Haansberg (deelgebied 2 t/m 5) te Etten-Leur, gemeente Etten-Leur Een actualisatie van een bureauonderzoek en inventariserend veldonderzoek in de vorm van een verkennend en karterend booronderzoek
收藏DANS Data Station Archaeology2025-10-13 更新2026-04-09 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/AR/ACV6QJ
下载链接
链接失效反馈官方服务:
资源简介:
In opdracht van de gemeente Etten-Leur heeft ADC ArcheoProjecten in juni en juli 2025 een actualisatie van een bureauonderzoek en inventariserend veldonderzoek in de vorm van een verkennend en karterend booronderzoek uitgevoerd op de locatie Haansberg (deelgebied 2 t/m 5) te Etten-Leur, gemeente Etten-Leur. Binnen het plangebied Haansberg (deelgebied 2 t/m 5) in de gemeente Etten-Leur is men voornemens om in de toekomst een woonwijk te realiseren en zal de bestaande infrastructuur worden gepast (twee rotondes en aansluitende wegen (deelgebied 2.2). De met de aanleg ervan samenhangende bodemingrepenzijn nog niet bekend, maar zullen naar verwachting een bedreiging zijn voor het archeologisch bodemarchief. Het project is onderdeel van een grotere gebiedsontwikkeling op de Haansberg. In totaal moeten er vanaf 2025 circa 1.300 woningen worden gerealiseerd verdeeld over de vijf deelgebieden van de Haansberg (deelgebied 1 t/m 5). In 2020 is ter plaatse van een deel van deelgebied 5 een bureauonderzoek en inventariserend veldonderzoek in de vorm van een verkennend booronderzoek uitgevoerd. In 2023 is voor het resterend plangebied een archeologisch bureauonderzoek uitgevoerd. Op basis van de resultaten hiervan is geadviseerd om een inventariserend veldonderzoek in de vorm van een verkennend en karterend booronderzoek uit te voeren. Voorliggend rapport beschrijft de resultaten van deze onderzoeken. In dit rapport is tevens een aanvullend terreindeel in het zuidoosten (deelgebied 2.2) meegenomen. Vanwege het ten dele ontbreken van betredingstoestemming zijn niet alle terreindelen middels boringen onderzocht. Uit het bureauonderzoek is gebleken dat het plangebied zich over de noordwestelijke rand van het Brabantse zandgebied uitstrekt. Het wordt gekenmerkt door terrasafzettingswelvingen en -vlaktes (Formatie van Stramproy) deels afgedekt door een dekzandrug in het zuiden van deelgebied 2 (Laagpakket van Wierden, Formatie van Boxtel). In delen van het plangebied is de natuurlijke bodem afgedekt door een plaggendek dat vanaf de Late Middeleeuwen is opgebracht. Kampementen van jagers en verzamelaars liggen met name op de hogere dekzandruggen en terrasafzettingswelvingen nabij beekdalen. Door veenafgravingen en landbouwactiviteiten vanaf de Late Middeleeuwen kan de oorspronkelijke bodem zijn aangetast. In het plangebied geldt een middelhoge archeologische verwachting op archeologische vindplaatsen uit het Laat-Paleolithicum en het Mesolithicum. Resten van bewoning vanaf het (Laat-)Neolithicum tot de Vroege Middeleeuwen worden met name verwacht op de hogere dekzandrug in het zuiden van het plangebied en de terrasafzettingswelvingen. Voor deze geomorfologische eenheden geldt een hoge archeologische verwachting op het aantreffen van nederzettingen uit deze periode. Op de terrasvlakte is de archeologische verwachting om deze reden middelhoog. Tevens worden in het beekdal voor deze periode resten in natte context verwacht, zoals afvaldumps en rituele deposities. Ten westen van het plangebied lag de Leurse Vaart van waaruit verschillende dwarsvaarten richting het plangebied zijn gegraven. De Haansberg is vanaf de 13e eeuw in gebruik genomen als bouwlandgebied waarbij de boerderijen rondom de akkers waren gelegen. Voor de omranding van het plangebied geldt om deze reden een hoge archeologische verwachting op met name erven uit de Late Middeleeuwen en Nieuwe tijd vanaf het maaiveld. Voor de rest van het plangebied kunnen sporen en structuren uit de Late Middeleeuwen en Nieuwe tijd niet worden uitgesloten, om welke reden hier een middelhoge archeologische verwachting geldt. In de met zekerheid vastgestelde ontgravingen en de al eerder onderzochte en vrijgegeven gebieden in het plangebied geldt een algehele lage verwachting. De archeologische verwachting is afhankelijk van de bodemopbouw en de intactheid daarvan. Om de archeologische verwachting te toetsen wordt aanbevolen in de daartoe aangewezen deelgebieden een verkennend booronderzoek uit te voeren. In twee deelgebieden is al eerder een advies opgesteld voor een karterend booronderzoek. Voor de overige deelgebieden is vrijgave geadviseerd.
提供机构:
ADC ArcheoProjecten
创建时间:
2025-09-10



