five

Transect-rapport 1804: Archeologisch Bureauonderzoek en Inventariserend Veldonderzoek, IVO Verkennende Fase. Maassluis, Het Spectrum, Gemeente Maassluis (ZH)

收藏
DANS Data Station Archaeology2018-10-08 更新2026-04-09 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/DANS-ZTC-A9T9
下载链接
链接失效反馈
官方服务:
资源简介:
<p>In augustus 2018 is een archeologisch vooronderzoek uitgevoerd in een plangebied aan de Fenacoliuslaan 3 in Maassluis (gemeente Maassluis). De aanleiding van het onderzoek vormen de plannen om op dit adres een deel van het schoolgebouw “Het Spectrum” te slopen en te vervangen voor appartementen en woningen. In het plangebied geldt in het bestemmingsplan Stationsgebied e.o. (2010) een bestemming archeologische waarde. Dit betekent dat een archeologisch verplicht is bij bodemingrepen met een oppervlakte groter dan 200 m2 en dieper dan 200 cm -Mv. Gezien de omvang van de voorgenomen ontwikkeling in het gebied, is een archeologisch vooronderzoek in het gebied noodzakelijk. Dit rapport beschrijft de resultaten van het archeologisch vooronderzoek in het plangebied en voorziet in die plicht. • Op basis van het bureauonderzoek was op voorhand niet direct een verwachtingspatroon bekend voor het plangebied. Dit kwam met name door de onbekendheid met de bodemopbouw ter plekke van het plangebied. Uit verschillende bronnen viel in ieder geval af te leiden dat er in de ondergrond in het Mesolithicum een rivier heeft gelegen, waarlangs toen gewoond kon worden en dat het plangebied in een kweldergebied lag (in de periode IJzertijd-Vroege Middeleeuwen). Beide elementen zorgden zodoende voor bewoningsmogelijkheden, waarop in principe een verwachting bestond. De Mesolithische resten bevonden zich echter te diep om te kunnen onderzoeken (12 m - Mv), waardoor het onderzoek zich beperkte tot de bovenste 5,0 m. Voor wat betreft de Late Middeleeuwen-Nieuwe tijd geldt in principe een lage archeologische verwachting aangezien op historisch kaartmateriaal in het plangebied geen oude bebouwing staat ingetekend. Deze lijkt juist direct ten oosten van het plangebied aanwezig. • Uit het veldonderzoek blijkt dat het plangebied oorspronkelijk in een kreekgeul gelegen heeft in de periode IJzertijd-Vroege Middeleeuwen. De ligging in een geul betekent doorgaans dat de landschappelijke omstandigheden relatief nat waren en niet heel geschikt voor bewoning. Dit viel te meer af te leiden aan het gegeven dat er geen sporen van bodemvorming in de kwelder- of kreekafzettingen aanwezig waren. Getuige de aanwezigheid van een grijze kleilaag op de kreekgeul is deze in de late Middeleeuwen door een overstroming begraven geraakt, waarna in de 20e eeuw het plangebied met 3,0 m zand is opgehoogd. Deze ophoging vond plaats ten behoeve van de aanleg van de huidige bebouwing. Het moderne ophogingspakket en de laatmiddeleeuwse overstromingsafzettingen zijn verder niet van archeologische waarde, vanwaar voor het grootste deel van het plangebied de verwachting uit het bureauonderzoek (tot een diepte van 5,0 m -mv) naar laag kon worden bijgesteld. • Uitzondering hierop vormt een oude puinlaag, waarin boring 1 in het oostelijk deel van het plangebied is gestaakt. Uit het bureauonderzoek blijkt dat de plek waar boring 1 is geplaatst vlak langs de Zuidgeer ligt, een dijk c.q. watergang waar ook bebouwing in de 18e eeuw aanwezig is. Het is niet uitgesloten dat het gevonden puin en de donkere ophogingslaag (waarin het puin zit) uit die tijd dateert. De top van deze laag bevindt zich op 155 cm -Mv en vormt zodoende binnen het plangebied een archeologisch relevant niveau. Archeologisch is het onverstoord.</p>
提供机构:
Transect
创建时间:
2018-10-09
二维码
社区交流群
二维码
科研交流群
商业服务