five

Bureauonderzoek en Verkennend Booronderzoek Archeologie Plangebied Kerkweg 49-51 te Aerdt Gemeente Zevenaar

收藏
DANS Data Station Archaeology2019-03-21 更新2026-04-09 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/DANS-ZE4-5GGT
下载链接
链接失效反馈
官方服务:
资源简介:
<p>Conclusie Bureauonderzoek Op grond van de bestudeerde bronnen kan geconcludeerd worden dat het plangebied een hoge trefkans heeft op archeologische resten uit alle perioden met uitzondering van de Tweede Wereldoorlog. Het plangebied is vanaf 1830 al bebouwd geweest en mogelijk al eerder aangezien het deel uit maakt van de laatmiddeleeuwse kern van Aerdt. Tegenwoordig is het plangebied deels bebouwd, maar werd deze bebouwing grotendeels gesloopt ten tijde van het booronderzoek. Het bebouwde deel heeft een verstoringsdiepte van 0,60-1,80 m-mv. Het niet bebouwde deel heeft een verwachte verstoring variërend van 0,50-0,80 m-mv. Geotechnisch onderzoek in de omgeving van het plangebied toont aan dat het zand van de stroomrug zich vanaf 2,10 m-mv bevindt. Daarboven ligt komklei. Het onbebouwde en bebouwde deel van het plangebied is nog niet tot in de archeologische waardevolle lagen (volledig) verstoord. Er kunnen zich nog mogelijk vindplaatsen in situ bevinden. Sloop van de gebouwen zonder verder archeologische onderzoek is derhalve niet toegestaan. De nieuwe bebouwing zorgt voor een nieuwe bodemverstoring met een diepte van meer dan 30 cm-mv en door vorstvrije fundering meer dan 0,80 m-mv. Deze ontwikkelingen kunnen archeologisch waardevolle lagen die zich in en onder de bouwvoor in de komklei van de Formatie van Echteld, bevinden, verstoren. Als geheid wordt zal ook de prehistorische zandlagen van de Formatie van Kreftenheye worden verstoord. Daarom is aansluitend een inventariserend veldonderzoek uitgevoerd in de vorm van een verkennend booronderzoek om de daadwerkelijke mate van intactheid van de bodem vast te stellen.</p><p>Booronderzoek Het verkennend booronderzoek heeft aangetoond dat er in het plangebied sprake is van een intacte bodemopbouw. Onder de oorspronkelijke bouwvoor is een oudere cultuurlaag aangetroffen. Deze cultuurlaag ligt op komafzettingen van de Formatie van Echteld, die geleidelijk overgaan in oeverafzettingen van dezelfde Formatie. In de oorspronkelijke bouwvoor is een fragment 15e-eeuws aardewerk aangetroffen.</p><p>Selectieadvies Indien bodemingrepen niet dieper plaatsvinden dan 50 cm-mv adviseert Hamaland Advies om geen vervolgonderzoek uit te voeren. De archeologisch relevante laag, de oude cultuurlaag uit de 12e-17e eeuw met daarin sporen van bewoning (fosfaten, houtskoolspikkels en baksteenspikkels) zal dan niet verstoord worden. Indien de geplande bodemingrepen wel dieper dan 50 cm-mv reiken, adviseert Hamaland Advies om een proefsleuvenonderzoek uit te voeren met de mogelijkheid tot doorstart naar een opgraving. De resultaten van dit onderzoek zijn beoordeeld op 21 maart 2019 door de archeologisch adviseur (drs. J. Habraken) van de bevoegde overheid (gemeente Zevenaar, mw. L. Werdmuller). De heer Habraken heeft het bovengenoemde advies onderschreven, zodat, indien bodemingrepen niet dieper plaatsvinden dan 50 cm-mv, proefsleuven uit dienen te worden gevoerd. De opdrachtgever heeft 19 maart 201964 aangegeven dat de nog te slopen (drie) kelders onder de bestaande stallen de enige bodemingrepen zijn die dieper dan 50 cm-mv gaan. Derhalve zal voor de sloop van deze kelders, een sloopbegeleiding te worden uitgevoerd. </p><p>Voorbehoud Voor de sloopbegeleiding van de drie kelders dient voor de werkzaamheden starten, een PVE te worden opgesteld en te worden goedgekeurd door het bevoegd gezag en de archeologisch adviseur (drs. J. Habraken). Het uitgevoerde onderzoek is op zorgvuldige wijze verricht volgens de algemeen gebruikelijke inzichten en methoden. Het archeologisch onderzoek is erop gericht om de kans op het aantreffen dan wel vernietigen van archeologische waarden bij bouwwerkzaamheden in het plangebied te verkleinen. Verder dient te allen tijde bij het afgeven van een omgevingsvergunning de wettelijke meldingsplicht (ex artikel 5.10 en 5.11 van de Erfgoedwet) kenbaar te worden gemaakt, om het documenteren van toevalsvondsten te garanderen: “Degene die anders dan bij het doen van opgravingen een zaak vindt waarvan hij weet dan wel redelijkerwijs moet vermoeden dat het een monument is (in roerende of onroerende zin), meldt die zaak zo spoedig mogelijk bij onze minister”. Deze aangifte dient te gebeuren bij de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed in Amersfoort, de verantwoordelijke ambtenaar van de gemeente Zevenaar (mw. L. Werdmuller) en de archeologisch adviseur (drs. J. Habraken) van de bevoegde overheid.</p>
提供机构:
Hamaland Advies
创建时间:
2019-03-22
二维码
社区交流群
二维码
科研交流群
商业服务