Archeologisch onderzoek Naardermeer Fase 3 te Naarden, gemeente Gooise Meren
收藏DataCite Commons2026-03-09 更新2026-04-25 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/AR/5OZWSJ
下载链接
链接失效反馈官方服务:
资源简介:
<p>In opdracht van de provincie Noord-Holland heeft Sweco Nederland B.V. een archeologisch
inventariserend veldonderzoek verkennende fase uitgevoerd naar de locatie tussen de
Meerkade en de Overscheenseweg te Naarden, gemeente Gooise Meren (zie bijlage 1). De
aanleiding voor dit onderzoek is het verbreden van enkele bestaande watergangen binnen
het plangebied. </p><p>
Op basis van het uitgevoerde bureauonderzoek is een gespecificeerde archeologische
verwachting opgesteld. De archeologische verwachting is aangepast voor het huidige
inventariserend veldonderzoek. </p><p>
In de top van het dekzand kunnen archeologische resten worden verwacht daterend van het
Laat-Paleolithicum tot en met het Laat-Neolithicum (2000 v. Chr.). Uit genoemde periodes
kunnen resten van bewoning, zoals nederzettingen en jachtkampjes worden gevonden. Ook
kunnen graven aanwezig zijn. De diepteligging van de top van het dekzand varieert van
circa 2,6 m -mv in het noordwestelijke deel van het plangebied tot circa 0,7 m -mv in het
zuidelijke deel van het plangebied. De archeologische verwachting geldt voornamelijk voor
de koppen en de flanken van dekzandruggen. De archeologische verwachting is afhankelijk
van de intactheid van het dekzand. </p><p>
Vanaf de Bronstijd was het gebied vermoedelijk niet meer bewoonbaar door veengroei en
de vorming van het Naardermeer. Vermoedelijk is de regio pas in de periode van de
bedijkingen weer bewoonbaar. Voor de periode Bronstijd-Vroege Middeleeuwen geldt
derhalve geen archeologische verwachting. </p><p>
Vanaf de Late Middeleeuwen vindt in de omgeving van het plangebied weer bewoning
plaats. Op basis van de geraadpleegde kaarten worden in de omgeving met name resten
van molens en erven verwacht. De resten hiervan worden direct aan maaiveld verwacht. Op
basis van de geraadpleegde kaarten bevinden dergelijke resten zich niet binnen de
geplande grondwerkzaamheden van het huidige inventariserend veldonderzoek. Het is
echter niet uit te sluiten dat hier wel bewoning plaatsvond voordat de oudst geraadpleegde
kaart van het Naardermeer uit 1629 is opgesteld. De verwachting op de aanwezigheid van
archeologische resten ter plaatse van de grondwerkzaamheden vanaf 1629 is laag.
</p><p>
De resten zijn vermoedelijk goed bewaard en geconserveerd gebleven door de hoge
grondwaterstand en de vermoedelijk beperkte grondbewerkingen die hebben
plaatsgevonden. </p><p>
Het veldwerk voor het inventariserende veldonderzoek is verricht op 16 tot en met 20 juni
2025. Hierbij zijn 99 handmatige grondboringen verricht met behulp van een Edelmanboor
met een diameter van 7 cm en een guts van 3 cm. De boringen zijn uitgevoerd tot 0,3 m in
de C-horizont en/of tot een maximale diepte van 2,1 m beneden maaiveld. De boringen zijn
gezet in een lijnsegment van om de 50 m.
</p><p>
In het plangebied zijn er afzettingen van het Naardermeer aangetroffen. Nabij het
Naardermeer zijn deze afzettingen aangetroffen op een dun laagje (detritus)veen of op het
dekzand. Verder van het Naardemeer af, nabij de Overscheenseweg, is het veenpakket
dikker waarna het overgaat in dekzand. In de boringen is te zien dat er een sterke stroming
van water is geweest in het verleden. Op veel plekken zijn er verspoelde dekzandlagen
waargenomen, zo ook onder het veen. Dit betekent dat er voordat het gebied met veen is
bedekt het gebied ook onderhavig is geweest aan een mogelijke stroming van water. </p><p>
In veel boringen is de podzolbodem verspoeld tot de B-horizont, die in veel gevallen verkit is
en daardoor moeilijk verspoeld raakt. Eventuele archeologische resten zoals vuursteen
zullen niet meer in context aanwezig zijn. De archeologische verwachting op resten uit het
Laat-Paleolithicum tot en met het Laat-Neolithicum zal enkel nog te handhaven zijn bij een
locatie met een aanwezige E-horizont. </p><p>
Met de voorgenomen werkzaamheden, waarbij er watergangen worden gegraven tot 1,8 m
–NAP, zal het dekzand in een groot deel van het plangebied niet worden geraakt.
