meldt die zaak zo spoedig mogelijk bij onze minister’. Deze aangifte dient te gebeuren bij de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed in Amersfoort. Amersfoort.
Hamaland Advies 与 Pit Bouwadvies 协商后,受 G.H. Herberts 先生委托,为扩建位于拉赫凯佩尔(Laag Keppel)市 Barlhammerweg 3 号的现有企业,开展了一项考古调查。本次项目将新建一座建筑面积1157平方米的马厩,选址于现有马厩的南侧,马厩的开挖深度约为2.15米(地面标高,mv为荷兰语"maaiveld"的缩写,即自然地面)。
根据布龙克霍斯特市(Gemeente Bronckhorst)考古政策建议图(Archeologische Beleidsadvieskaart),本次规划区域的考古价值分为高与中高两个等级(AWV类别6与7),其中高等级价值(AWV-6)为政策制定的核心依据。根据阿赫特霍克(Regio Achterhoek)地区考古评估框架,当土体扰动面积超过250平方米且深度超过30厘米(地面标高)时,需开展强制性考古调查。由于本次规划区域超出了豁免阈值,本次调查包含符合KNA标准的桌面考古研究,以及由Hamaland Advies 实施的勘探性钻孔考古调查(勘探阶段)。本调查的结果将由监管方——布龙克霍斯特市、阿赫特霍克环境服务署(Omgevingsdienst Achterhoek,简称ODA),以及受委托的验收方共同审核。
### 调查结论
桌面考古研究显示,规划区域内自旧石器时代至近现代均存在较高的考古遗存发现概率。若将地表开挖至0.5米(地面标高)以下,可能会破坏考古价值层。该区域的覆盖砂层埋深约为135厘米(地面标高),此外还可能存在厚度最高达70厘米的近代人为堆积层,该堆积层可能已对下方的考古价值层起到了保护作用。
钻孔考古调查结果显示,土壤剖面的底层为伊瑟尔河(IJssel)阶地残丘的中等粗粒粉砂质无石灰砂(标注为220 mu)。该砂层经中世纪晚期伊瑟尔河泛滥淤积改造,其顶部逐渐向黏土层过渡,过渡层厚度约15厘米,上方覆盖了厚层近代河相黏土。该黏土层基底为自然沉积层,表层则因农业活动被扰动。本次发现的土壤类型为圩田沼泽土(poldervaaggrond)。全新世覆盖层总厚度在钻孔5处为175厘米,钻孔1、2处则为205厘米。在钻孔5的近代耕作层下方,发现了一处旧文化层,其中含有碎石碎屑与磷酸盐(动物粪便标志物),该层被判定为土墩堆积(terpzool)残迹。但实际的居住土墩(或居住丘)位于规划区域北侧,即现有带地下室的马厩所在地。
### 选择建议
鉴于钻孔1至4区域的自然土层结构,未发现考古文化层与考古遗存指标,我们建议批准该区域的开发建设,并将该区域在考古政策建议图中的考古预期等级从高调整为低。
在钻孔5区域,深层土层中发现了旧土墩堆积残迹。由于该层未在钻孔5以南区域被发现,推测其向北延伸。但该区域已建有现有带地下室的马厩,推测的居住土墩及其相关遗迹与遗物在原有马厩建设时已被破坏。因此我们认为,在钻孔5区域开展试挖槽考古调查的投入产出比过低:相关遗迹与遗物实际位于规划区域外的原有场地扰动范围内。据此,我们建议在新建马厩地下室开挖作业期间(对应钻孔5区域,紧邻现有马厩后墙),邀请荷兰业余考古协会(Algemene Werkgroep Nederlandse Archeologen,简称AWN)第17分部(Salehem历史协会考古工作组)的业余考古人员到场监看。
同时存在如下风险:开挖过程中志愿者可能发现考古遗迹,需按照KNA标准进行记录。此类发现需在开挖期间上报监管方(布龙克霍斯特市与ODA考古学家D. Kastelein先生、A. Lugtigheid女士),并按要求开展后续发掘工作。
### 选择决定
2016年7月7日,ODA的考古顾问A. Lugtigheid-Hendriks女士与高级考古学家D. Kastelein先生审核了草案报告与选择建议。除本次最终报告中纳入的部分修改意见外,最终做出了差异化的选择决定,其核心内容如下:
"本次钻孔考古调查发现了考古遗存指标:在规划区域东北部的钻孔5处,发现了含碎石碎屑与磷酸盐的旧文化层;钻孔1至4未发现任何考古遗存指标,该区域无需开展后续考古调查。在钻孔5的周边区域则需开展后续考古工作。
Lugtigheid-Hendriks女士不认可"邀请业余考古人员监看开挖作业"的建议,理由是规划区域无法完全豁免考古调查,仍存在发现考古遗存的实际可能性。规避进一步考古工作的可选方案包括:将马厩向西南方向偏移,或限制钻孔5周边区域的开挖深度不超过1米(地面标高)。修改后的设计图纸需提交给ODA的考古人员审核。
若无法对规划方案进行修改,则需开展符合试挖槽规程的考古监理工作,该工作需重点获取土壤剖面信息。试挖槽考古调查需预先制定任务书(Programma van Eisen),并经ODA的高级考古学家批准后方可实施。"
### 免责说明
本次调查严格按照当前通用的考古学认知与方法开展,旨在降低规划区域内建筑施工中发现或破坏考古遗存的风险。
在核发环境许可证时,必须明确告知法定报告义务(依据1988年《古迹法》第53条):"任何人在非发掘作业中发现疑似古迹(可移动或不可移动文物),需尽快向文化遗产主管大臣报告。"该报告需提交至位于阿默斯福特的荷兰文化遗产局(Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed)。
创建时间:
2024-01-31



