five

Bureauonderzoek Archeologie en Inventariserend Veldonderzoek (verkennende en karterende fase) Plangebied Reeverweg 52, te Harfsen Gemeente Lochem

收藏
DANS Data Station Archaeology2020-10-05 更新2026-04-09 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/DANS-XUN-EHM9
下载链接
链接失效反馈
官方服务:
资源简介:
<p>Hamaland Advies heeft in opdracht van Maatschap HJW Veeneman en WJA Veeneman een archeologisch onderzoek uitgevoerd voor het plangebied aan de Reeverweg 1 te Harfsen. Het plangebied bestaat uit het nieuwe bouwvlak waar uitbreidingen van het boerenerf met stallen en schuren, sleufsilo’s en erfinrichting zijn gepland. Het plangebied beslaat het nieuwe bouwvlak van ca. 1,736 ha (17.360 m²). Dit onderzoek is uitgevoerd in het kader van een bestemmingsplanwijziging ter vergroting van het bouwvlak en de aanvraag van een omgevingsvergunning. Op basis van de cultuurhistorische waardenkaart van de gemeente Lochem en het bestemmingsplan Buitengebied Lochem 2015 en het Paraplubestemmingsplan Archeologie 2014, blijkt dat met de geplande bodemingreep mogelijk archeologische waarden kunnen worden verstoord. In het bestemmingsplan ligt het plangebied in Waarde-Archeologie 5, 6 en 7. Bij een aanvraag voor een omgevingsvergunning voor het oprichten van een bouwwerk groter dan 250 m² en waarbij de bodemingreep dieper is dan 0,3 m beneden maaiveld bij Waarde-Archeologie 5, groter dan 1.000 m² en waarbij de bodemingreep dieper is dan 0,3 m beneden maaiveld bij Waarde-Archeologie 6 en groter dan 2.500 m² en waarbij de bodemingreep dieper is dan 0,3 m beneden maaiveld bij WaardeArcheologie 7, moet de aanvrager een rapport overleggen, waarin de archeologische waarde van de gronden waarop de aanvraag betrekking heeft voldoende is vastgesteld. Het centrale deel van het plangebied ligt op een dekzand met een hoge verwachting. De overige delen liggen in een vlakte van verspoeld dekzand en op een landduin met een hoge verwachting.</p><p>De dekzandrug heeft een hoge verwachting voor vindplaatsen uit de periode LaatPaleolithicum tot de Nieuwe Tijd en een hoge verwachting voor vindplaatsen uit de Nieuwe Tijd door de ligging nabij het bestaande erf dat uit 1811 dateert. Het plangebied is historische kaarten vanaf 1811 in het noordoostelijk deel bebouwd geraakt en het overige deel is altijd agrarisch in gebruik geweest. Uit het inventariserend veldonderzoek (verkennende en karterende fase) is gebleken dat de bodem als gevolg van ontginning van het heideveld en de aanleg van het erf vanaf 1811 verstoord is geraakt. De top van het dekzand is vermengd met de oorspronkelijke bodem die uit een laarpodzol en een veldpodzol bestond. Dit kon ook worden herleid uit boring 18, de enige boring waar een intacte (veld)podzol is aangetroffen.</p><p>Op basis van de resultaten van het verkennend en karterend booronderzoek is gebleken dat de oorspronkelijke bodem in vrijwel het gehele plangebied verstoord is geraakt als gevolg van ontginning en ploegwerkzaamheden in de 19e en 20e eeuw. Hamaland Advies adviseert derhalve om alle deelgebieden vrij te geven voor de voorgenomen ontwikkelingen. De kans dat met graafwerkzaamheden archeologische waarden verloren gaan, wordt gering geacht.</p><p>De rapportage en het selectieadvies is getoetst door het bevoegd gezag (gemeente Lochem) en diens adviseur, de regio-archeoloog van de Stedendriehoek (dhr. H.G. Pape-Luijten). De tekstuele opmerkingen zijn verwerkt in deze definitieve versie. Op basis van het archeologisch onderzoek kan worden geconcludeerd dat de bodem in het plangebied voor het overgrote deel niet meer intact is, waardoor de kans op het in situ aantreffen van archeologische resten gering is. Daarom adviseert Hamaland Advies vrijgave van het plangebied. De gemeente Lochem onderschrijft dit advies. Het plangebied kan worden vrijgegeven voor wat betreft archeologie.</p><p>Het archeologisch proces is met het definitief maken van het rapport, afgerond. Het uitgevoerde onderzoek is op zorgvuldige wijze verricht volgens de algemeen gebruikelijke inzichten en methoden. Het archeologisch onderzoek is erop gericht om de kans op het aantreffen dan wel vernietigen van archeologische waarden bij bouwwerkzaamheden in het plangebied te verkleinen.</p><p>Verder dient te allen tijde bij het afgeven van een omgevingsvergunning de wettelijke meldingsplicht (Erfgoedwet 1-7-2016, art. 5.10 en 5.11) kenbaar te worden gemaakt, om het documenteren van toevalsvondsten te garanderen. Deze aangifte dient te gebeuren bij de RCE te Amersfoort. Het verdient aanbeveling ook de regio-archeoloog van de gemeente Lochem (dhr. H.G. Pape-Luijten) hiervan per direct in kennis te stellen.</p>
提供机构:
Hamaland Advies
创建时间:
2020-10-06
二维码
社区交流群
二维码
科研交流群
商业服务