In bijlage 3 staat aangegeven in het rood waar het dekzand wel wordt geraakt en in oranje
in de bufferzone van 1,8 tot 2,0 m -NAP. </p><p>
Op basis van de resultaten van het inventariserend veldonderzoek wordt voor het
plangebied vervolgonderzoek aanbevolen. Geadviseerd wordt om een inventariserend
veldonderzoek in de vorm van een karterend booronderzoek uit te voeren ter hoogte van
boorpunten 28 en 56. Met het karterende booronderzoek kan worden bepaald of er ter
hoogte van de locaties met een intacte E-horizont nog archeologisch materiaal wordt
aangetroffen in de vorm van bijvoorbeeld vuursteenvondsten en resten van
vuursteenbewerking. </p><p>
Bij elke verkennende boring met een intacte podzol (boringen 28 en 56) worden vier
karterende boringen met een megaboor uitgevoerd. De boringen worden op ca. 12,5 m
afstand van de verkennende boringen geplaatst in de vier windrichtingen. De karterende
boringen worden uitgevoerd tot ca. 0,3 m in het dekzand. De top van het dekzand wordt
gemonsterd en gezeefd over een zeef met een maaswijdte van 3 mm. Het zeefresidu wordt
geïnspecteerd op de aanwezigheid van archeologische vondsten of indicatoren.</p>
受北荷兰省委托,斯维科荷兰有限公司(Sweco Nederland B.V.)在纳尔登(Naarden)市古伊-默伦(Gooise Meren)辖区内的米尔卡德(Meerkade)与奥弗谢恩斯路(Overscheenseweg)之间区域开展了考古勘探性田野调查(详见附件1)。本次调查的起因是对规划区内的部分现有水道进行拓宽工程。
基于前期室内研究,我方已制定考古遗存预期框架,并结合本次考古勘探工作对该预期进行了更新。
冰碛砂层(dekzand)顶部可发现旧石器时代晚期至新石器时代晚期(公元前2000年)的考古遗存,包括定居点、狩猎营地等居住遗迹,同时可能存在墓葬。冰碛砂层顶部的埋深范围为:规划区西北部约2.6米(低于荷兰国家基准面NAP),南部区域约0.7米。考古遗存预期主要适用于冰碛砂脊的顶部与侧翼,且该预期的有效性取决于冰碛砂层的完整性。
自青铜时代起,该区域因泥炭发育与奈湖(Naardermeer)的形成而不再适宜人类居住,直至围垦时期才重新具备人居条件。因此,青铜时代至中世纪早期的区域内无考古遗存预期。
中世纪晚期起,规划区周边重新出现人类活动。根据查阅的历史地图,该区域预期可见磨坊与庄园遗迹,这类遗存通常埋藏于原生地表之下。经核查,此类遗迹不在本次考古调查覆盖的规划施工范围内,但无法排除在1629年首张奈湖地图绘制前,该区域已存在人类活动的可能。因此,1629年之后的规划施工区域内,考古遗存的预期等级较低。
受高地下水位与有限的过往农耕活动影响,区域内的考古遗存大概率保存完好。
本次考古勘探田野工作于2025年6月16日至20日开展,采用直径7cm、钻杆长度3cm的埃德尔曼钻(Edelmanboor)完成了99个手动钻探。钻探深度要求为:钻至C层(C-horizont)以下0.3米,或最大钻至地表下2.1米。钻探点按每50米的间距布置为线段状。
规划区内发现了奈湖沉积层。靠近奈湖的区域,该沉积层覆盖于薄层(碎屑)泥炭或冰碛砂层之上;远离奈湖、靠近奥弗谢恩斯路的区域,泥炭层厚度更大,逐渐过渡为冰碛砂层。钻探结果显示,该区域历史上曾存在强烈的水动力作用,多处可见被冲刷改造的冰碛砂层,甚至泥炭层之下也有此类沉积,说明在区域被泥炭覆盖前,也曾遭受过水动力扰动。
多数钻探剖面中,灰化土(podzolbodem)被冲刷至B层(B-horizont),而B层在多数情况下已发生粘化,难以进一步被冲刷。因此,诸如燧石类的考古遗存已无法保留在原生埋藏层位中。旧石器时代晚期至新石器时代晚期的考古遗存,仅可能在含有E层(E-horizont)的区域得以保留。
本次规划的施工活动将水道开挖至1.8米-NAP,因此规划区内大部分区域不会触及冰碛砂层。附件3以红色标注了将触及冰碛砂层的区域,以橙色标注了1.8至2.0米-NAP的缓冲带区域。
基于本次考古勘探的结果,建议对规划区开展后续调查:建议在钻探点28与56处开展剖面测井钻探(karterend booronderzoek),以确认含有完整灰化土的区域是否仍存在燧石制品、燧石加工遗存等考古材料。
针对每一处含有完整灰化土的勘探钻孔(即钻孔28与56),需布设4个巨型钻(megaboor)剖面测井钻孔,钻孔间距勘探钻孔约12.5米,沿四个方位布置。剖面测井钻探需钻至冰碛砂层以下约0.3米,采集冰碛砂层顶部样品并过3mm孔径筛网,对筛余物进行考古遗存或指示物的检查。
提供机构:
DANS Data Station Archaeology
创建时间:
2026-03-03



