Transect-rapport 2072: Archeologisch bureauonderzoek en inventariserend veldonderzoek, verkennende fase. Made, Moerbeistraat (ong.). Gemeente Drimmelen.
收藏DANS Data Station Archaeology2019-02-17 更新2026-04-09 收录
下载链接:
https://archaeology.datastations.nl/citation?persistentId=doi:10.17026/DANS-ZR7-ZPAV
下载链接
链接失效反馈官方服务:
资源简介:
<p>In februari 2019 is een archeologisch vooronderzoek uitgevoerd in een plangebied aan de Moerbeistraat ongenummerd in Made (gemeente Drimmelen). De aanleiding voor het onderzoek vormt de wijziging van het bestemmingsplan van een bedrijfsbestemming naar een woonbestemming. Daarnaast zullen er twee vrijstaande woningen gerealiseerd worden binnen het plangebied. </p><p>In het plangebied geldt in het vigerende bestemmingsplan een dubbelbestemming Waarde Archeologie 1. Een archeologisch onderzoek is verplicht bij bodemingrepen met een oppervlakte groter dan 100 m2 en dieper dan 50 cm -Mv. Dit betekent dat gezien de omvang van de voorgenomen bodemingrepen archeologisch vooronderzoek nodig is.</p><p>Het archeologisch vooronderzoek bestaat uit een gecombineerd onderzoek, te weten een archeologisch Bureauonderzoek (BO) en een Inventariserend Veldonderzoek (IVO), verkennende fase.<br>Het doel van het archeologisch bureauonderzoek is het specificeren van de archeologische verwachting, dat wil zeggen het aan de hand van beschikbare en nieuwe informatie over de archeologie, cultuurhistorie, geomorfologie, bodemkunde en grondgebruik, bepalen van de kans dat binnen het plangebied archeologische resten kunnen voorkomen. Hiervoor is onder andere het centraal Archeologisch Informatiesysteem (Archis) van de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE) geraadpleegd, waarin de Archeologische MonumentenKaart (AMK) is opgenomen. Aanvullende (cultuur)historische informatie is verkregen uit divers voorhanden historisch kaartmateriaal. Om inzicht te krijgen in de opbouw en ontwikkeling van het landschap zijn onder andere de bodemkaart en beschikbaar geologisch-geomorfologisch kaartmateriaal geraadpleegd. </p><p>Het doel van het inventariserend veldonderzoek is het toetsen en waar mogelijk bijstellen van de gespecificeerde archeologische verwachting, door het verzamelen van informatie over de feitelijke bodemopbouw, bodemreliëf en bodemintactheid in het plangebied. Hiermee ontstaat inzicht in de landschapsvormende processen en landschappelijke eenheden uit het verleden. Op basis hiervan kan een oordeel worden gegeven over waar, wanneer en in hoeverre het gebied in het verleden geschikt was voor de mens. Het inventariserend veldonderzoek is uitgevoerd in de vorm van een booronderzoek (IVO-O).</p><p>Op basis van het archeologische vooronderzoek is vastgesteld dat het archeologisch relevante niveau in het plangebied, de top van het dekzandpakket, is aangetast door werkzaamheden ten behoeve van de bouw of sloop van de voormalige panden in het plangebied of de hiermee gepaard gaande saneringen. Hierdoor is de ondergrond tot een diepte van 55-75 cm -Mv geroerd geraakt, waardoor de oorspronkelijke hoge verwachting op het aantreffen van archeologische waarden uit het Laat-Paleolithicum tot en met de Vroege Middeleeuwen naar een lage verwachting is bij te stellen. Op het aantreffen van archeologische waarden uit de periode Late Middeleeuwen – Nieuwe tijd was in het bureauonderzoek reeds een lage verwachting vastgesteld.</p>
提供机构:
Transect
创建时间:
2019-02-18



