Archeologisch bureau- en booronderzoek Kerkstraat 42 te Nuland in de gemeente 's-Hertogenbosch
收藏DANS Data Station Archaeology2016-06-16 更新2026-04-09 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/DANS-Z2G-93KJ
下载链接
链接失效反馈官方服务:
资源简介:
<p>Econsultancy heeft in opdracht van RO Connect op 14 en 15 september 2015 een archeologisch bureauonderzoek en op 1 oktober 2015 een inventariserend veldonderzoek (IVO, verkennende fase) door middel van boringen uitgevoerd. Het onderzoek is uitgevoerd in het kader van de voorgenomen sloop van de huidige bebouwing en vervolgens de realisatie van vijf woonkavels. Het plangebied is gelegen aan de Kerkstraat 42 te Nuland in de gemeente 's-Hertogenbosch. Volgens de archeologische beleidskaart van de voormalige gemeente Maasdonk (de gemeente waar Nuland toebehoorden tot de gemeentelijke herindeling begin 2015) ligt de gehele onderzoekslocatie in een gebied met een onbekende archeologische verwachting. Op basis van deze verwachting is kort overleg geweest met de gemeente-archeoloog van ’s-Hertogenbosch, de heer S. Molenaar. De gemeente-archeoloog heeft aangegeven dat de planlocatie zal moeten worden onderzocht door middel van een bureauonderzoek en verkennend booronderzoek. Het archeologisch onderzoek is noodzakelijk om te bepalen wat de archeologische verwachtingswaarde is binnen het plangebied en of deze door de voorgenomen bodemingrepen kunnen worden aangetast. Binnen het kader van de Wet op de Archeologische Monumentenzorg (2007), voortvloeiend uit het Verdrag van Malta (1992), is men verplicht voorafgaand archeologisch onderzoek uit te voeren (zie bijlage 3). Doel van het bureauonderzoek is een gespecificeerde archeologische verwachting voor het plangebied op te stellen. Dit wordt uitgevoerd door middel van het verwerven van informatie, aan de hand van bestaande bronnen, over bekende en verwachte archeologische waarden. Het inventariserend veldonderzoek (IVO-overig, verkennende fase) heeft tot doel de in het bureauonderzoek opgestelde gespecificeerde archeologische verwachting aan te vullen en te toetsen door middel van boringen. Het veldonderzoek is erop gericht om inzicht te krijgen in de geologische en bodemkundige opbouw binnen het plangebied. Tevens zullen, indien mogelijk, kansrijke en kansarme zones worden geïdentificeerd. Met de resultaten van het archeologisch onderzoek kan worden vastgesteld of binnen het plangebied archeologische waarden aanwezig (kunnen) zijn en of vervolgonderzoek dan wel planaanpassing noodzakelijk is. De archeologische verwachting voor het Laat-Paleolithicum en het Mesolithicum is laag, voor het Neolithicum tot en met de Romeinse tijd middelhoog en voor de periode Middeleeuwen - Nieuwe tijd hoog. Resultaten inventariserend veldonderzoek Uit de resultaten van het inventariserend veldonderzoek (IVO, verkennende fase) blijkt dat de bodemopbouw plaatselijk verstoord is (bij boringen 1 tot 160 cm onder maaiveld, bij boring 4 tot 150 cm onder maaiveld.Boring 5 is gestuit op60 cm onder maaiveld. Bij boringen 2, 3 en 6 zit onder het esdek nog een B-horizont waarvan de top geroerd is. Daar waar het bodemprofiel is verstoord, binnen het noordwestelijk deel van het plangebied, kan worden geconcludeerd dat archeologische waarden niet meer in situ worden verwacht. Gebaseerd op de bouwhistorische gegevens geldt dit ook voor de grote schuren in de noordwest zijde van het plangebied. Probleem is echter dat binnen het zuidelijke deel van plangebied vanaf de eerste kwart van de 19e eeuw een erf heeft gelegen, waarschijnlijk staat de huidige woning bovenop de oude woning en dit zal tot bodemverstoring binnen dat deel van het plangebied geleid hebben maar dit kan ook archeologie zijn. Doordat hier niet uitgesloten kan worden dat er nog archeologische waarden aanwezig zijn blijft voor dit deel van het plangebied de verwachting voor Middeleeuwen-Nieuwe tijd gehandhaafd.</p>
提供机构:
Econsultancy
创建时间:
2016-06-10



