five

Archeologisch bureauonderzoek Bisonweg - Bosweg te Swifterbant, gemeente Dronten (FL). Laagland Archeologie Rapport 656

收藏
DANS Data Station Archaeology2021-08-03 更新2026-04-09 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/DANS-XNH-ZWMQ
下载链接
链接失效反馈
官方服务:
资源简介:
<p>aan de Bisonweg - Bosweg te Swifterbant. Het onderzoek vond plaats in verband met<br>de ruimtelijke procedure rondom de aanleg van een landgoed.<br>Het onderzoek is uitgevoerd conform de protocol SIKB KNA 4002. Het bureauonderzoek<br>had tot doel een archeologisch verwachtingsmodel op te stellen. Centraal staat daarbij<br>de vraag of en zo ja welke archeologische resten (complextype, datering, diepteligging<br>en gaafheid) in het plangebied kunnen worden verwacht. Hiertoe zijn landschappelijke,<br>archeologische en historische bronnen geraadpleegd.<br>Op basis van de inventarisatie kan het volgende geconcludeerd worden. Het plangebied<br>ligt in een laag dekzandgebied: op basis van extrapolatie ligt dekzand in het plangebied<br>naar verwachting op een diepte tussen 8 tot 8,65 m –NAP (400 tot 460 cm –mv). In<br>grote lijnen is in de top van het dekzand in het plangebied waarschijnlijk sprake van<br>een intact podzolprofiel; alleen in het meest oostelijke plangebied is een geërodeerde<br>dekzandtop te verwachten.<br>Plaatselijk kunnen opduikingen aanwezig zijn, specifiek in de vorm van dekzandopduikingen<br>of oeverwallen langs eventuele kreken in het plangebied. Op basis van het<br>AHN zijn er geen directe aanwijzingen dat een fossiele geul door het plangebied loopt.<br>Zuidoostelijk van het plangebied is tijdens archeologisch booronderzoek een dekzandrug<br>geconstateerd waarvan de top een hoogte tot 6,6 m – NAP (2,2 m –mv) bereikt.<br>Daarnaast zijn nog een aantal kleinere dekzandopduikingen aangetroffen (tot een<br>hoogte van circa 7,6 tot 7,9 m –NAP (3,2 tot 3.5 m –mv). Noordelijk van het plangebied<br>is een zone met kreken, donken en oeverwallen aanwezig. Op veel van de donken,<br>oeverwallen en dekzandopduikingen rondom het plangebied zijn resten uit het<br>Mesolithicum – Vroeg-/Midden-Neolithicum aangetroffen.<br>In het plangebied kunnen dekzandopduikingen aanwezig zijn. Archeologisch<br>booronderzoek in naburige terreinen toont een dynamisch landschap met grote en<br>kleine dekzandopduikingen en die kunnen ook in het plangebied aanwezig zijn. Het<br>plangebied ligt wat noordelijker, meer richting het gebied met kreken en donken. Het is<br>daarmee niet waarschijnlijk dat eventuele dekzandopduikingen in het plangebied hoger<br>dan 6,6 m –NAP (ondieper dan 2,2 m –mv) voorkomen. Rivierduinen, oeverwallen en<br>Swifterbant-kreken worden in het plangebied niet verwacht, al kunnen met name<br>oeverwallen niet volledig uitgesloten worden. Ook hiervoor geldt dat het niet<br>waarschijnlijk wordt geacht dat deze een hoogte van 6,6 m –NAP of meer halen.<br>Rond 3850 voor Chr. vernatte het gebied dramatisch en in de loop van de navolgende<br>eeuwen kon veenvorming optreden. Vanaf circa 3850 voor Chr. was het gebied niet<br>langer geschikt voort bewoning. Pas na inpoldering in de afgelopen eeuw was het<br>gebied weer bewoonbaar. Gedurende de middeleeuwen werd het gebied druk bevaren;<br>tijdens WOII was het IJsselmeer een aanvliegroute voor geallieerde bommenwerpers.<br>Scheeps- en vliegtuigwrakken liggen in de Flevopolder meestal aan of vlak onder het<br>maaiveld.<br>Archeologisch onderzoek in de vorm van (mechanische) verkennende boringen wordt<br>geadviseerd indien bodemingrepen dieper dan 300 cm –mv plaatsvinden, ook bij het<br>eventueel aanbrengen van paalfunderingen. Vanaf deze diepte is er een kans dat<br>dekzandkoppen of oeverwallen worden geraakt. Indien ingrepen beperkt blijven tot 300<br>cm –mv wordt archeologisch vervolgonderzoek niet noodzakelijk geacht.<br>De implementatie van dit advies is overgenomen door de bevoegde overheid, de<br>gemeente Dronten. De gemeente wordt hierin vertegenwoordigd door de heer J. van<br>Duin.<br>Mochten tijdens de werkzaamheden onverhoopt toch archeologische resten worden<br>aangetroffen, of resten waarvan redelijkerwijze kan worden vermoed dat het om<br>archeologische resten gaat, dan geldt op grond van de Erfgoedwet (art. 5.10) een<br>meldingsplicht. Dit kan bij de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE,<br>www.cultureelerfgoed).</p>
提供机构:
Laagland Archeologie
创建时间:
2021-07-02
二维码
社区交流群
二维码
科研交流群
商业服务